Tata Steel Chess 2020

De tienkampen

Derde ronde
zondag 19 januari 2020

Een prachtige dag en bijna geen wind in de duinen. Nanny rijdt met mij mee. Berend van Maassen zien we niet. Die is niet alleen als een haas zo snel, maar ook nog eens eerder van huis gegaan. Dat is dus tegen de regels. Zo wordt het wel erg moeilijk voor ons schildpadden.

Terwijl de schakers de Moriaan binnen drommen gaan wij kijken of er een plaatsje vrij is gekomen in Sonnevanck. Het is er gezellig druk. Maar we krijgen koffie. Als we willen afrekenen blijkt het een rondje van de zaak te zijn. Alleen voor ons. Omdat we er zo vaak komen. En daar worden we helemaal blij van.

In de Moriaan spreek ik Laurens Duin. Die heeft de naam dat hij ‘s nachts leeft en overdag slaapt. Hoe doe jij dat nou, vraag ik hem. Ja dat is afzien, zegt hij, ik ga al om zes uur ‘s morgens naar bed en dan kom ik er om twaalf uur al weer uit. Hij weet niet of hij dat vol gaat houden, misschien haalt hij de rustdag. Kan hij alles inhalen.

Gerard van den Bergh, Gerard Kuijs en jan Koopman

Het is trouwens stampvol in de Moriaan. Alle looppaden zitten verstopt. En dan is er ook nog een aap, die doodleuk zijn scootmobiel midden in een gangpad parkeert, waarna hij daar vrolijk uit huppelt en tussen de rijen door scharrelend clubgenoten gaat begroeten, ons met een serieus verkeersinfarct opzadelend. Oh wat verlang ik naar de maandag.

*

Ik volg zo goed en zo kwaad als het gaat de partij van Richard Schelvis en ondertussen doe ik ook nog wat geheime kunstjes met mijn camera. Dat gaat helemaal niet goed. Ik kan maar een ding tegelijk. Alle foto’s staan scheef. Ik lijk wel dronken.

***



In 2008 liet Berend van Maassen ons ook al zijn achterwiel zien. Maar niet alles is het zelfde gebleven. Charlie Zwemstra, Paul de Rooi en Lex Jongsma leefden toen nog en nu niet meer. Tempora mutantur.

20 januari 2008

Zullen we gaan lopen naar Wijk aan Zee, vraagt Nanny. De paden zijn nat, de lucht is loodgrijs en het waait dat het een lust heeft. Echt weer om te wandelen. Maar ik geef geen krimp en trek de wandelschoenen aan. In het duin verdwalen we. Oudendijk, Wijk aan Duinpad, Voorweg, Het Laantje, Strengweg, we lopen weer recht op Heemskerk af. Zal ik Ronald bellen, vraagt Nanny. Dat nooit, zeg ik en schakel over van wandelpas naar looppas, met Nanny krakend in mijn kielzog. Creutzberglaan, Bankenlaan, Begraafplaats, daar heb je eindelijk de Zeeweg. Berend van Maassen rijdt ons vrolijk lachend achterop. Als julie flink doorstappen, dan haal je het. Heb je zwart, zal ik al vast je eerste zet doen, zeker e6? Ja, dat is goed, zeg ik en schakel van looppas soepel over naar draf. Heel in de verte hoor ik Nanny nu roepen: dat doe ik dus nooit meer. Moet je maar niet van die rare dingen schrijven in langs de zijlijn, roep ik terug. Drie minuten over tijd kom ik binnen en even later Nanny. Zij gaat in de commentaartent kijken. Nog weer even later ben ik klaar. Ik ga bij Ronald kijken. Zwemstra-Maat, Match Of The Day. Ronald riskeert twee keer stukverlies. De tweede keer is het raak. Ach, zegt Ronald, Charlie is de oudste, hij verdient het. Ja, zo win je geen toernooi. Moet je niet zeggen, zegt Ronald, weet je nog, Paul de Rooi, die begon met vier nullen en won toen vijf keer achter elkaar. Ik mag met hem meerijden naar huis. Morgen zien we verder.

Wandelen

“Zullen we naar Wijk aan Zee gaan lopen?” stelde ik voor. Negen dagen lang achter een schaakbord zitten is niet bepaald goed voor de conditie ook al gebeurt het in een sportzaal. Halverwege de Oudendijk bedachten we dat we de duinkaart thuis hadden laten liggen. Het was misschien ook via de Creutzberglaan, langs de begraafplaats en over de Zeeweg goed te doen. Maar we verdwaalden in het duin en het tempo werd steeds verder opgeschroefd. Natuurlijk had ik al lang vreselijk spijt van mijn overmoedig idee. “Als je flink doorstapt haal je het nog wel!” riep Berend van Maassen die ons op de Zeeweg achterop kwam fietsen. Nog flinker? Drie minuten over half twee kwamen we, de uitputting nabij, bij de Moriaan aan. (Ben benieuwd wat voor invloed dit heeft op de schaakprestaties)

Na weer wat bijgekomen te zijn, wilde ik naar huis maar de bus was net weg. Ik besloot even te gaan kijken wat er in de commentaartent te doen was. Twee honderd man zaten ademloos te kijken naar een soort cabaretvoorstelling door twee heren. In de ene herkende de ik Lex Jongsma: “Dis is e riemarkebel moef, not so bed et ol”. De ander sprak met een zwaar Oost-Europees accent en banjerde met een kop koffie over het toneel “You are realllly wellll educated!” Af en toe, als ome Lex met de stukken op het demonstratiebord aan het schuiven was, stelde de ander de zaal een quizvraag. Wie kwam er altijd 5 minuten te laat vanwege de fotografen? Dat was kennelijk niet zo moeilijk en nog actueel ook op het ogenblik: Fisher, riepen er een paar uit de zaal. En dan was er nog de Joegoslaaf, een Serviër eigenlijk die ‘The Toiletplayer’ genoemd werd omdat hij stiekem een zakschaakspelletje meenam op het toilet? “Er hat eine Zigeunerin geheiratet” schakelde de Rus op het Duits over “Ich hab noch gegen ihm gespielt!” riep de heer Jongsma uit. Er golfde er een lach door de zaal waardoor ik het antwoord niet verstaan heb. Vermakelijk was het wel. In ieder geval had ik de volgende bus ook gemist.