Vleermuis 53

Op 9 december 1981 bestaat Weenink 50 jaar. Naar aanleiding daarvan verschijnt er een jubileumboekje, samengesteld en vormgegeven door Frans Koopman, in een oplaag van 250 exemplaren.

Het bevat “zo om en nabij” de geschiedenis van 50 jaar Weenink, van 1931 tot 1981. Elk rechtgeaard Weenink-lid bezit een exemplaar. Die hoef ik dus niets te vertellen. Toch heb ik er één verhaaltje uit gepikt. Het is een wedstrijdverslag. Eentje naar mijn hart. Het vijfde van Weenink speelt met TIEN man tegen VHS. Toen nog wel. Je hebt er geen bord bij nodig. Dat is niet erg. De zetten kunnen me gestolen worden. Let op de namen. Keymans, Vogel, Schoof en Pruis. Die wil je toch niet tegenkomen? Daar is geen woord Frans bij. En een neuriënde Koopman. Bij hem dan weer wel. Maar wie is narretje?

Quintet? Narretje is een grappenmaker. En VHS schrot. Toen al.

Vleermuis 29


Koningsclub–Castricum

Een paar weken geleden kwam Piet van Wonderen van de Schaakvereniging Castricum bij mij langs gefietst met het clubblad “De Schaakbode” van december 1982. Dat was naar aanleiding van mijn verhaal over de wedstrijd van Weenink tegen de Koningsclub in 1985. Ook Castricum had (een beetje) dwarsgelegen op het pad dat de Koningsclub voor zichzelf hakte op weg naar boven, getuige het verslag van Jo Clarijs.

Verslag

In de Kennemer Sporthal te Haarlem moesten wij tijdens de grote schaakhappening op 16 oktober 1982, ter gelegenheid van het vijftigjarige bestaan van de NHSB, aantreden tegen de “profclub” van Pagel.

Vorig jaar speelde ons tweede achttal tegen hen en het werd in eigen huis 0-8! Bij deze gelegenheid schreef Rob Hartoch in het Parool van 27 februari 1982 onder meer “De Koningsclub van de heer Pagel uit Bergen, uitkomend in de eerste klasse van de Noordhollandse Schaakbond, zet zijn opmars naar de hoofdklasse van de KNSB gestadig voort. Verrassend is dit geenszins, want ons eerste achttal bestaat uit louter internationale (groot)meesters en subtoppers!”

Nu verloor de Koningsclub in de promotieklasse tegen Castricum meteen al 2½ punt in één wedstrijd en dat zullen ze niet leuk gevonden hebben! Het werd 7½-2½ met twee verliespartijen en één remise, die Rob Hartoch aan het eerste bord zelf aanbood!

Trouwens, hun organisatie was in het begin al slecht. Een kwartier na de gongslag stonden er drie borden, waar ze als “thuisclub” zelf voor moesten zorgen! Na een half uur wachten waren er nog maar acht borden en waarom werden hun klokken niet aangezet? Nu, die waren er niet! Een speech van de heer Pagel of van de wedstrijdleider Marcus kon er niet af, evenmin als een gratis consumptie! Dat zijn de heren profschakers bij ons in De Kern wel anders gewend. Maar Pagel schijnt naar werd gezegd de hele happening in Haarlem te hebben bekostigd! Dus alles maar vergeven, maar niet vergeten, want we willen deze heroïsche strijd van onze eigen amateurs graag vastleggen, compleet met partijen.

R. Hartoch – Hans Molenbroek ½-½; J. de Lange – Ger Holsteijn 1-0;
P. van der Weide – Cas Amende 0-1; J. Marcus – Robert van der Wal 1-0;
D. van Geet – Fred Kok 1-0; H. Wieringa – Kees Lute 1-0;
A. de Savornin Lohman – Willem Pool sr. 1-0; B. Gutman – Willem Meijer 1-0;
P. Coen – Gerard Baars 1-0; J. van der Zwan– Jo Clarijs 0-1;

Ook al wonnen de profschakers zeven partijen, gemakkelijk ging het niet! Alleen Baars ging na een misser in de opening snel ten onder. Maar Holsteijn, Van der Wal, Pool en Meijer hielden lang stand, evenals Lute. Fred Kok had snel een eindspel met lichte stukken tegen Van Geet en één pion minder, die hij niet terugzag en na lange strijd verloor ook hij. Amende en Clarijs hadden aan het eind van de avond plotseling gewonnen, terwijl Molenbroek dus allang klaar was met remise.

Partijen

Jo Clarijs verslaat een tegenstander die kennelijk geen remise mag maken van zijn baas en vervolgens ernstig de weg kwijt raakt. Het commentaar bij de zetten is (op één voorbeeld na) weggelaten, het vertekent de zaak te veel in het voordeel van zwart. En aan het eind, zo tussen de veertigste en vijftigste zet, zullen beide spelers in tijdnood zijn geweest: de wederzijdse fouten stapelen zich dan op. Maar het uiteindelijke resultaat mag er zijn.

(Over Clarijs, hij is er jammer genoeg al een tijdje niet meer, heb ik ergens eens het volgende stukje gelezen en bewaard. Het gaat over een optreden tijdens het Corustoernooi van 2006 en het misstaat hem niet: “J.C. Clarijs, een 84-jaar oude, gezonde en stijlvolle heer met een enorme liefde voor het spel. Hij schijnt veel openingskennis te hebben, maar is kennelijk ook tactisch sterk én niet bang: in een eerdere ronde heeft hij een groepslid van het bord geofferd vanuit de opening. Binnen het uur werden er twee stukken op de koningsstelling geworpen en kaboem!”)

*

Maar dit keer steelt Cas Amende toch echt de show. Hij stijgt boven zichzelf uit. Zijn op papier veel sterkere tegenstander (het verschil is meer dan 450 ratingpunten) komt er eigenlijk niet aan te pas. Het commentaar van de witspeler (en in sommige gevallen van Clarijs) heb ik laten staan, omdat het hier hout snijdt.

Koningsclub het snoepje van het jaar

Koningsclub 2 komt op bezoek bij Excelsior. Daar hebben we naar uitgezien. Twee jaar geleden zijn we Koningsclub 1 net misgelopen, omdat we degradeerden uit de eerste klasse, maar nu kunnen we ons hart gaan ophalen aan Koningsclub 2. Berend van Maassen hoopt op Rob Hartoch, ik op Hébert Perez Garcia, want die heb ik een maand eerder in Amstelveen een poepje laten ruiken. Maar het loopt anders.

Koningsclub het snoepje van het jaar

Koningsclub heeft gerommeld met de opstelling. Wat een stelletje struikrovers. Rob Faase bezet het achtste bord en ene D. Gurevich acteert op het zevende. Dmitry Gurevich? Zijn ze bang voor ons? Nee, toch niet, want op het vijfde bord zit iemand die geen flauw benul heeft waarom ze hem hebben meegenomen. Onze Kees Ruiter kan zijn geluk niet op.

Het verslag

Op 8 november 1982 trad Excelsior 1 aan tegen de Koningsclub 2.

Het werd me het avondje wel. In het begin deden we het nog heel aardig. Vos leek stand te houden tegen Rob Faase op het achtste bord, Meijer had op bord drie Wim Boom een pionnetje ontfutseld, voor Perez Garcia was er bij Van Maassen geen doorkomen aan en Schmit bracht langzamerhand Wieringa tot wanhoop en in tijdnood. Maar toen begon het Excelsior-bolwerkje te kraken. Bron had heel onvoorzichtig een remiseaanbod geplaatst en daarmee zijn tegenstander overduidelijk geïrriteerd. Hij kon dus als eerste inpakken. Daarna volgden Van Grootheest, Wolterbeek en uiteindelijk ook Vos. Dat was 0-4 en een catastrofe hing in de lucht. Maar de rest hield stand!

Meijer was de eerste die scoorde. Hij had dus een pion gewonnen, maar kwam door zijn achterstand in ontwikkeling toch in moeilijkheden. Hij verdedigde zich echter kranig, net zolang tot zijn tegenstander er geen gat meer in zag en, iets te vroeg, in remise berustte.

Van Maassen brak aan het eerste bord af in betere stelling. Perez Garcia, die de hele partij geen enkele serieuze winstpoging had gedaan, bood remise aan, maar dat werd niet geaccepteerd.

Een bord verder dacht Schmit aan opgeven, maar werd daarvan, naar later bleek terecht, door verstandiger lieden weerhouden. Het kostte hem wel nachtenlang analyseren en alles voor niets, want er zou gearbitreerd worden, maar dat vertrouwde hij maar half.

En dan Ruiter, maar dat is een verhaal apart (zie verderop). Op het vijfde bord vloerde hij de zwaargewicht Twiss met een perfecte heupzwaai. Weliswaar werd de partij afgebroken, maar dat was slechts een flauwe grap.

Een paar weken later rolde de uitslag van de arbitragecommissie bij Berend in de bus: Cees Ruiter gewonnen, Berend en Evert remise.

Gedetailleerde uitslag Excelsior 1 – Koningsclub 2:
Berend van Maassen-Hébert Perez Garcia ½-½; Evert Schmit-Helmer Wieringa ½-½;
Piet Meijer-Wim Boom ½-½; Ben Bron-J. Wittebrood 0-1; Kees Ruiter-J. Twiss 1-0;
Aart van Grootheest-G. Kleber 0-1; Martin Wolterbeek-D. Gurevich 0-1;
Piet Vos-Rob Faase 0-1;
totaal 2½-5½

Partijen

Berend van Maassen speelt met zwart een prima partij. Zijn twaalfde zet b7-b5! is berensterk. Perez Garcia speelt op kousenvoeten. Ze komen beiden in tijdnood. Dan mist Berend een kans om zijn tegenstander met b5-b4! pijn te doen. In plaats daarvan wikkelt hij af naar remise.

Evert Schmit vertilt zich op het tweede bord aan de veel te moeilijke opening en staat na vijftien zetten al verloren. Dan ziet zijn tegenstander Wieringa een opgelegd kwaliteitsoffer over het hoofd. Of hij ziet er vanaf. Want ook daarna neemt hij er zijn gemak van. Heel langzamerhand vecht de witspeler zich dan terug in de wedstrijd. Totdat het rond de dertigste zet weer gelijk staat. Tijdnood doet hem alsnog bijna de das om, maar de arbitragecommissie redt ons met een verbazend diep inzicht.

Op het derde bord houdt Piet Meijer met zwart Wim Boom in toom. In de opening krijgt hij een pion maar daar staat wat ongemak tegenover. De strijd gaat lange tijd gelijk op, maar tegen het eind moet zwart toch nog even alle zeilen bijzetten om de veilige haven te bereiken.

Ruiter

Tegen Koningsclub 2 viel Ruiter op het vijfde bord in voor Brantjes. Tegenover hem nam de kolossale figuur van Twiss plaats. Ruiter, niet in het minst geïmponeerd, wenste hem succes en begon toen opgewekt aan zijn partij en Twiss z’n sigaretten.
Onmiddellijk na de opening al moet Twiss in slaap zijn gevallen en het valt in Ruiter te prijzen dat hij geen overdreven pogingen deed om hem wakker te maken. Hij schoof wat met zijn loper heen en weer (van c8 naar g4, terug naar c8, toen maar eens naar b7, terug naar c8, en o ja, d7 hadden we nog niet gehad). Intussen had Twiss al zijn pionnen op de koningsvleugel dromerig naar voren geschoven en een paardoffer op g5 geplaatst.
Ruiter deed of zijn neus bloedde, bietste nog maar eens een sigaret en liet het paard de hele verdere partij staan waar het stond. Twiss begon toen heel naar te dromen. Ruiter zette een aanval in op de damevleugel en toen zijn tegenstander tenslotte wakker schrok, was het te laat. Ruiter galoppeerde door de witte linies dat het een lust had en maakte een volle toren buit, waarna de partij pro forma afgebroken werd.

Het eind van de partij is gereconstrueerd. Ruiter komt na afloop na enig nadenken nog tot 35 zetten en merkt dan laconiek op: “de zesendertigste zet is spoorloos”.


Eén Koningsclubspeler was van ver gekomen met een taxi en had in Heemskerk de Schuilhoek niet meteen kunnen vinden. En niemand had hem geholpen. Nee, zeiden wij, wat dacht je. De Schuilhoek, die houden wij liever geheim.



Voor Excelsior, schakers sinds 1955, ze konden er wat van

Lekker bezig

Bakkum-Bergen

De vierde wedstrijd van het zaterdagteam van de schaakclub Bakkum voegde een nieuw hoofdstuk toe aan het verhaal “Wat er allemaal mis kan gaan in het souterrain van de KNSB”. Om maar met de deur in huis te vallen: die zat op slot. We konden ons hok aan de Van Speykkade niet in. En toen we er wel in konden, een vroege biljarter had ons toegang verschaft, zat ook de materiaalkast op slot en ook daarvan hadden we de sleutel niet bij ons. Martin Oudejans ging Henk van der Eng bellen.

O ja, even tussendoor, niet onbelangrijk, Bergen 2 had gebeld dat ze maar met zes man kwamen. De rest was ziek, zwak, misselijk of uitbesteed. De eerste twee borden gaven ze op. Dus onze eerste twee man, Andre Breedveld en Henk van der Eng, kregen vrijaf van Martin, die niet kinderachtig wilde doen. Maar Henk moest nu dus toch komen met de sleutel van de kast.

Daar was Henk. Opgewekt als altijd. “Lekker bezig jongens, ik heb jullie toch een sleutel gegeven, waarom neem je die dan niet mee. En waarom spelen Andre en ik niet? Bergen gaat natuurlijk ook schuiven met de opstelling.” Sorry Henk. Rustig maar Henk. We staan met 2-0 voor. Henk besloot dat we voor straf na afloop niet uit eten gingen. Toen zag hij mij staan. Hij klaarde opeens helemaal op. “Wat ga jij nou doen Evert, dat wordt zeker hond in de pot, moet je niet even bellen?” Hoe wist hij dat nou? Ik ging wel een patatje halen.

We hoefden dus maar zes tafeltjes neer te zetten. Dat kwam goed uit, want we waren laat. En we moesten die vermaledijde klokken nog instellen. Dat was nog een heel gepruts. Met de handleiding erbij. En het gaf sommige teamleden de gelegenheid om met elkaar kennis te maken. Nico Pos had alleen de eerste wedstrijd meegedaan en Jan Koopman zat toen nog in Griekenland. Nico nam plaats op het derde tafeltje achter de zwarte stukken. Jan dacht dat Nico bij Bergen hoorde en begon dus omstandig uit te leggen dat het derde tafeltje eigenlijk het vijfde bord was en dat de uitspelende vereniging op de oneven borden wit had en de thuisspelende vereniging zwart. Oké, zei Nico die geduldig had geluisterd, dan zit ik goed, ik ben van de thuisspelende vereniging. En jij?

De wedstrijd dan maar. Die was zonder onze kopborden van een beduidend minder hoog niveau dan we gewend zijn. Bakkum parkeerde de bus en scoorde twee (Pim Hoff en Martin Oudejans) snelle remises. Toen verloor Nico Pos. En Jan Koopman ging ook niet al te lekker. Gelukkig won Erik Breedveld heel knap, dus we hadden vier punten. Nou nog een halfje. Het zou toch niet… Ik kreeg het er benauwd van. Mijn tegenstander vergaloppeerde zich en bood remise aan. Ik keek naar onze captain. Hij schudde zijn hoofd. Dus ik deed braaf nog een zet, waarop mijn tegenstander vloekte, de stukken op een hoop veegde en me de hand schudde. Hij was herstellende van een staaroperatie en zag het allemaal nog niet zo goed. Tranende ogen.

En er waren toeschouwers. Hans Leeuwerik kwam kijken met twee zeer welopgevoede honden. Ik moest denken aan de verjaardagen vroeger bij mijn vader en moeder thuis. Mijn moeder had alles netjes klaargezet en dan kwamen de tantes met de dalmatiërs Bruna (met de bruine stippen) en Kuçka (met de zwarte stippen), die met hun staarten enthousiast alle ingeschonken koffiekopjes van de salontafel veegden. Precies de goede hoogte hadden die honden. Vond ik. Mijn moeder niet. Alles in gruzelementen. Dat deden de honden van Hans niet. Die waren ook kleiner.

En Fred Kok was er. Hij temperde onze hoge verwachtingen. Kijken of deze overwinning stand houdt, zei hij. Zes tafeltjes in plaats van acht, dat vraagt om moeilijkheden. Afwachten wat de regels van de KNSB hierover te zeggen hebben.

De allerlaatste mohikaan was Jan Koopman. Hij is onze moedigste strijder en ons meest enthousiaste lid. Maar hij streed hier een verloren strijd. Kijk maar. De overmacht van Bergen was te groot. Mogen jullie niet opgeven vroeg Bergen aan mij. Nee, zei ik, dat mag niet. We mogen nooit opgeven.Vaak ook geen remise aannemen. En al helemaal niet aanbieden. Tenzij om tactische redenen. Opgeven is niet tactisch. Dat moet je zo lang mogelijk uitstellen.

Maar Kiki Bertens won Madrid

In Zoetermeer deed De Wijker Toren 2 een gooi naar promotie. De beste zeven nummers twee in de uit negen poules bestaande vierde klasse waren recht hebbend. Rekenmeesters hadden uitgevogeld dat zelfs verlies niet gelijk een ramp was. Want dan moesten in zes andere klassen zeven van alle acht nog kans hebbende ploegen winnen. Vrijwel onmogelijk. Statistisch gezien. Maar u begrijpt al wat er in deze barre tijden gebeurde. Ze wonnen alle acht. Tegen zoveel overkill kan geen kansberekening op.

Terug naar Zoetermeer. Er moest dus gewonnen worden of tenminste gelijkgespeeld. Tegen de kampioen Botwinnik. In het thuishonk van die andere club in Zoetermeer die de hoopvolle naam Promotie draagt. U kijkt er vast niet vreemd van op dat wij op het juiste tijdstip op de verkeerde plaats stonden. Maar geen nood, het stratenplan van Zoetermeer is heel inzichtelijk, dus legden we in een mum van tijd aan bij onze echte bestemming: wooncentrum De Gondelkade.

We baanden ons een weg, door wat eufemistisch het eetcafé heette, naar de schaakzaal. Het was een gezellige boel. De bestelde broodjes kroket werden desgewenst bij je bord afgeleverd en bier was er ook in ruime mate. Later op de middag zou in het restaurant enthousiast gekiend worden. Wij hielden het bij schaken. Dat wil zeggen de teams van Promotie, Botwinnik, DD, Almere en De Wijker Toren. Ik maakte foto’s.

Dragan was als eerste klaar. Hoe kon het anders. Zijn tegenstander Rinze Mulders gaf zijn dame voor een handvol stukken, maar vergat toen zijn koning in veiligheid te brengen. Dragan was er weer eens als de kippen bij. Hierboven lijkt het of hij nadenkt. Dat is schijn. Dragan denkt niet na. Hij doet.

Botwinnik 1 – De Wijker Toren 2

Peter Uylings moest ruim een half uur wachten op zijn tegenstander Arno van der Lubben. Dat haalde de vaart er een beetje uit. Opa kwam te laat op gang en hervond zijn vorm pas na de partij. Koning van de nabeschouwing. En ook Wim Rakhorst dolf het onderspit. Zijn tegenstander Wouter Bik gaf in de opening eerst twee pionnen weg maar won er even later al combinerend drie terug, waarna er voor Wim geen eer meer te behalen was.

We stonden achter en dat bleef een tijdje zo. Want Dennis Bruyn schoof tegen Arno Middelkoop vlekkeloos remise en Paul Spruit deed hetzelfde tegen Thom Beeren. Die laatste twee trakteerden elkaar op een spelletje wederzijds catenaccio, waar Helenio Herrero vijftig jaar geleden nog van had kunnen leren. De middenlijn werd lange tijd niet gepasseerd. Loerend naar elkaar werd pas om half vier gerokeerd. Allebei dezelfde kant op. Lang.

Roger Labruyère met vechtpet

Ik deed een rondje door de zaal. Promotie 1 speelde tegen Almere 2 en Promotie 2 tegen DD 3. Beide teams van Promotie wonnen. Er kwam een man naar mij toe. Bent u fotograaf? Ik heb u eerder gezien, bij het Tata Steel Chess toernooi in Wijk aan Zee. Daar liep u ook al zo rond. En hij deed voor hoe. Hobbyfotograaf, nuanceerde ik. En ik dacht: ik val toch meer op dan me lief is.

Tom Vokurka komt op de koffie

Nuances daar ging het om. En die zouden ons de das om doen. Was de ene nestor Peter Uylings even te langzaam, de andere nestor Nico Kok was tegen Stefan Buchly even te snel geweest. Later legde hij aan een meegereisde scorebordjournalist uit dat het pionoffer nog wel klopte maar even daarna het schaakje te overhaast was. Een beginnersfout dus. (Dit laatste schrappen in de definitieve versie!)

Nu stonden we echt serieus achter en hing promotie aan de zijden draadjes van de rekenmeesters. Arjan Wijnberg en Cas Kok moesten allebei winnen. En dat gingen ze doen. Zo te zien. Arjan na de wonderlijkste taferelen tegen zijn tegenstander Rogier Zoun, die zich offerend een weg naar Arjans koning had gehakt, maar toen in tijdnood niet doortastend genoeg was, en Cas die tegen Erik Middelkoop op het punt stond het eindspel kundig in zijn voordeel te beslissen.

De zet die Cas niet deed

Het ging dus anders. Ja, Arjan won. Maar Cas maakte, zeg maar…een vingerfout.

We zaten bij te komen in de heksenketel van het Wereldrestaurant in Beverwijk. Wonden likken was het. Net niet bij de beste zeven nummers twee, spraken de mannen monter. De een na slechtste nummer twee bedacht ik somber. (Dit misschien ook maar schrappen) Kat met een u was het, zoals ik eerder in de week een Amsterdamse marktkoopman overdreven netjes uit de hoek had horen komen toen hij het over Ajax had. Dennis Bruyn ging nog maar eens iets te eten halen. En Kiki Bertens won Madrid.

The Good Times Are Killing Me

Weer twee muntjes gekregen. Ik vergeet ze in te wisselen. De voorraad groeit. Er komt een moment dat ze schaars worden. Dan sla ik mijn slag. Nu nog niet. Er zijn er nog genoeg. Op de wedstrijdtafels lagen ze soms ook nog. Als een speler verloren had en snel naar huis moest omdat zijn vrouw jarig was of iets te voorbarig had opgegeven en op zoek was naar de dichtstbijzijnde onbewaakte spoorwegovergang. Bijvoorbeeld. Maar die durfde ik niet te pakken. Want al dat goede nieuws beangstigt mij.

***

De Wijker Toren 1 kreeg een buurtoren op bezoek: De Waagtoren 1 uit Alkmaar. Dat heeft in veel opzichten zijn zaakjes beter voor elkaar dan onze Beverwijkse. Hun website is vernieuwd en wordt bovendien onderhouden en alle teams hebben een non-playing captain, voor het eerste is dat Jan Poland, die in de Moriaan naast de tafel van de wedstrijdleider Aart Strik een eigen bureau had ingericht.

Jan Poland, teamcaptain van De Waagtoren 1

Hij kon echter niet verhinderen dat zijn team een onbarmhartige nederlaag te slikken kreeg. Met 6-2 was De Wijker Toren 1 De Waagtoren 1 de baas. Die dingen gebeuren zou Waagtorens vroegere topspeler Frank van Tellingen zeggen, zoals ook Richard Schelvis het zich niet moest aantrekken dat hij van hun huidige topspeler Danny de Ruiter verloor. Het was het zout in onze enige wond, want op de overige borden vierde De Wijker Toren feest.

Frank Agter-Bart Piet Mulder, na 20.Pd5-c3

Wit was te gulzig geweest. Twee pionnen had hij gesnoept, de eerste vrijwillig op a5, de tweede gedwongen op b5. Nu vertrouwde hij op 20… Lb3 Ld5+. Maar er volgde 20. … f4-f3! 21. e2xf3 (21.Lxf3 Txf3) Le6-b3 en hij kon opgeven.

Jimmy van Zutphen-Peter Hoekstra, na 25.Tf5-g5

Zwart was naïef. Wit ging toch wel slaan op g7, dus 25. … Kg8-h8 was zinloos. Hij had de zet Dxa2 moeten doen in plaats van die achter de hand te houden. Wit kan dan niet op g7 slaan omdat de toren op b1 hangt. En na Tb1-b7 keert de zwarte dame op e6 terug in de verdediging. Nu verloor hij kansloos na 26. Tg5xg7 Kh8xg7  27.  Dd1-g4+ Kg7-h8  28. Dg4xd7 Dc4xa2  29. Tb1-b7 Da2-e2  30. Lh2-g3 (niet onbelangrijk, dat had Jimmy goed gezien, hij had ook nog  met Lf4 voor mat kunnen gaan) De2xe3  31. Kg1-h2 De3-g5  32. Dd7xf7 Dg5-g6  33. Df7-d5 Dg6-e6  34. Dd5xc5

Jos Vlaming-Cas Kok na 18… Dd8-h4

Wie zal het de witspeler euvel duiden dat hij hier door de knieën ging. Hij stond onder grote druk. Toch is de zet 19. g4-g5 niet goed te begrijpen. Na 19. … h6xg5 kan hij onmogelijk terugslaan, want dan volgt Le5 en met een open f-lijn is dat niet fijn. Hij probeert het dus met 20. Le3xd4 Pc6xd4  21. Pb5xd4 c5xd4  22. Tf1-f3 maar Cas loopt nu dwars door de witte stelling heen: 22. … g5-g4  23. Tf3-f1 g4-g3  24. Tf1-f3 e6-e5  25. f4-f5 g6xf5  26. Pe2xg3 Lg7-h6  27. Dd2-e2 Lh6-e3+  28. Kg1-f1 f5xe4  29. d3xe4 Dh4xg3 en opgegeven door wit.

Rick Duijker-Rob Konijn na 15.Tf1-e1

Zwart had een heel vervelend pionnetje op d4 gezet. Het paard op c3 had zich al genoodzaakt gezien om terug te verhuizen naar b1. Maar de pion zal na b3-b4 verloren gaan. Daarom had zwart nu 15… d4-d3 moeten proberen. Misschien had hij zich dan gered.
In plaats daarvan speelde hij alles of niets: 15. … Dd8-e7  16. b3-b4 La6xe2  17. Dd1-b3 Pc6xb4  18. a3xb4 Lc5xb4  19. Tc1xc8 Te8xc8  20. Te1xe2 De7xe2  21. Db3xb4 Tc8-c2  en dit had Rick prima uitgerekend, er kan een paard tussen en na Pg4 slaat de loper op d4, waardoor de pion op f2 gedekt blijft.
Na 22. Pb1-d2 De2-d1+  23. Lg2-f1 d4-d3  24. Kg1-g2 h7-h6  25. Lf1xd3 Tc2-c8  26. Lb2xf6 g7xf6  27. Db4-g4+ streek zwart de vlag.

***

De Wijker Toren 2 ontving Caïssa-Eenhoorn 2 uit Hoorn. En dat was zo aardig om een paar presentjes uit te delen. De overwinning met 4½-3½ van De Wijker Toren was voornamelijk te danken respectievelijk te wijten aan de black-out die Abel Romkes van Caïssa-Eenhoorn kreeg in zijn partij met Arjan Wijnberg. De laatste had zich de hele partij op het nippertje staande kunnen houden. Voortdurend stond hij een of twee pionnetjes achter, maar nu stond het weer bijna gelijk.

Abel Romkes-Arjan Wijnberg na 26… Db2-e5

Zwart had, niet onbelangrijk, zojuist een witte pion op b2 gearresteerd, maar moest van daar benen maken om aan dameruil te ontkomen. Geinig was dat hij dat kon doen door quasi mat te dreigen en tegelijk het witte paard aan te vallen. Typisch Arjan. Zijn tegenstander schrok hier zo van dat hij opgaf. Hij zag er geen gat meer in. Zelfs de beste schakers hebben dus hun blinde vlekken. We wisten niet of we moesten lachen of ons beter even gedeisd houden. We kozen met Arjan voor het laatste, maar telden het punt.

En wat te denken van Stefan Jorritsma. Hij proefde eindelijk weer eens het zoet van de overwinning, maar vraag niet hoe.

Stefan Jorritsma-Fred Avis na 25. Db5xb5+

De partijen van Stefan zijn altijd leuk, maar lopen nog wel eens verkeerd af. Nu had hij geluk. Zwart produceerde de grafzet 25. … Te7-f7?? Wit was uit de problemen. Er volgde 26. f2xg3 f4xg3  27. Te1-e2 (ja nu de zwarte toren van de e-lijn weg was kon dat) en winst na nog een paar zetten.

***


Na afloop was de stemming opperbest. Er werd al weer gedroomd van een kampioenschap voor het eerste en behoud voor het tweede. Ik moet er niet aan denken.


The Good Times Are Killing Me
heeft niets met schaken te maken

maar is de titel van:
– een song van Modest Mouse
– een boek van Lynda Barry
– een film van John L’Écuyer
– een cartoon van The Crooked Gremlins
en nog veel meer

Winst en verlies voor de Wijker Toren

 

Wij zijn op tijd, Bram en ik. We komen kijken, mag dat, vraag ik aan Stefan Jorritsma. Hij zegt: zeker mag dat, wij vragen nog geen entree, wij betalen onze toeschouwers zelfs. O ja, vraag ik hoopvol. Hij geeft mij een muntje, waarmee ik een consumptie kan gaan halen aan de bar. Dat is een goed begin.

-•-

De wedstrijd De Wijker Toren 2 – DSC Delft 3 is een half uurtje oud. Stefan speelt Frans vleugelgambiet. Zijn tegenstander Erik Biemans volgt aanbeveling van Watson.

Jorritsma-Biemans, stelling na 1. e4 e6 2. Pf3 d5 3. e5 c5 4. b4 c4 5. c3 a5 6. b5 Pd7 7. d4 cxd3 8. Lxd3 f6

Stefan speelt nu 9. 0-0 in de veronderstelling dat hij na 9. … fxe5 10. Pxe5 Pxe5 met 11. Dh5+ zaken kan doen. Totdat hij ziet dat het zwarte paard natuurljk niet op g6 maar op f7 het schaak opheft. Hij houdt er gelijk mee op. Dat is al minder.

-•-

De wedstrijd De Wijker Toren 1 – LSG 3 is een uurtje oud. Rick Duijker speelt een Franse Winawer. Zijn tegenstander Quirinius van Dorp valt ultra modern aan.

Van Dorp-Duijker, stelling na 1. e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Lb4 4. e5 c5 5. a3 Lxc3+ 6. bxc3 Pe7 7. h4 Ld7 8. h5 h6 9. Dg4

Rick speelt hier het nieuwtje 9. … La4 in plaats van als de bliksem op lange rokade aan te sturen. Het gaat helemaal mis.

Van Dorp-Duijker, stelling na 10. Dxg7 Tg8 11. Dxh6 Lxc2 12. Dd2 Lh7 13. Ld3 Le4 14. f3 Lxd3 15. Dxd3 Txg2 16. h6 Pf5

Wij zijn even in de veronderstelling dat Rick zich gaat redden met 17. h7 Txg1+ 18. Txg1 Dh4+, totdat de volgende zet op het bord verschijnt: 17. Ta1-a2!

De rest geloven we wel (17… Tg2-g8 18. h6-h7 Tg8xg1+ 19.Th1xg1 Dd8-h4+ 20. Ta2-f2 Dh4xh7 21. Lc1-f4 en zwart gaat mat op de 28ste zet).  Dat is ook niet zo best.

-•-

Ik ga maar weer eens bij Erik Schoehuijs kijken. Eerste team eerste bord. Hoger kom je niet op de ladder van de Wijker Toren.

Van ‘t Hof-Schoehuijs, stelling na . … b5-b4 9. Pc3-d1

Kijk eens wat hij doet: 9. …  e6! Ja dat kan want op 10. dxe6 Lxe6 11. Dxd6 volgt 11 … Pxe4 en op 10. dxe6 Lxe6 11. Lxd6 volgt 11 … c4 12. De3 Dxd6 13. e5 Dc7 14. exf6 Lxf6.
Dat is al een stuk beter.

Hij komt gewonnen te staan, maar maakt dan toch nog een klein foutje.

Van ‘t Hof-Schoehuijs, stelling na 27. Dh4-g4 Td4-d2 28. Tf1-f2 Te8-e1+ 29. Kg1-h2

Erik denkt hier nog slimmer dan slim te zijn en doet a tempo 29. … h7-h5 en wordt verrast door het dameoffer  30. Tf2xd2 h5xg4  31. Lg3xe1  In plaats daarvan had hij gewoon een stuk kunnen winnen met 29 … Tdxd1 30. Txd1 h5 31. Df3 Dxf3 32. Txf3 Txd1. Het maakt niet veel uit, maar het zorgt voor vertraging. En veel toeschouwers.

De Wijker Toren 1 wint met 5½-2½, de Wijker Toren 2 verliest met 5-3. Fraai zijn de overwinningen van Cas Kok (dWT1) en Dennis Bruyn (dWT2).

En Dragan verliest. Tot onze grote teleurstelling.



Bram en ik fietsen naar huis. Het is opgehouden met regenen. Bram zegt: ik heb een nieuwe favoriet, Wim Rakhorst. Ik denk daar over na. Het is misschien omdat Wim altijd aardig is en bescheiden en een liefhebber van het spel. Hij levert vakwerk af. Nu deed hij dat in een moeilijk te bereiken uithoek van de zaal, aan het zicht onttrokken door de slecht geplaatste materiaalkar.

Wij spreken af de volgende wedstrijd van het eerste in Sas van Gent over te slaan en zijn op tijd thuis voor het eten.

De rest leest u maar op de website van de Wijker Toren.

De Wijker Toren degradeert

Dit is geen verslag van een schaakwedstrijd

Vrijdagmiddag voor de wedstrijd. Bart Piet Mulder is verhinderd, Arjan Wijnberg is verhinderd, en Peter Uylings is al in Limburg. Erik Schoehuijs weet niet hoe hij in Voerendaal moet komen. Vier uur heen en vier uur terug met trein. En of het allemaal nog zin heeft. Hij ziet het niet meer zitten. Misschien gaat hij gewoon niet, doen ze het maar met zijn zevenen. Het tweede staat geen speler af, want dat vecht twee klassen lager voor eigen lijfsbehoud.

Een paar dagen later meldt Richard Schelvis op de website van De Wijker Toren dat het tweede zich keurig gered heeft. Ik wacht op het verhaal van Bastiaan Veltkamp over het eerste. Bastiaan zwijgt. Ik moet het doen met het verslag van Erik Schoehuijs.

Erik is toch maar gegaan, met een geleende auto en met Thomas Broek en Cor Meems als passagiers. Voor de tweede keer dit seizoen treedt De Wijker Toren met negen man aan. Erik krijgt niet het eerste bord (Jimmy van Zutphen denkt het klusje tegen GM Daniel Hausrath zelf wel te klaren) maar het vierde, waarop hij zich met zwart tegen IM Oscar Lemmers na e4 e5 Pc3 Pf6 Pf3 Pc6 Lb5 Ld6 (!?) een eigen partij van een paar ronden eerder niet meer herinnert (?!) Het gevolg is pionverlies, maar hij houdt vol en behaalt nog tamelijk eenvoudig een half punt. Naast hem levert Thomas Broek tegen GM Felix Levin ook een pion in, maar ook Thomas maakt heel gemakkelijk remise. En Sjoerd Plukkel wint zelfs, van Ivo Wantola. Maar daar blijft het bij, de rest komt er niet aan te pas.

Het parkeerterrein. Dennis Ruygrok heeft verloren en is gereed om te vertrekken. Ook het drietal Broek, Meems en Schoehuijs staat klaar om de geleende auto terug te brengen. Maar daar komt Rick Duijker, hij is even niet aan zet, naar buiten gerend. Hij en Bastiaan Veltkamp zijn op de fiets naar Voerendaal gekomen (!) en Rick probeert nu zijn fiets voor de terugreis in de auto van Dennis te vouwen. Dennis is niet enthousiast en de fiets wil er niet in. Stuur eraf, zadel en trappers eraf, wielen eruit, het wil niet lukken. Bij Erik dan maar. Erik is niet enthousiast. Geleende auto. Maar het past.

Er komt een auto het parkeerterrein afgereden. Over een wiel van Rick. De auto moet nog een lus maken om voor goed te verdwijnen, maar met geheven wiel snijdt Rick ‘m de pas af. Een bewakingscamera registreert alles. De schade valt mee.

Er kan gereden worden, met Rick en zijn gedemonteerde fiets bij Erik in de auto. In Amsterdam blijkt Cor Meems bij het weer in elkaar zetten van grote waarde te zijn.

Maar hoe is Bastiaan nou thuis gekomen?

The Worse Things Get The Harder I Fight

Onze club heet Excelsior. Dat is Latijn voor steeds hoger. Maar het omgekeerde is het geval. Wij zijn met ons eerste het vorig seizoen gedegradeerd naar de tweede klasse. Voor een jaartje dan, want het kon niet anders of we zouden op onze slofjes…

Wij openden met een verpletterende nederlaag tegen het perfide ZSC/Saende 3 dat daarna alleen nog maar eigen potten brak. En in onze tweede wedstrijd werden wij in Zandvoort door een ondoorzichtige combinatie van de Chess Society en de Haarlemse Jopen opnieuw in een hinderlaag gelokt. Het roer moest om en de volgende wedstrijd vierden wij feest in Hillegom tegen het sympathieke De Uil 3. Later bleek dat van nul en generlei waarde te zijn, want het  veel te sympathieke De Uil zou al zijn wedstrijden verliezen. En tot overmaat van ramp gingen wij tegen de verraderlijke Heemsteedse Schaakclub opnieuw voor schut.

Het roer moest ten tweeden male om en niet zo zuinig. Wij schakelden over op de zogenaamde tactische opstelling. Het wapen van de zwakke broeders. Dat zijn wij natuurlijk helemaal niet, maar nood breekt wet en als dan niemand in deze wereld nog respect heeft voor kwaliteit dan moet het maar zo. En geloof het of niet: deze aanpak, die zelden iets goeds oplevert, bleek in onze handen puur goud. Wij wonnen van het alleraardigste Spaarne 2, speelden op ons gemak gelijk tegen de kampioen Kennemer Combinatie 4 en hadden het in de laatste wedstrijd tegen het onvoorspelbare HWP 5 opeens weer in eigen hand. Maar dan moest er gescoord worden, want de rest had in een doortrapte combine zodanig de punten verdeeld dat we nog steeds een na laatste stonden.

Sociëteit De Vereeniging. Mijn lofzang over deze lokatie in vroeger tijden is bekend, mijn klaagzang over de teloorgang in later tijden ook. Nu rest slechts verbazing. Ooit verklaarde ik na een bezoek aan deze prachtige speelzaal nooit meer in duistere krochten te zullen spelen. En nu vond ik mij uitgerekend op deze plek terug in zo’n … Het zijn niet mijn woorden, het zijn de woorden van de wedstrijdleider, die ons ook nog wees op de sfeerverlichting. Een eufemisme voor een verzameling uitgedoofde sterren in een zwart gat.

Ergens ontbrak in de beginstelling een toren. Het werd pas ontdekt toen er hulplampen opgesteld waren met draden waar je over struikelde en de wedstrijd begon. Ik had zwart en tastte dus compleet in het duister. Wat heb je gedaan vroeg ik mijn tegenstander. Hij zei ruilvariant. O dacht ik, dan heb ik zeker weer eens Frans geopend en in mijn hoofd klonk hoe moeilijker het wordt hoe verbetener de strijd.

Op onze topborden (wij hadden dit keer verrassenderwijs voor een normale opstelling gekozen, ja wij zijn niet van gisteren) namen Ruud Eisenberger en Marcel Duin het er van. Twee remises. Zou je ze niet. Martien Herruer: verloor. Frans Koopman: hield niet over. En ik liep bijna in een gemene truc van mijn tegenstander die kennelijk meer zag dan ik. Maar in mijn hoofd klonk…

En toen waren daar plotseling de gezegende overwinningen van Johan Buis en Louis Witte en de wonderbaarlijke zege van Henk Kos. Daar heb je wat aan. Ik bood remise aan. Mijn tegenstander ging nu blind voor de winst, waarbij hij zijn dame even uit het oog verloor. Hij zag toch minder dan ik dacht. En in mijn hoofd klonk…

The Worse Things Get, the Harder I Fight, the Harder I Fight, the More I Love You (Neko Case)

Het is ongelooflijk wat zo’n iPhone in het donker nog ziet. Jammer dat ik ‘m niet aan mocht hebben.

 

Donker Schalkwijk

Aan het begin van de avond hebben wij ons verzameld in de Jansheeren. Heren, het is vanavond geen schaken maar bridgen, zegt de barman. Nee, grommen wij, voor ons is het erop of eronder. Zijn jullie er klaar voor, vraagt Frans Koopman. Ruud Eisenberger is preciezer: er mag dit keer niet verloren worden. En al helemaal niet binnen een uur, voegt hij er aan toe.

Louis Witte (met wit) tegen Paul Neering (met zwart)

Hij doelt op Louis Witte die zijn vooruit gespeelde partij de afgelopen maandag op die manier heeft afgeraffeld. Is dit een dubbele waarschuwing of kunnen we kiezen? Aan het gezicht van Ruud te zien niet. Henk Kos gaat plassen. Hij moet een nummertje trekken, want de hele bridgeclub, honderd man sterk zo lijkt het, treft de laatste voorbereidingen voordat ze aan hun robbers beginnen. In de hal zit een man met een bloedneus. Buiten is het bitter koud. Dapper gaan wij op weg naar Haarlem voor onze wedstrijd tegen de schakers van Het Spaarne.


In het wijkcentrum aan het begin van de Laan van Berlijn in donker Schalkwijk brandt licht. Wij zijn vroeg, vullen de tijd met koffie en peptalk. Er komt een vrouw het wijkcentrum in. Zij laat de beheerster van de bar vragen of er een meneer Buis aanwezig is. Johan, die midden in een anekdote zit, probeert zich zo klein mogelijk te maken, wat hij helemaal niet kan. En als dan met meer nadruk nogmaals zijn naam wordt omgeroepen: is hier misschien een meneer Johan Buis aanwezig die zijn portemonnee is verloren, verraadt hij zich door in zijn zakken te gaan zoeken. Dat wij hem allemaal zitten aan te wijzen helpt ook niet echt. Hij moet op het matje komen. Hij is zijn beurs buiten, voor het gebouw, verloren en de vrouw komt hem terug brengen. Mag ik u belonen, vraagt Johan. Zo kennen wij hem weer. De vrouw wil van geen beloning weten en verdwijnt lief, klein en kordaat weer door de schuifdeuren naar buiten, donker Schalkwijk in. Een goede fee die ons met haar toverstaf heeft aangeraakt en geluk gebracht. We zijn nog even bang dat we het met de portemonnee van Johan moeten doen en verder niet, maar ook bij onszelf vinden we plotseling krachten terug waarvan we niet wisten dat we die nog hadden.

We spelen de wedstrijd als in een droom.

Martien Herruer wordt volgens tactisch concept op het eerste bord opgeofferd aan iemand met een rating van dik in de tweeduizend. En Marcel Duin is niet eens mee, die is ziek. Van die twee mogen we geen wonderen verwachten. Dus hoe gingen we dit varkentje wassen, zonder dat Ruud echt boos werd? Nou, om te beginnen hadden we onze supersub Luc Stet op acht. En hij doet het wéér! Net als iedereen denkt hier worden we niet vrolijk van, we gaan maar eens een bordje hoger kijken, want daar zat ik, slaat hij toe. Zijn tegenstander horen we na afloop zachtjes kermen dat hij met het verkeerde stuk teruggeslagen had, hij dacht nog foute boel en toen was hij opeens zijn dame kwijt geweest. Ja Luc is een schavuit, dat hoef je ons niet te vertellen.

Henk Kos kijkt op zijn neus. Hij rekent op bord acht maar krijgt bord zes. Dat bekomt hem slecht. Of is hij in de war geraakt door de waarschuwing van Ruud aan het begin van de avond? Hij verliest binnen een uur, maar is wel degene die de volhouders tot op het laatste moment steunt met zijn belangstellende aanwezigheid bij hun borden. Het geeft mij net dat zetje dat nodig is.

Hoe kraken we de zwarte stelling. Ja natuurlijk met b4-b5!

Martien speelt een keurige partij, hij verliest, maar niet binnen het uur. Het mag. Frans Koopman zit naast hem op twee. Niets houdt hem tegen. Hij wint. En daar weer naast zit Ruud Eisenberger. Natuurlijk, die wint ook, geruisloos, totdat we bij hem in de auto zitten op weg naar huis. Nu houdt hij niet op de loftrompet te steken, over de teamspirit, onze geweldige mentaliteit, het onverschrokken afslaan van elk remiseaanbod, het vakmanschap van Johan Buis en hoe die het terugkrijgen van zijn portemonnee plus de uitgespaarde beloning had gevierd en hoe wij daar allemaal inspiratie uit hadden geput (en een rondje vanzelfsprekend), de ongekende vechtlust of had hij die al genoemd, het geslaagde tactische concept, de verbetenheid die hij had gezien in ons spel en in onze ogen, de superieure wil om te winnen, kost wat kost. Hij bleef maar doorgaan, mijn oren toeteren nog.

[Het Spaarne 2 – Excelsior 1, donderdag 9 februari 2017 in Haarlem, uitslag 3-5]

Vlak voor de winterstop schaken

De Wijkertoren speelde afgelopen zaterdag zijn laatste wedstrijd van 2016. Het tweede ontving SV Promotie uit Zoetermeer en het eerste zat tegenover het Amstelveense Zukertort 2. Maar niet allemaal om één uur, want vier man van Zukertort deden het rustig aan en verschenen een half uurtje later. (Volgens zeggen zochten zij Wijk aan Zee aan de verkeerde kant van het kanaal.)

Tijd genoeg om wat filosofische bespiegelingen op te hangen aan de vraag of dit een voor- of een nadeel was. In werkelijkheid bleek het laatste het geval te zijn. Het eerste verloor tamelijk geruisloos met 4½-5½ en het tweede, dat weliswaar nergens last van had gehad, wilde daar toch niet voor onder doen en beet met 3½-4½ in het zand. En het toeval wilde dat in beide gevallen twee helden van weleer de boosdoeners waren. Zowel Peter Uylings (dwt1) als Nico Kok (dwt2) overspeelden hun hand.

Vroeger analyseerde ik nog wel eens een partijtje van Peter voor de Weenink Post, maar daar waag ik me nu niet meer aan. Toentertijd ging dat zo:

Telefoon. Nogmaals Uylings aan de lijn:
Kb1 is bij nader inzien toch niet overbodig maar integendeel juist heel nuttig want in sommige varianten slaat wit op c2 en met de koning op c1 is dat dus meteen mat en in die lange variant met Xyz laat ik het paard op d4 terugslaan of juist niet maar dat moet de loper zijn omdat mat dreigt dus e5 gedwongen De7 Kh6 st3x4? Gw2 F$ en mat! kan je het volgen overigens die variant van jou klopt natuurlijk van geen kant maar daar was jezelf zeker ook al achter dus Lxd4 schaak…. klik….verbinding verbroken.
Even later is de verbinding weer hersteld: ja daar ben ik weer Joep houdt niet van lange varianten zodoende waar waren we o ja b4 is niet de verliezende zet die moet al eerder zijn geweest 1…c5 was natuurlijk al geen beste hoewel dat moeilijk te bewijzen valt nou ja maak er maar wat van hallo ben je daar nog…

En over Nico Kok lezen we nu op de website van SV Promotie het volgende:

“Lammetje kende zijn pappenheimers en wist op wie hij moest letten. De oude heer Mostert, bijvoorbeeld. De teamleider gaf op gegeven moment te kennen dat de oude man remise kon aanbieden. De oude heer Mostert was verbazingwekkend gehoorzaam en bood het direct aan. Direct. Zonder dat hij aan zet was. De tegenstander lachte het aanbod enthousiast en met grote handgebaren weg en…. schoot prompt een eersterangs bok. Het was zijn laatste zet in de partij.”

Nico ziet wat hij gedaan heeft: Le5?? Wit incasseert met Dxe5

Dat was dus lachen, maar niet voor de echte Wijkertoren-fans, die in groten getale (want met drie man) waren opgekomen. Zij hadden geen leuke middag. Op de cynicus na, die dacht dat als mannen zo hun best bleven doen degradatie voor beide teams een haalbare kaart was.

Toch is er ook reden tot vreugde. Berend van Maassen (dwt2) is in een opperbeste bui. Hij viert de verjaardag van zijn Heleen. Hij heeft met zwart een gemeen variantje van de Caro-Kan voorbereid. Na dertien zetten theorie (ik mag daar jammer genoeg niks van verklappen) durft zijn tegenstander de principiële voortzetting niet aan en wijkt af. Berend doet nog twee goede zetten en biedt dan geroutineerd remise aan. De visite wacht.

Wim Rakhorst (dwt2) wint, maar is bescheiden. Geholpen door zijn tegenstander zegt hij. Ik geloof hem niet. Dat zegt hij altijd. Ik vraag zijn partij op. Hij heeft gelijk.

Op de laatste drie borden van het tweede scoren Dennis Bruyn, Cas Kok en Stefan Jorritsma anderhalve punt. Cas wint (hij zet zijn stukken al een tijdje heel goed neer), Dennis maakt remise (niet te volgen) ;en Stefan verliest (tot zijn ontsteltenis). Maar kijk eens op de foto hoe hij zijn lopers en paarden in het gelid heeft staan. Dat vind ik nou weer mooi.

En op de borden een en twee voeren Richard Schelvis en Paul Spruit een heldhaftige verdediging. De stand in de wedstrijd is gelijk, die in de twee overgebleven partijen verre van. Het ziet er somber uit. Richard probeert het onmogelijke. Paul doet het. Na een kleine honderdvijftig zetten zegt hij doodleuk dat volgens hem tussen die bijna driehonderd stellingen er tenminste drie hetzelfde zijn geweest. Het is kwart over zeven. Iedereen is al of wil nu toch wel naar huis. Het dameeindspel met nog maar één pionnetje op het bord blijft onbeslist. De Wijkertoren verliest.

[klik of tik op een foto voor een vergroting]

PS
Op de website van SV Promotie wordt vermakelijk verslag gedaan van de wedstrijd tegen De Wijkertoren 2. Maar er is meer te vinden dat de moeite van het lezen waard is, bijvoorbeeld de column van Jan Willem Duijzer (de tegenstander van Berend van Maassen) met de titel Schaken in de Noordkop

Texelstroom

De boot naar Texel heet nu Texelstroom en is gloednieuw. Je weet niet wat je meemaakt. Zo mooi. Alles geruisloos en op groene stroom. Maar bij de draaideur naar de lounge ging er toch iets mis. Ik ben de Dekamarkt gewend en daar gaat ie vanzelf. Met “Je moet hier wel duwen” hielp een mevrouw mij uit de droom. Het bleek de voorbode van een groter foutje in het ontwerp, want toen we ons breeduit geïnstalleerd hadden op luxe kussens achter het panoramaglas, bleek de nieuwe aanwinst het Marsdiep niet op te willen, wat toch een minpuntje is voor een veerboot naar Texel.

Drie kwartier genoten we van een veelbelovend uitzicht op het eiland, voordat de prima donna eindelijk van wal stak. De mevrouw die mij de draaideur had uitgelegd zei dat het allemaal goed kwam, want dat deze boot de overtocht ook in tien minuten kon doen, dus de verloren tijd was zo ingehaald. En als de bus er niet meer stond aan de overkant, mochten we met haar meerijden naar Den Burg. Ik vertelde haar van de schakers uit Castricum die een partijtje kwamen spelen op het eiland tegen En Passant en of ze die ook mee kon nemen, maar daar was haar autootje toch te klein voor.

2016-texel-castricum-op-bezoek-bij-en-passant-20161029-pentax-k5iis-16622

De mannen van En Passant hadden op ons gewacht. We werden door het keukentje van de Buureton naar binnen geleid en kregen eerst uitleg over de koffiekannen, het koffiezetapparaat, de consumptielijst en de geheime plek van het bier. Voorzitter Wim Pool bleek het goede briefje, namelijk dat met de opstelling, bij zich te hebben en zo kon de schaakwedstrijd En Passant – Castricum 2 zij het met ruim een uur vertraging beginnen.

Thomas Richter

De eerste borden van Castricum kregen het gelijk al erg moeilijk. Hidde Brugman leverde materiaal in bij Jaap Dros, Ger Holsteijn had het te kwaad tegen En Passant-paradepaard Thomas Richter en Gerard Kuijs voerde een kansloze verdediging tegen de aanval van Kees de Best.

Gerard van Pinxteren met wit tegen Gert Both met zwart

En tot overmaat van ramp overschatte Gerard van Pinxteren zijn stelling, waarna hij gevloerd werd door een vlijmscherpe combinatie van Gert Both.

Gerard van Pinxteren – Gert Both, stelling na 23…Ta8-d8

Wit speelde 24.Pf3xe5? en werd verrast door 24… Td8-d2 25. Dc2xc3 Td8-d1+! 26. Lc4-f1 Da3xc1!

Even later prees Wim Pool zich gelukkig dat tegenstander Dick van Barneveld niet had geprofiteerd van zijn gepriegel met dame en toren in de linkerbenedenhoek van het bord. Met de remise was hij dus wel tevreden en hij ging samen met mij op zoek naar een frituurpan want hij had wel goed ontbeten, maar daarna niets meer gegeten en hij had nu trek in een broodje kroket.

Co van Heerwaarden en Ab Hoolhorst analyseren de eindstelling van hun partij

Tussendoor kwam Ab Hoolhorst vragen of je moest blijven noteren met minder dan vijf minuten op de klok. Hij had er nog dertien maar hij sloeg zich kranig door de problemen heen die Co van Heerwaarden hem voorschotelde en bereikte op tijd remise door zetherhaling, waar hij erg blij mee was.

Toen kwamen de echte meevallers. Egbert Kooiman had vroeg in de partij een stuk geofferd, maar kreeg onvoldoende aanval en zou verloren hebben als niet op het eind zijn tegenstander Gerard Postma naar het verkeerde paardje had gefloten:

Gerard Postma – Egbert Kooiman, stelling na 32.Pb7-c5? Lf4-e3+

Natuurlijk had hij eerst Pc3-d5+ moeten doen, nu kon het niet meer, want het is schaak. De eerste meevaller. Bovendien gaf hij meteen op. De tweede meevaller. Na 33.Kg2 Lxc5 34.b4! Ld6 35.Pd5+ en 36.a4 zouden alle gaatjes gestopt zijn en was het remise geweest!

Han Duinker

Dan Han Duinker. Die speelde een dijk van een partij met een onverwacht slot. De derde meevaller.

Toen was het geluk van Castricum op. Hidde Brugman was als laatste over. Hij had een formidabele partij gespeeld, waarin hij in het eerste kwart zo ongeveer al zijn bedenktijd verbruikte. De rest hoefde hij dus niet te noteren, maar gelukkig bleef de rustig spelende Jaap Dros dat wel doen, zodat we toch alle zetten hebben.

Achteraf bleek dat Hidde bijna de hele partij aan de leiding was geweest, behoudens een vingerfoutje in het midden. Maar vooral het einde was bloedstollend. Door de tijdnood van Hidde en het verzet van Jaap Dros tot en met het onwaarschijnlijke slot.

Hidde Brugman – Jaap Dros, stelling na 69. Th5-d5 Ka8-b8

Hidde speelde hier 70. Td5-d7 in plaats van Td8. Geen man overboord, want na 70. … Kb8-c8  71. Td7-c7+ Kc8-b8 72. Tc7-b7+ Kb8-c8 had Hidde er zowaar weer een halve minuut bij en kon hij aan de afronding beginnen: 73. Kb5-a6 g4-g3 74. f2xg3 Tg8xg3 75. c6-c7? Arme Hidde, want dat buitenkansje liet Jaap Dros zich niet ontnemen:

75. … Tg3-a3+

De ontgoocheling bij Castricum was ongeveer even groot als de opwinding bij En Passant. Dat had de wedstrijd op de valreep gewonnen!

Gelukkig verzorgde de oude vertrouwde Dokter Wagemaker de terugvaart…


Adieu Texel!

Wijkertoren 2 kampioen

Sjoerd Plukkel wilde wel op de foto. De anderen waren net begonnen, maar hij was al klaar. Hij had het seizoen afgesloten met een snelle remise én een meesternorm. Als de regeltjes het toestaan. Moet je nog wel wat dóen, spoorde Rik Duijker hem tot actie aan. Sjoerd pakte een loper vast en lachte zowaar naar mij. Mijn fototoestel hing te laag om zijn blik op waarde te schatten, maar volgens mij was hij blij.

Wat heeft dat nu te maken met … ? We doen een bruggetje: het eerste van De Wijkertoren speelde dit keer in de schaduw van het tweede en Sjoerd trad dus eigenlijk op in het voorprogramma van het team, dat kampioen van de Noord Hollandse Schaak Bond ging worden. Zo zit dat.

Aan het begin van de middag zette wedstrijdleider Aart Strik iedereen gedecideerd op zijn plek, ook Hans Wiemerink, die inviel in het eerste. Hans zou later dat team redden met een sterk puntje tegen het al gedegradeerde Caissa Eenhoorn. En wat heeft dat met … ? Nog een keer dat bruggetje: het bracht mij aardig in verwarring, want ik dacht door de mysterieuze tafelschikking lange tijd dat hij bij het tweede hoorde, dat op die manier met 6½-2½ van Volendam zou hebben gewonnen, wat niet vreemd is, want het had ook wel eens met zijn zevenen gespeeld en dat zou dan nu zijn glad gestreken.

Tsja, wat nu, alles is al verraden. De wedstrijd stond niet bol van de spanning en er gebeurde geen grote ongelukken. Alleen Dennis Bruyn en Stefan Jorritsma verloren en daar had dus meer in gezeten, zoals Berend van Maassen, die zowel vorm als wind mee had, snedig opmerkte. Ga dus voor het echte verslag naar de website van De Wijkertoren, wellicht ook voor de zetten, die ik wel gezien heb maar niet begrepen.

Wat te denken bijvoorbeeld van één van de topscorers van het team Richard Schelvis. Een fenomeen als je het mij vraagt. Hij werkt zich met allerlei rare variantjes in de nesten en komt dan volgens de gehele zaal (min één) plus de ganse tribune vreselijk verloren te staan. Maar dan begint het pas. Nu was hij tegen Jan Tol, die het eerste deel van de partij sterk speelde, op de damevleugel weer iets te slim geweest, dus die vleugel gaf hij gewoon op. Zijn tegenstander wreef zich in zijn handen en dirigeerde al zijn stukken in een lange file naar het feestterrein, wat er inmiddels verlaten bij lag, want Richard had inmiddels in het diepste geheim zijn overgebleven pijlen op de andere vleugel gericht en daar trof hij alleen de witte koning en geen verzet van betekenis aan, want Jan Tol, die het tweede deel van de partij laten we zeggen ietsje minder sterk speelde, was nog vrolijk aan het rondtoeteren aan de andere kant en toen had hij voordat hij er erg in had plotseling verloren en zat hij in het café de haren uit zijn hoofd te trekken en lelijke dingen te zeggen en paradeerde Richard als vanouds door de gang: heb je het gezien en als je het nou nog niet gelooft…

Het tweede was kampioen, dus ging ik nog even bij het eerste kijken, want die hadden ook een topscorer, Bastiaan Veltkamp. Dit keer lukte het bij hem maar half, maar hoe dat precies ging, ik zou het niet weten.

Ik ben te klein. Vroeger op de lagere school moest ik met gym altijd vooraan in de rij staan. Dat was niet leuk. Nog minder leuk was toen we een toneelvoorstelling gaven. Sneeuwwitje en de zeven dwergen. Ik was de kleinste dwerg. We stonden in een rij opgesteld tussen de coulissen. Op het teken van de meester zouden we één voor één het toneel op gaan. Ik dus als eerste. Met mijn bijl over mijn schouder liep ik drie rondjes over het toneel. Het publiek begon te lachen en toen te applaudisseren. Ik rook onraad en keek om me heen. Ik was alleen. De tweede dwerg had op het laatste moment een ongelukje gekregen, pleinvrees of iets met zijn mutsje of vetertjes, en wilde niet op. De rest van de dwergen hield het toen ook voor gezien. Sindsdien wil ik nooit meer de voorste zijn. Dus moet ik het doen met een krukje of een doorkijkje.

Ja, in de nabeschouwing, toen kon ik erbij…

 

ES

Linoleum

Maak kennis met Marmoleum. Een fascinerende wereld van kleuren en dessins.

Met een breed scala aan collecties biedt Marmoleum ongekende mogelijkheden. Ons doel is een excellente vloer met optimale eigenschappen voor elke omgeving. Een hygiënische vloer, geïnspireerd door de natuur. Forbo’s linoleumvloeren, bekend onder de merknaam Marmoleum, staan voor veelzijdigheid, duurzaamheid en kracht. Een materiaal dat zowel ecologisch als economisch waarde toevoegt aan alle moderne en eigentijdse architectuur.

Het bekerteam van Excelsior moest tegen Bergen. Kogendijk 42a, kwart voor acht. Lege zaal. Het team was incompleet. Ruud Eisenberger lag met 39 graden koorts te bed. En ook Marcel Duin werd even helemaal niet goed toen hij de vloer zag. En ik was supporter, maar moest dus invallen. Dat waren klappen, die kwamen we niet te boven.

Tegen achten kwamen de mannen en vrouwen van Bergen binnen. En als een goed geoliede machine begonnen ze eendrachtig tafels, stoelen, borden en stukken klaar te zetten. Om kwart over acht zaten we en kon er gespeeld worden.

Ze hadden mij op het vierde bord gezet. Daar kon ik weinig kwaad uitrichten. Zo’n vierde man doet er eigenlijk totaal niet toe, is meestal alleen voor de gezelligheid mee. Een paar jaar geleden, de nood was hoog, mocht ik ook een keer invallen, in Hoorn. Ik won, maar het werd 2-2, dus mijn uitslag werd geschrapt en we verloren de wedstrijd. Dat ging mij niet weer gebeuren. Als ik nu eens verloor en het werd weer 2-2 dan wonnen we dus de wedstrijd. Een goed plan.

De uitvoering van mijn kant was vlekkeloos. En naast mij haalde Louis Witte geweldig uit. Wat speelt die man goed. Toen ging het mis. De rest verzaakte. Marcel Duin kunnen we dat niet aanrekenen. Die vloer hè. Maar Paul Lieverst had geen excuus. Of miste hij ons zo, dat hij, toen hij nog als enige over was gebleven, acuut remise gaf?

Ach wat doet het er toe. Die beker hebben wij ook weer geledigd. Dat geeft toch een voldaan gevoel.

ES

Sans rancune

Over een zangvogel die tot grote hoogten stijgt en een kapitein die zijn schip verlaat opdat het zinken zal

Schaken op zaterdag. Wie heeft dat verzonnen, wat is er misgegaan en hoe breien we dat recht? De NHSB houdt een enquête en Castricum ontvangt Krommenie. Er zijn invallers nodig. Drie maar liefst, eigenlijk twee, maar daarover later meer. De animo is niet groot. Op het allerlaatste moment monsteren drie dapperen aan. De voorzitter uit hoofde van zijn functie, een speler met lichte tegenzin omdat hij eigenlijk moet basketballen en een echte liefhebber die zijn orang-oetan wel eens op dit niveau wil loslaten. Uw verslaggever wil ook wel, hij heeft speciaal zijn wedstrijd voor Excelsior tegen de vermaledijde Kennemer Combinatie afgezegd, maar de reglementen verbieden het hem. Ja kijk, als de een niet wil, de ander niet kan en de derde niet mag, dan wordt het nooit meer wat. Maar gelukkig, ook Krommenie heeft de nodige invallers opgetrommeld. Er kan dus gespeeld worden.

Wedstrijdleider Kees Lute

Op het eerste bord schuift Cor van Dongen onze Eric van der Klooster geruisloos weg. Dat is een klein wonder want Eric verliest eigenlijk nooit. Bijna nooit dus. Nu gaat het in de opening al fout. Eric krijgt met zwart een pion op e4, die wel hinderlijk is, maar ook erg zwak. Als hij hem moet verdedigen kiest hij de verkeerde zetvolgorde.

Cor van Dongen-Eric van der Klooster, stand na 13.Dd1-c2
Cor van Dongen-Eric van der Klooster, stand na 13.Dd1-c2

Zwart verliest na 13. … Lc8-f5 14. f2-f3 b7-b5 15.f3xe4 de pion en even later de partij. Als hij zijn eerste twee zetten om had gedraaid zou hij het wit heel moeilijk hebben gemaakt: 13… b5 14. Lb3 Lf5 15. f3 c5! 16. fxe4 Lg6.

Intussen zijn Mark Min, die dus eigenlijk naar basketbal had gemoeten, en zijn tegenstander Peter Alberts op bord zes remise overeengekomen. Daar is niks mis mee, maar het is niet erg opwindend.

Wel opwindend is wat er gebeurt op het tweede bord tussen Hans Leeuwerik en Wim Moene. Vlak voor het begin van de wedstrijd was de Krommenie-speler nog in opperbeste stemming. Na de wedstrijd, hij nam het sportief op, iets minder.

Dit is dus vóór de partij: links op de voorgrond Cor van Dongen, daarachter Wim Moene

De partij, kort maar krachtig:

leeuwerik hoog in de lucht
hoe mooi is je vlucht
hoe zuiver klinkt je zang
voor niemand bang

Hans Leeuwerik legt uit aan Gerard Kuijs: “Ja paard f7, ik moest het proberen”

De stand is gelijk en blijft dat nog even als Ger Holsteijn op bord vijf zijn herhaalde verzoek om remise uiteindelijk ingewilligd ziet door Simon Dekker.

Wouter Beerse op bord vier doet het anders. Die biedt geen remise aan maar offert een stuk. Zijn tegenstander Erik Breedveld schrikt en durft niet te pakken. Wouter komt heel erg goed te staan. Maar dan gebeuren er ongelooflijke dingen.

Wouter Beerse-Erik Breedveld, stand na 28.Tf1-f3
Wouter Beerse-Erik Breedveld, stand na 28.Tf1-f3

Zwart doet 28. … Pf8xh7? (in plaats van 28…Pe2+). En wit offert lekker door met 29. Pg4-e5+? (in plaats van 29.Dxh7 Te1+ 30.Pf1 Txf1+ 31.Txf1 Pxf1 32.Ph6! en de loftuitingen zouden niet van de lucht zijn geweest). Maar nu is het weer de beurt van zwart om mis te tasten: 29. … Te6xe5? (in plaats van met 29…Kg8 de buit binnen te halen), waarna wit het foutenfestival in stijl afrondt met 30. Db1xh7?? (in plaats van 30.dxe5). Hij staat nu verloren, maar geeft niet op.

Een bord hoger doet Robert van der Wal goede zaken tegen broer André Breedveld.

André Breedveld-Robert van der Wal, stand na 22.De3xb6 axb6
André Breedveld-Robert van der Wal, stand na 22.De3xb6 axb6

Zwart heeft overduidelijk en meer dan genoeg compensatie voor de pion die hij gegeven heeft. Dat blijkt meteen als wit te overhaast zijn volgende zet doet: 23. f2-f4? Er had eerst op c8 geruild moeten worden, dan staat het na 23.Txc8+ Txc8 24.f4 Tc2 25.fxe5 Txe2 26.Tf2 Te1+ 27.Tf1 aardig gelijk. Nu volgt er 23. … Tc8xc3 24. b2xc3 Ta8xa2 25. f4xe5 Ta2xe2 en wit kan niet op f6 slaan wegens mat op g2! De partij wordt simpel gewonnen door zwart.

Al op de eerste zet e4? Dat hebben ze mij niet verteld.

Hierna gaat het mis voor Castricum. Invaller Wim Pool op bord zeven komt er eigenlijk niet aan te pas tegen Ronald Kraakman en op bord acht weert de derde invaller Han Duinker zich kranig tegen Lex Goudriaan, maar moet uiteindelijk capituleren voor de klassieke koningsaanval van de zwartspeler.

De wedstrijd is gespeeld. Alleen Wouter Beerse en Erik Breedveld zijn nog niet klaar. Wouter heeft hoofdschuddend wat pionnen gegrabbeld voor de verloren loper en bereikt met een gezonde portie strijdlust en een klein beetje geluk nog net remise. Het is onvoldoende voor een gelijkspel.

De mannen hebben hun best gedaan. Maar waar was toch de teamcaptain? Die wil niet degraderen en doet daarom niet meer mee, met het bijkomende voordeel, sans rancune, dat degradatie dan echt onafwendbaar is, wat het probleem van de zaterdag ook meteen oplost. Het mes snijdt aan twee kanten. Voor de goede orde: de redenering is niet van mij, het commentaar wel.

ES

En een stoel voor de wedstrijdleider

De Wijkertoren speelt zijn bondswedstrijden in de Moriaan te Wijk aan Zee. Niet altijd, dan staat er een team (uit Groningen bijvoorbeeld) voor niks in Wijk aan Zee, maar vaak ook wel en dan staat er een team (van Krommenie bijvoorbeeld) per abuis bij de Prinsenhof in Beverwijk. Nu speelde de Wijkertoren ‘gewoon’ in Wijk aan Zee en we waren er allemaal: De Wijkertoren 1 en 2, Castricum en de Groninger Combinatie. Alleen de zaal was niet besproken. Of wel besproken, maar afgezegd. Daar kwamen we niet achter, want de verantwoordelijke man zat in Zuid-Amerika. De Moriaan werd in ieder geval  geteisterd door een kinderfeestje en tot overmaat van ramp was er ook nog een zogenaamde stamppotrun. De schakers werden na ferme onderhandeling gedoogd en opgeborgen in het achterste zaaltje en de bar was aanvankelijk verboden gebied, hoewel de regels in de loop van de middag wat werden opgerekt. Iets over enen had ook de wedstrijdleider de weg naar het bezemhok gevonden. Hij werd door een opgewekte voorzitter van de Wijkertoren, Hans Wiemerink, verwelkomd met de woorden: ik heb in ieder geval een stoel voor je geregeld. Auke Nicolai keek er niet van op en maakte het zich zo gemakkelijk mogelijk te midden van het gedrang.

Wedstrijdleider Auke Nicolai

Om kwart over enen had iedereen een plaatsje gevonden, waarbij opviel dat de Wijkertoren 1 en de Groninger Combinatie met zijn grootmeesters twee keer zoveel ruimte kregen als de Wijkertoren 2 en Castricum. De laatste twee teams hadden nauwelijks ruimte om te bewegen en al helemaal geen om te schrijven.

De Wijkertoren 2 (aan de rechterkant) tegen Castricum 1 (aan de linkerkant)

Ik bood aan alle zetten voor ze te noteren, maar dat deden ze toch liever zelf: op hun knie, onder de rand van hun bord geschoven of op andere voor mij ontoegankelijke plekken, zodat ik aan het eind alle formuliertjes moest zien te bemachtigen om er een foto van te maken. Ja, het is behelpen in de onderbond.

Niko Kok tegen wie

Maar tegen wie speelde Nico Kok eigenlijk? In elk geval stond het na elf zetten zo:

kok

Dat moet je natuurlijk niet doen. Een paar zetten later had hij eerst de zwarte damevleugel opgeruimd en toen liep hij op de andere vleugel dwars door de porseleinkast van de kort gerokeerde zwarte koning heen. Toen hij zijn f-pion op g8 tot  tweede dame  had gekroond (zou verboden moeten worden) gaf Heleen van Arkel (u had het al geraden?) op.

Er zaten twee helden uit vroeger tijd in de (vooruit, ik wil niet rot doen) zaal. Peter Uylings speelde voor dWT1 (en had praatjes voor twee) en Nico Kok (zwijgzamer maar vele malen kampioen van Weenink) voor dWT2. Nico borg bord en schaakstukken op toen kunst en gezin hem meer bleken te boeien dan een spelletje schaak. Wij vroegen hem vaak: kom weer eens schaken. En dan hield hij de boot af. Er moest ook nog gewerkt worden. Maar opeens was daar Cas, zijn zoon, die schaken kon. Van wie had hij dat geleerd? En nu dan in dat kielzog Nico zelf weer. Of eigenlijk geen kielzog, hij is de boeggolf van het tweede.

Sommige spelers (Van der Klooster en Spruit, Van Wonderen en Van Maassen) hielden opzichtig rekening met het dreigement dat de bar voor de schakers om drie uur zou sluiten en tekenden dus ruim op tijd voor remise.

Helemaal op het laatste bord (dat was nog net bereikbaar) vloog de nog steeds opgewekte voorzitter van de Wijkertoren, Hans Wiemerink, de nestor van Castricum, Ger Holsteijn, naar de keel. Dat kon niet goed gaan.

  • Diagram 1  zwart heeft heel onvoorzichtig de h-lijn geopend maar dreigt nu met e5-e4 de witte loper van de aanval af te snijden, dus de voor de hand liggende zet voor wit is 25.Lf5 (eventueel gevolgd door 26.Dh3) wat minimaal een kwaliteit wint, maar hij doet 25.Pd2-b3 wat zijn voordeel in één klap te niet doet
  • Diagram 2  nu heeft wit nog een aantal mogelijkheden om groot onheil af te wenden, bijvoorbeeld 27.Dh3-h8+ Kf8-e7 28.Dh8xg7 Dc7-f4 (28… exd3 29.Te1+) 29.Ld3-e2 (komt dat rare paardje op b3 toch nog van pas), maar hij wikkelt af met 27.Th1-c1 Dc7-f4! 28.Tc1xc8+ Lb7xc8 29.Dh3-h8+ Kf8-e7 30.Dh8xc8 e4xd3 31.Dc8xa6
  • Diagram 3  een hopeloze stand voor wit, tenminste als zwart  31… De4 heeft gespeeld en niet 31… Df3 (sorry, uw verslaggever weet het niet, hij kwam ogen te kort): in het eerste geval is er geen ontkomen meer aan (32.Da3+ Ke6 33.Pc1 d2+) en in het tweede geval zou alles nog met een sisser afgelopen zijn (32.Da3+ Ke6 33.Pc1! komt dat rare paardje toch nog van pas)
  • Diagram 4  de ongelukkige heeft helemaal geen Da3+ gespeeld maar Kc1 en Dc8 en staat nu mat

Wat een partij riep de winnaar in euforie. Het was zijn vijfde overwinning op rij. Er had meer in gezeten verzuchtte de voorzitter van de Wijkertoren iets minder vrolijk.

De partij Rakhorst-Kuijs in de eindfase

Even daarna schoof Wim Rakhorst heel beheerst zijn partij tegen Gerard Kuijs naar winst. Zie hoe netjes de witte stelling is en wat een brokkelkaas de zwarte. Er ontbreekt trouwens al een zwarte pion.

Hans Leeuwerik voor zijn partij

De Wijkertoren 2 stond op voorsprong en daar zou zo een twee drie geen verandering meer in komen, want de partijen Cas Kok-Hans Leeuwerik en Henk van der Eng-Cees Duivenvoorde werden allebei remise. Hans Leeuwerik speelde echt heel degelijk. Henk van der Eng ietsje minder. Hij viel aan met alle pionnen voor zijn koning naar voren. Het werd ogenschijnlijk een ravage, maar Cees ving de aanval keurig op en het was waarschijnlijk aan zijn lankmoedigheid te danken dat Henk uiteindelijk niet tegen de lamp liep.

eng3Zwart speelde 34…Dxf5, waar 34…Dxd3 toch echt wel kansen had geboden.
Henk hield de partij, die in een eindspel met ongelijke lopers resulteerde, op laten we zeggen onderhoudende wijze remise.

En toen was er nog één partij aan de gang. Die tussen Robert van der Wal en Richard Schelvis.

Richard Schelvis aan het denken gezet

Richard was op de twaalfde zet overvallen door een combinatie van Robert die er zijn mocht.

wal112.Pc3-d5! Wij telden de partij al. Maar Richard ging in de verdediging en liet zich helemaal knevelen. Toen wist Robert het opeens niet meer. Hij probeerde het op de gemakkelijke manier, maar Richard wilde niet opgeven. Hij vlocht wat dreigingen in de stand, maar Richard trapte daar niet in. De afwikkelingen naar een voor wit gewonnen eindspel zocht Robert niet of Richard wilde niet meewerken. Richard deed eigenlijk een tijdlang helemaal niets, onder het motto: wie geknipt wordt moet stil zitten. Dat ging zo door tot en met de veertigste zet.

wal2En toen geloofde Robert het wel. Het moest een lolletje blijven. Hij produceerde een serie halfslachtige zetten, die het Richard mogelijk maakten zich als Houdini uit zijn boeien te bevrijden. Zullen we het maar op remise houden, hoorden we Robert zeggen. Een gentleman. Maar ja, opeens was het geen 4-4 meer, maar had Castricum verloren.

2016 Wijk aan Zee - Wijkertoren [20160213-Pentax K01-20784]

Words Without Music

2016 Castricum - Waagtoren [20160109-Pentax K01-20517]De wedstrijd Castricum 1 tegen de Waagtoren 3 was nog maar net begonnen. Er was nog niet veel te beleven, dus ik zat wat te lezen in Words Without Music van Philip Glass toen iemand me kwam melden dat Eric van der Klooster een “leuk zetje” had gedaan. Ik rukte me los van Philip, over wie Aart Kögeler van de Waagtoren zich even tevoren nog hardop had afgevraagd of dat wel muziek was wat die man schreef en hij had mij daarbij onderzoekend aangekeken, mij in verlegenheid brengend, want veel meer dan Einstein on the Beach kende ik niet en dat alleen omdat ik het zo’n mooie titel vond, terwijl Aart een hele stapel opera’s van de man had en er dus veel meer van wist. Aan de kop van de wedstrijd had zich volk verzameld rond het eerste bord en dat zogenaamde leuke zetje van Eric.

Leuk zetje? Een tackle met twee benen vooruit op de enkels van de tegenstander was het, nee die had liever een eerlijke elleboogstoot gehad, nu moest hij maar zien hoe hij alles weer in de kom kreeg, dat ging echt niet lukken. Eric probeerde zo onschuldig mogelijk te kijken. Alex Albrecht daarentegen had behoorlijk de smoor in. OK, hij had even niet opgelet, maar om dan gelijk zo… maar hij ging er nog wat van maken. Hij probeerde van alles, gooide zijn koning om en zette die op een iets gunstiger plaats weer terug, riep op de 42e zet triomfantelijk “VLAG” en bood toen hij echt geen uitweg meer zag remise aan. Eric knipperde niet eens met zijn ogen, stak zo hier en daar een handje toe en rekte de partij keurig tot alle anderen ook klaar waren. Een waar kampioen.

Ondertussen hadden de andere Castricummers ook niet stil gezeten. Heleen van Arkel schoof heel gemakkelijk Albert van der Meiden aan de kant. Die vond dat eerst niet leuk, maar klaarde op toen hij hoorde dat zij ook nog De Greef heette. Toen vond hij het een eer. Verloren van een kampioene. Daar had hij vrede mee.

Hans Leeuwerik en David Baanstra deden elkaar geen pijn en hetzelfde gold voor Piet Kuijs en Johan Plooijer. Zie daar maar eens een flitsend verslag van te maken voegde Piet mij na afloop toe.

Wouter Beerse klaagde. Hij had last van het licht en keek daarbij moeilijk. Ik fluisterde: van jicht? Nee van het licht. En ik weer: je lijkt Fischer wel. Dat monterde hem op. Qua schaken, bedoel je? Hij ging er nog eens goed voor zitten en toen Egbert van Oene zichzelf in de problemen bracht was hij niet te beroerd om ook een puntje bij te dragen.

De schlemiel van de dag was Piet van Wonderen. Zei hij zelf. Maar hoe kon hij dat nou zeggen? Er zijn belangrijker zaken in het leven, verklaarde hij diepzinnig. Ja, dat vond ik nou ook, bovendien had ik het koud, dus ik ging de verwarming stiekem wat hoger zetten. Voor Leendert Hartgers hoefde dat niet. Als enige winnen, wat is er mooier dan dat.

Henk van der Eng leverde wederom vakwerk af. Hij is topscorer. Zijn “1000 Airplanes on the Roof” waren de “The Witches of Venice” van Aart Kögeler te machtig. Laat maar, ik weet er niets van, maar zoals gezegd die titels zijn mooi. En was het niet iets met Linda Ronstadt? Aart kreeg het er benauwd van en toen hij niet verder achteruit kon werd hij door Henk platgewalst.

En nu dan de andere topscorer: Ger Holsteijn. Hij moest het opnemen tegen Sandra Keetman en die is voor de duvel niet bang. Zij viel aan. Maar Ger verdedigde even geroutineerd als ingenieus. Zijn gecamoufleerde tegenaanval op de lang gerokeerde koningstelling van Sandra bracht haar zo van haar stuk dat ze de draad kwijt raakte en uiteindelijk in een te moeilijk eindspel terecht kwam. Ger won en zei toen: “je hebt goed gespeeld”. Hij bedoelde het goed. Maar het is iets uit vroeger tijd. Tegenwoordig zijn de bordjes verhangen. Zal ik uitleggen. Het gebeurt mij wel eens dat ik verlies van een heel jong talentvol schakertje. Dat is erg. Maar nog veel erger is het als het knaapje of meisje dan zegt: “goed gespeeld meneer”. Keurig hoor, maar dan ga ik pas echt door de grond. Ger geeft geen krimp, houdt stand en speelt als een jonge god.

Na afloop waren de Castricummers snel verdwenen. De Waagtorenaren daarentegen vierden hun nederlaag aan de bar. Totdat er iemand zei: we hebben wel verloren heren (en dame), en nog wel van Castricum. Ja dat wordt een moeilijk verhaal zei een ander. Doe dan nog maar een rondje zei een derde. Jan van Riel ging bellen dat hij nog niet thuiskwam.

 

ES

Een visje uit Volendam

De eerste zet op het eerste bord in de schaakwedstrijd Castricum-Volendam

Om de eerste zet van Volendammer Jan Tol kon Robert van de Wal nog wel lachen. Om zijn laatste niet meer. Tussendoor hadden de twee spelers behalve een partijtje schaak ook een potje wie is het meest relaxed opgevoerd. Jan vertelde tussen zijn zetten door aan de bar hoe het zat met de namen (zijn club telde bijvoorbeeld zes Veermannen, waarvan ze er twee meegenomen hadden) en de bijnamen (daarmee hield je ze zo nodig uit elkaar) in Volendam. En Robert vroeg of al die zetten die ik opschreef in mijn openingsvoorbereiding pasten en of ik ergens al een zet van een vraagteken had voorzien. Dat mag helemaal niet, zei ik, en bovendien, als je echt hatelijk wilt zijn, dan moet je duidelijk zichtbaar “TN” (theoretisch nieuwtje) noteren bij de eerste de beste stomme zet van je tegenstander. Ik heb meegemaakt dat iemand die dat overkwam niet verder wilde spelen. En zo sloegen we ons gezamenlijk door de partij heen, waarin Robert een pion won, maar wel met zijn hele cavalerie ver afgedwaald, waarop Jan, wiens oom of grootvader, daar wil ik van af zijn, in het dorp Le Fou werd genoemd, omdat hij wel eens in Frankrijk was geweest, zíjn paarden recht op Roberts onbeschermde koning afstuurde.

Tol-Van der Wal
Tol-Van der Wal
stelling na 30.Pf2-g4

En daar was ie dan: 30. … Kg8-g7?, waar de moeilijk te vinden computerzet 30…Pb2! nog de enige redding zou zijn geweest (31.Pxh6+ Kg7). Wits volgende zet maakt alles duidelijk: 31. Ta3xb3! Tegen de dreiging Dd4+ is nu geen kruid meer gewassen. Er volgde nog 31. h6xg5 32. Dd1xd4+ Te8-e5 33. f4xe5 Dd7xg4 34. e5-e6+ Kg7-h6 35. Tb3xb7 en zwart gaf op.


De stand werd gelijk getrokken door Henk van der Eng, die zijn tegenstander Erik Steur in tijdnood verschalkte:

vdeng
Van der Eng-Steur
stelling na 38.Df8xe8

38. c4-c5 e6-e5? 39. c5-c6 en de pion is niet meer te stoppen.


We kwamen op voorsprong door Eric van der Klooster, die eerst een loper van zijn tegenstander Enno Veerman in moeilijkheden bracht en toen de aanval die daaruit ontstond bekwaam tot winst voerde. Het was nog net geen stikmat, maar wel voldoende voor (weer) een punt.

Jammer genoeg verloor Hans Leeuwerik in een rommelige partij van Reinier Bodemeier, die een paar goede kansen voorbij liet gaan, maar uiteindelijk toch toesloeg. Hans dacht dat het misschien beter was geweest als hij niet ook de avond tevoren had geschaakt, want nu ontbrak het hem net aan de benodigde concentratie.

Ondertussen was Nanny al lang bij de Volendammer Vishandel VD119 een visje gaan vangen en ik was mijn boterhammen weer eens vergeten op te eten, onder meer omdat ik Wouter Beerse in de gaten moest houden. Die speelde opnieuw een boeiende partij. Met wit kwam hij een beetje moeilijk uit de startblokken, want na zeven zetten stond er een bekende stelling op het bord waarin hij eigenlijk aan zet behoorde te zijn, maar op de een of andere manier was dat nu zwart. De bordjes waren dus als het ware verhangen en bleven dat een tijdje totdat zijn tegenstander Jan Veerman de tijd rijp achtte een gevaarlijk pionoffer te plaatsen.

Beerse-Veerman
stelling na 25.Pe4-f2

25… e5-e4!? 26. Lc3xg7 Td7-d2 27. De2-e3 De7xg7 28. f3xe4 Lf5-e6 29. Ta1-d1 (29.e5 was iets makkelijker geweest) Dg7-b2 en zwart had druk langs de tweede rij en over de open lijn.

Na wat heen en weer geschuif (van zwarte dame en witte toren) stond het zo:

Beerse-Veerman
stelling na 32…Db2-a2

Wouter besloot zijn verdedigende opstelling te verlaten: 33. De3xa7 Td8-f8 34. Tb1-a1 Da2xb3 35. Ta1-b1 Db3-c2 36. Tb1xb7

Beerse-Veerman
stelling na 36.Tb1xb7

Nu werd het interessant. 36…Ld7 is goed, 36…Tf7 is fout.

36. … Tf8-f7 37. Tb7xf7 Le6xf7 en met Tf1! (in plaats van schaakjes met de dame) had Wouter de zaak kunnen klaren:

Beerse-Veerman
analysediagram

Het idee is 38. … Db2 39.Pg4! (dekt h2 en opent de f-lijn, volgens het rekentuig).

Een normaal mens komt hier niet op. En Wouter vergat zijn smartphone te raadplegen, wat hij in het begin van de partij nog wel had gedaan. Hij moest dus de laatste zetten op eigen kracht zien te vinden. Wel kreeg hij nog een paar kansen, maar de partij verzandde uiteindelijk in remise door eeuwig schaak. Heb ik ergens wat gemist, vroeg hij mij na afloop bezorgd. Ik ga het uitzoeken beloofde ik hem.  (Voor Wouter: 47.Pg4! en 49.De5!)

Ger Holsteijn gaf ons hoop. Niet omdat hij met zwart remise voorstelde in onderstaande stelling:

Van Essen-Holsteijn
stelling na 43.Kg6-f5

Maar wel omdat zijn tegenstander Luuk van Essen dat aanbod afsloeg en meteen een hele slechte deed: 44. Ld4-b6 (in plaats van Ke2 of Lg7 met uitstekende winstkansen).

Het eindspel werd bijzonder ingewikkeld. Te moeilijk voor de witspeler. Zwart gooide nu al zijn zetjes vlot en zorgeloos op het bord en bood daarmee zijn piekerende tegenstander nog één piepkleine ontsnappingsmogelijkheid.

44. … Kf5-g4 45. Kd2-e2 Kg4-g3 46. Ke2-f1 h6-h5 47. Lb6-d8 g3-g4 48. Kf1-g1 Kg3-f3 49. Ld8-g5 g4-g3 50. a2-a4

holsteijn2
Van Essen-Holsteijn
stelling na 50.a2-a4

Het hoofdthema is nu tempo: 50…Kg4! 51.Lf6 (niet Lf4? = partij) h4 52.Le7 h3 en de loper komt er nog wel bij (zie verderop) maar nu met een witte pion op de b-lijn (in plaats van de a-lijn) en dan is het overblijvende eindspel gewonnen.

50. … b5xa4? 51. b3xa4 Kf3-g4

Van Essen-Holsteijn
stelling na 51…Kf3-g4

52. Lg5-f4?

Nu is wit echt verloren. Met 52.Le7 h4 53.Lf6 h3 54.Kh1 Kf3 55.Lh4 g2+ 56.Kg1 had hij zich gered, lijkt mij.

Na 56… a5 komt er nu een patmotief bij (zie bijvoorbeeld meteen 57.Lg3 en daarnaast wordt de zwarte a-pion een prooi voor de loper.

Dus we gaan verder met 56…Kxe3 57.a5. De loper gaat nu linksom of rechtsom naar de diagonaal e1-a5 en de witte koning naar f2.

Illustratieve varianten zijn: 57…Kf3 58.Le1 h2+ 59.Kxh2 Ke2 60.Lc3 Kf1 61.Ld4 en 57…Kd2 58.Le7 e3 59.Lb4+ Ke2 60.Ld6 Kd1 61.Lb4 e2 62.Kf2 h2 63.Kxg2 e1D 64.Lxe1 Kxe1 65.Kxh2 dit eindspel is remise (de witte koning sluit de zwarte op langs de a-lijn en/of hij loopt naar a1).

52. … h5-h4 53. Kg1-g2 h4-h3+ 54. Kg1-f1 Kg4-f3 55. Kf1-g1 h3-h2+ 56. Kg1-h1 Kf3-f2 0-1

Om het verhaal niet al te lang te maken: Wim Pool (“Evert schrijf je nog een leuk reisverslag”, waar zou dat nu weer op slaan?) verloor een pionnetje, zag dat niet meer terug en moest uiteindelijk capituleren voor Nico Koning en Heleen van Arkel werd overklast door de ontembare Frans Vlugt. Maar zij stal mijn hart door mij uit te nodigen voor de gezamenlijke maaltijd. Helaas, dat vermaledijde visje uit Volendam lag thuis op mij te wachten.

ES/09/11/2015

Vuurdoop


De eerste wedstrijd van Castricum in de promotieklasse na lange tijd was een leerzame. De Uil uit Hillegom kwam op bezoek en dat was op alle borden sterker. Op papier dan. In werkelijkheid wilde ik dat nog wel eens zien. Van wedstrijdleider Kees Lute mocht ik alleen de eerste tien minuten foto’s maken, maar toen was er nog niet veel aan.

Dus het wachten was op de eerste schermutselingen. Die kwamen op het bord bij Heleen van Arkel en bij Ger Holsteijn. Heleen kreeg op het eerste bord met zwart meteen in de opening al een pionoffer voorgeschoteld door Peter Pijpers en durfde daar niet op in te gaan. Ze zou een verschrikkelijke aanval over zich heen hebben gekregen. Nu gebeurde dat even later toch en ik verdenk Peter Pijpers van een akelig goede voorbereiding. Dat zag er niet goed uit voor ons. En Ger was onherkenbaar. Normaal een vechtjas, maar nu met zwart op het vijfde bord geen schijn van kans tegen Jan Havenaar. Bijna elke zet van Ger was…ja wat zal ik er van zeggen. Na zijn vijftiende ben ik troost gaan zoeken bij Jan van Riel, die de bar bemande.

Terug naar de borden. Ik ging zetten schrijven. Dat is geen sinecure, maar ik heb ze allemaal, dus de spelers kunnen me niets meer wijs maken. Nico Kuijs met name vond dat zorgelijk. Hij informeerde bij mij wat ik er mee van plan was. Even later was zijn partij op het vierde bord tegen Fred van Randen remise en om eventuele kritiek voor te zijn wees hij mij er voor de zekerheid op dat hij niet veel tijd meer had gehad. Toch had hij een prima prestatie geleverd, weliswaar een kwaliteit ingeboet, maar tegen twee pionnen en in de slotstelling stond hij inderdaad duidelijk beter.

Heleen verloor. Ger verloor. Maar het was nog niet gedaan. Het was alleen jammer dat bij onze kampioen Eric van der Klooster, tweede bord, de oude kwaal weer opgeld deed en dat is met wit een prima stelling in remise proberen te vertalen. Nu gebruikte hij zijn voordeel om de zware stukken langs de open d-lijn af te ruilen en toen hij in het verre middenspel bij een ogenschijnlijk ongevaarlijke pionnenruil iets te snel terugsloeg bleek hij plotseling in een gemeen valletje van Ad Reijneveld te zijn getrapt. Eric vocht voor wat hij waard was, maar het was niet genoeg.

Ik zag het even niet meer zitten en herinnerde me dat ik boterhammen meegenomen had. Dat wordt dan wel tijd zei Jan van Riel, het is al half drie.

Hoe ging dit aflopen? Dat werd geen vuurdoop maar een partijtje kielhalen. Gelukkig staken Henk van der Eng en Hans Leeuwerik daar een stokje voor. Hans won met zwart op het zevende bord van Jan Vreeburg. Met een gelukje, zei hij verontschuldigend. Dat was niet helemaal waar. Zijn tegenstander verdedigde een voor hem moeilijk eindspel niet goed en Hans profiteerde.


39. a2-a4? Ke5-d4 40. b4-b5 f4-f3+ en de pion loopt door en/of de loper gaat door een paardvork verloren. Kennelijk was dat het gelukje waar Hans op doelde.

En Henk won op het zesde bord met wit van Edwin Heemskerk. Zijn zetten waren onleesbaar, dus ik vroeg hem de partij een beetje netter op te schrijven. Ik mail ‘m wel, zei Henk. Even later bedacht hij zich. Schrijf jij het verslag, vroeg hij. Dan krijg je van mij de zetten. Deal. Alleen, nog steeds niet te lezen. Ik meen dat hij won omdat zijn tegenstander het vertikte met b7-b6 zijn pion op c5 te dekken en in plaats daarvan een vaag lijntje naar Henks koning opende, wat niets opleverde.

Nog twee partijen te gaan. Gerard Kuijs, met wit op het achtste bord, speelde goed. Heel goed. Remise lange tijd binnen handbereik. Maar toen bezweek hij zoals de tegenstander van Hans: in het eindspel.


Gerard had zojuist de blunder 48. Pb2-d3 (in plaats van Pb2-c4) geproduceerd. Zwart profiteerde meteen met 48. … c5-c4! 49. b3xc4 Kb5xc4 50. Pd3-c1 a5-a4 en er was geen houden meer aan.

En toen was alleen Wouter Beerse nog over. Zijn partijen zijn altijd de moeite waard. Hij speelde op het derde bord met zwart tegen Jerry Bey.


50. h4-h5 Ke5-f5 51. a3-a4 Kf5-g4 52. Ke3-e4 Lf6-d4 53.Pg2-e1 Kg4xh5 54.a4-a5?


De beste stuurlui stonden aan wal. Wouter ging winnen! Zelf dacht hij daar kennelijk anders over. In plaats van te slaan op a5 deed hij 54. … Kh5-g6 maar hij kreeg een nieuwe kans: 55. a5xb6 a7xb6 56. Pe1-f3 Ld4-c3? Dat was niet zo slim. De loper had zijn werk beter gedaan op f6.


Nu greep wit zijn kans:
57. d3-d4! en na 57. … g5-g4 58. Pf3-e5+ Kg6-h5 59. d4xc5 Lc3xe5 60. Ke4xe5 begon het rennen van de pionnen met remise als gevolg.

Er had meer in gezeten verzuchtte menig speler.


ES/27/09/2015

Wijkertoren kampioen

Afgelopen zaterdag won het eerste team van de Wijkertoren met 5-3 van Laurier-Gambiet, waarmee op de valreep het kampioenschap in de tweede klasse B van de KNSB werd behaald. Hierboven is de matchwinnaar Dennis Ruijgrok in gesprek met Sjoerd Plukkel. Zij vormden de winnende tandem op het derde en vierde bord.

De scheidsrechter

Aan het begin van de middag maakte de wedstrijdleider het zich gemakkelijk. De telefoons mochten in de zak blijven, hij wilde ze alleen niet horen.

Rick Duijker

Het eerste bord was in goede handen van Rick Duijker. Hij boekte een soepele remise, tussen de niesbuien door.

Erik Schoehuijs

Erik Schoehuijs speelde sterk, totdat hij pardoes een toren weggaf. Zijn tegenstander pakte, maar moest onmiddellijk daarna in remise berusten: eeuwig schaak. Het bracht de Wijkertoren op de drempel van de winst, maar het was niet helemaal naar Eriks zin.

Dennis Ruijgrok

Dennis Ruijgrok is de sterkste van het stel. Hij speelde weer een eindspel om van te watertanden. Zijn tegenstander kon er ook niets aan doen. Hij moest doorspelen ook toen het al lang niet meer ging.

Sjoerd Plukkel

Sjoerd Plukkel kreeg in de opening een pionnetje cadeau. Even later pakte hij er nog een, na rijp beraad, want toen moest hij wel even goed opletten. Maar hij had het goed gezien.

Jimmy van Zutphen

Jimmy van Zutphen is onherkenbaar. Hij wint plotseling al zijn partijtjes. Dus ook deze. Heel eenvoudig. Met een vrijpion en net als we denken, hoe moet dat verder, met een dansend paard en een vrolijk rondje door de piste. Topscorer.

Bastiaan Veltkamp

Bastiaan Veltkamp probeerde het ook. Alleen kwam zijn paard een beetje buiten de piste terecht. Want toen het mee moest verdedigen, kon Bastiaan fluiten wat hij wilde, maar het beestje kon hem niet meer helpen.

Thomas Broek

Thomas Broek is niet bang. Hij zette zijn koning lang gerocheerd helemaal in de hoek en toog ten aanval. En met succes. Een toren leverde het hem op. Zijn tegenstander wist niet dat je op mocht geven, daar had de wedstrijleider niets over gezegd. Werd Thomas toch nog even een beetje zenuwachtig.

Bart-Piet Mulder

Bart-Piet Mulder had nog niet gegeten. Gaf niet, hij speelde zijn lijfvariant. Maar toen hij al of niet gedwongen zijn dame inleverde voor twee torens bleek het bij hem plotseling een onsamenhangend zootje te zijn. Al zijn pionnetjes gingen er van af. Jammer.

ES/25/04/2015