Vleermuis 92

Dichten met boektitels

Jan Groen Achter spiegels en maskers (1980)
Ha Jin Wachten (Waiting, 1999)
Truman Capote In koelen bloede (In cold blood, 1965)
Anna Enquist De verdovers (20111)

Vandaag is de eerste prik gezet. Laat u niet bang maken. Ik wacht het nog even af. Want nog niet aan de beurt. Bovendien hebben ze mijn favoriete goedje hier niet. Sputnik V. Sterk spul. Vijfennegentig procent. Moeilijk te krijgen. Jammer? Ja jammer. Dat zit zo:

Het schooljaar in 1957 was nog geen maand oud toen we een nieuw schriftje kregen van onze meester, waarin we dagelijks het nieuws van de dag zouden gaan bijhouden, met foto’s en berichtjes uit de krant. Had meester verzonnen. Het project kende een vliegende start. Ik was jarig en de dag daarna, op 4 oktober, werd de Spoetnik 1 de ruimte in geslingerd. Door de Russen. Op maandag 7 oktober lazen we het in de krant. De Amerikanen keken vreselijk op hun neus. Vooral de jongens in de klas vonden het geweldig. Dit was wereldgeschiedenis. Een mooiere opening van het schriftje konden we ons niet wensen. Toch is zo’n begin ook dodelijk. Het leek daarna al gauw nergens meer op.

Het schriftje kwam niet vol. We begonnen aan een nieuw project. Corresponderen met de bemanning van een vrachtschip, waarvan de foto achterin de klas hing en dat we volgden via de scheepsberichten in de krant. En dan zetten we een vlaggetje op de wereldkaart in de haven waar ze aangekomen waren of net weer vertrokken waren. Had meester weer verzonnen. Ook dat project leed schipbreuk. We waren al gauw uitgeschreven.

Maar de Spoetnik uit 1957 is me dus bijgebleven. Dat spul met die naam moet ik dus hebben. Het liefst gemengd met een flinke scheut wodka. Voor de ontsmetting. Alleen is die eerste Spoetnik een paar maanden na de lancering weer neergestort. Niet aan denken.