Twaalf schaakfoto’s uit 2019

Foto’s van schaakwedstrijden en -toernooien in 2019. Op de meeste foto’s zijn schaakborden en schaakstukken te ontdekken; op één foto niet, maar wordt er naar gezocht.

De foto’s zijn ontleend aan de hieronder staande artikelen:

Tata Steel Chess on Tour in Alkmaar
Tata Steel Chess tienkampen
Open Alkmaars Schaakkampioenschap
Slot Assumburg schaaktoernooi in Heemskerk
ROC Nova College schaaktoernooi in Haarlem
NHSB snelschaakkampioenschap in Zwaag
Amsterdam Science Park Chess Tournament
Schaaksimultaan van Excelsior tegen Manuel Bosboom
KNSB-competitiewedstrijd VAS-De Wijker Toren
Haarlemse Meesters schaaktoernooi
Amstelveen Chess Masters schaaktoernooi

De uitslag kan net zo goed andersom zijn

In de eerste ronde van de KNSB-bekercompetitie verpletterde het bekerteam van de Waagtoren het arme Bakkum en daar werd gekscherend verslag van gedaan in Alkmaar, hetgeen de teamcaptain van Castricum, de grote broer van Bakkum, in het verkeerde keelgat schoot.

Een paar maanden later was in de voorronde van de NHSB-bekercompetitie hetzelfde sterrenensemble van de Waagtoren te sterk voor het dappere bekerteam van Castricum, waarvan dit keer op verdacht ingehouden toon verslag werd gedaan, opdat er niet opnieuw geklaagd zou worden en omdat de uitslag met een beetje fantasie net zo goed andersom had kunnen zijn.

In die bekerwedstrijden had de Waagtoren (om nog niet opgehelderde reden) zijn speler op het vierde bord opdracht gegeven om remise te maken, wat hem beide keren ternauwernood lukte. Zo werd het dus twee keer 3½-½ voor de Waagtoren.

En wat is nou zo leuk?

Spelers van een KNSB-bekerteam van een club die in de KNSB-competitie uitkomt in de 3e klasse of hoger, kunnen niet in een NHSB-bekerteam uitkomen.

Iedereen die ingeschreven is in een NHSB-team voor de normale competitie is speelgerechtigd, evenals alle spelers uit de KNSB-klasse 4 en lager.

Regeltjes regeltjes. Wie verzint ze en wat beogen ze? Ze liggen met glinsterende oogjes te wachten op hun prooi. In de bekerwedstrijd van de Waagtoren tegen Castricum in de NHSB stonden aan Alkmaarse kant drie spelers opgesteld waarop beide regels van toepassing zijn.

Kijk, dát is nou zo leuk!

Gisteravond hoorde ik namelijk dat de uitslag Waagtoren-Castricum van 3½-½ veranderd is in ½-3½. Dat geloof je toch niet. Maar alles onder voorbehoud. De uitslag kan net zo goed andersom zijn.

Lekker bezig

Bakkum-Bergen

De vierde wedstrijd van het zaterdagteam van de schaakclub Bakkum voegde een nieuw hoofdstuk toe aan het verhaal “Wat er allemaal mis kan gaan in het souterrain van de KNSB”. Om maar met de deur in huis te vallen: die zat op slot. We konden ons hok aan de Van Speykkade niet in. En toen we er wel in konden, een vroege biljarter had ons toegang verschaft, zat ook de materiaalkast op slot en ook daarvan hadden we de sleutel niet bij ons. Martin Oudejans ging Henk van der Eng bellen.

O ja, even tussendoor, niet onbelangrijk, Bergen 2 had gebeld dat ze maar met zes man kwamen. De rest was ziek, zwak, misselijk of uitbesteed. De eerste twee borden gaven ze op. Dus onze eerste twee man, Andre Breedveld en Henk van der Eng, kregen vrijaf van Martin, die niet kinderachtig wilde doen. Maar Henk moest nu dus toch komen met de sleutel van de kast.

Daar was Henk. Opgewekt als altijd. “Lekker bezig jongens, ik heb jullie toch een sleutel gegeven, waarom neem je die dan niet mee. En waarom spelen Andre en ik niet? Bergen gaat natuurlijk ook schuiven met de opstelling.” Sorry Henk. Rustig maar Henk. We staan met 2-0 voor. Henk besloot dat we voor straf na afloop niet uit eten gingen. Toen zag hij mij staan. Hij klaarde opeens helemaal op. “Wat ga jij nou doen Evert, dat wordt zeker hond in de pot, moet je niet even bellen?” Hoe wist hij dat nou? Ik ging wel een patatje halen.

We hoefden dus maar zes tafeltjes neer te zetten. Dat kwam goed uit, want we waren laat. En we moesten die vermaledijde klokken nog instellen. Dat was nog een heel gepruts. Met de handleiding erbij. En het gaf sommige teamleden de gelegenheid om met elkaar kennis te maken. Nico Pos had alleen de eerste wedstrijd meegedaan en Jan Koopman zat toen nog in Griekenland. Nico nam plaats op het derde tafeltje achter de zwarte stukken. Jan dacht dat Nico bij Bergen hoorde en begon dus omstandig uit te leggen dat het derde tafeltje eigenlijk het vijfde bord was en dat de uitspelende vereniging op de oneven borden wit had en de thuisspelende vereniging zwart. Oké, zei Nico die geduldig had geluisterd, dan zit ik goed, ik ben van de thuisspelende vereniging. En jij?

De wedstrijd dan maar. Die was zonder onze kopborden van een beduidend minder hoog niveau dan we gewend zijn. Bakkum parkeerde de bus en scoorde twee (Pim Hoff en Martin Oudejans) snelle remises. Toen verloor Nico Pos. En Jan Koopman ging ook niet al te lekker. Gelukkig won Erik Breedveld heel knap, dus we hadden vier punten. Nou nog een halfje. Het zou toch niet… Ik kreeg het er benauwd van. Mijn tegenstander vergaloppeerde zich en bood remise aan. Ik keek naar onze captain. Hij schudde zijn hoofd. Dus ik deed braaf nog een zet, waarop mijn tegenstander vloekte, de stukken op een hoop veegde en me de hand schudde. Hij was herstellende van een staaroperatie en zag het allemaal nog niet zo goed. Tranende ogen.

En er waren toeschouwers. Hans Leeuwerik kwam kijken met twee zeer welopgevoede honden. Ik moest denken aan de verjaardagen vroeger bij mijn vader en moeder thuis. Mijn moeder had alles netjes klaargezet en dan kwamen de tantes met de dalmatiërs Bruna (met de bruine stippen) en Kuçka (met de zwarte stippen), die met hun staarten enthousiast alle ingeschonken koffiekopjes van de salontafel veegden. Precies de goede hoogte hadden die honden. Vond ik. Mijn moeder niet. Alles in gruzelementen. Dat deden de honden van Hans niet. Die waren ook kleiner.

En Fred Kok was er. Hij temperde onze hoge verwachtingen. Kijken of deze overwinning stand houdt, zei hij. Zes tafeltjes in plaats van acht, dat vraagt om moeilijkheden. Afwachten wat de regels van de KNSB hierover te zeggen hebben.

De allerlaatste mohikaan was Jan Koopman. Hij is onze moedigste strijder en ons meest enthousiaste lid. Maar hij streed hier een verloren strijd. Kijk maar. De overmacht van Bergen was te groot. Mogen jullie niet opgeven vroeg Bergen aan mij. Nee, zei ik, dat mag niet. We mogen nooit opgeven.Vaak ook geen remise aannemen. En al helemaal niet aanbieden. Tenzij om tactische redenen. Opgeven is niet tactisch. Dat moet je zo lang mogelijk uitstellen.

Tata Steel Chess Tournament

Tata Steel Chess Tournament 2020

Tienkampen
17 januari 2020 … eerste ronde …… Zonder vrees of blaam
18 januari 2020 … tweede ronde ….. Uit een ander vaatje
19 januari 2020 … derde ronde ……. Ik lijk wel dronken
20 januari 2020 … vierde ronde …… Tweemaal applaus
21 januari 2020 … vijfde ronde …….. Analyseren noemt hij dat
22 januari 2020 … zesde ronde …… Mag dit allemaal?
23 januari 2020 … rustdag …………. Of golden hier andere wetten?
24 januari 2020 … zevende ronde … Er gebeuren rare dingen
25 januari 2020 … achtste ronde ….. Van de trap gevallen
26 januari 2020 … negende ronde … Rommeltje

Vierkampen
11 januari 2020 … tweede ronde van de weekendvierkampen
14 januari 2020 … tweede ronde van de dagvierkampen


Amstelveen Chess Masters 2019

Isafara Gergin


Chess Masters

Afgelopen weekend (zaterdag 30 november en zondag 1 december 2019) had het vijfde Amstelveen Chess Masters schaaktoernooi plaats in het Keizer Karel College. De onderdelen waren het Nederlands kampioenschap snelschaken (op zaterdag), het Nederlands kampioenschap rapidschaak vrouwen en mannen, het Brainwave open rapidschaaktoernooi en een Grand Prix schaaktoernooi voor de jeugd (allemaal op zondag).

De voorloper van dit toernooi was de BrainWave denksportmanifestatie. Er werd toen gedamd, gebridged, go en stratego gespeeld, en japans, chinees en gewoon geschaakt. In 2009, dus tien jaar geleden, won Robert Ris het schaaktoernooi. Hij is nu toernooidirecteur.

Ik kreeg toestemming om foto’s te maken.

BrainWave

Het wachten is op …

… dat ene briljante idee

Grand Prix

… een goede vraag, nee de vaders en moeders mogen niet helpen …

Het NK snelschaken

het leukst waren de eerste ronden, toen het peleton nog compleet was …

… en het kaf nog niet van het koren was gescheiden …

Het koren
Iozefina Paulet

In de aula speelden nu de zestien besten op liveborden. Op het grote scherm waren de partijen moeilijk te volgen en er was weinig publiek.

Maar vanaf de gaanderij op de eerste verdieping had je goed zicht.

De finale ging tussen Loek van Wely en Casper Schoppen. Toen waren er opeens wel een heleboel kijkers. En natuurlijk stond ik weer eens achteraan. Maar ik heb toch alles gezien. Casper Schoppen won.


Het NK Rapid

Zondag maakte ik mij er met een jantje-van-leiden vanaf. Na de derde ronde hield ik het voor gezien. Zo’n toernooi gaat je niet in de koude kleren zitten en ik wilde nog een rondje door oud Amstelveen maken. Eline Roebers verloor een paard- en pionneneindspel van Iozefina Paulet en Jan Smeets had al drie keer gewonnen. Wie is Jan Smeets vroeg iemand aan mij. Ik zei: Nederlands kampioen 2008 en 2010.

Hilversum 2008

In 2008 fleste hij Daniël Stellwagen en in 2010 bleef hij Anish Giri voor. Hij keek mij ongelovig aan. Fake news zag ik hem denken.Weet je dan ook waar de toiletten zijn, vroeg hij toen. Ik zei: achter de tafel van de wedstrijdleiders links de gang in en dan meteen rechts. Er staat jongens op de deur, zei ik ook nog. Hij liep er straal voorbij. Had ik weer eens geblunderd? Ik zette haastig koers naar Het Dorstige Hert in de Dorpsstraat. Dat heette nu ‘t Hert en was dicht. Het werd tijd om naar huis te gaan.

En voor wie het nog niet weet: Jan Smeets werd Nederlands kampioen rapid bij de mannen en Zaoqhin Peng bij de vrouwen. En de beste BrainWaver was David Klein.

Dit is het spel dat zijn de regels en zo moet het gespeeld worden

Op weg naar de Van Speykkade voor de tweede wedstrijd van SC Bakkum in de KNSB kruisten twee zwarte pieten mijn pad. Ze waren van de ouderwetse soort. Ze zwaaiden naar mij. Ik zwaaide terug en hoopte dat niemand het gezien had. Ik geloof niet in zwarte katten, maar houd nog wel van zwarte piet en dat zat me toch niet lekker. Dit zou wel eens heel slecht kunnen aflopen.

Bij het Buurt- en Biljartcentrum zag ik Henk van der Eng. Hij had een betraand en een opgelucht oog. Meestal heeft hij een serieus en een boos oog, maar nu dus niet. Pim Hoff lag in het ziekenhuis en Henk had een invaller gevonden. Daartussenin had hij samen met Martin Oudejans stad en land afgebeld om het team compleet te maken. Allemaal op zaterdagmorgen tussen elf en een. Het was gelukt. We konden Opening ’64 netjes ontvangen.

De wedstrijd ging nergens over. Maar dat wisten we toen nog niet. Dus we deden ons best. En we waren aan elkaar gewaagd. SC Bakkum en Opening ’64. Vijfde klasse KNSB. Onze invaller Nico Kuijs had zijn voetbalmiddag laten schieten voor een schaakpartij. Hij won. Had niet gehoeven.

Andre Breedveld speelde samen met zijn tegenstander de sterren van de hemel. Andre ging langs afgronden. Hij was niet als de blinde die zei: afgronden, ik heb ze niet gezien. Andre had ze allemaal gezien. Andre is een moedig man. Hij besliste de wedstrijd in ons voordeel. Dachten we toen nog.

Een onverstaanbaar goede show

Toch waren wij er niet helemaal gerust op. Want wat Andre had gedaan, kon dat wel door de beugel? Voldeed het schilderij dat hij notatie noemde wel aan de regels? De KNSB heeft heel veel regels. En past ze allemaal toe. Waar dienen ze anders voor? Om het ons gemakkelijker te maken. En om de beoefening van het schaakspel te bevorderen.

Wij vierden bij de Italiaan onze eerste overwinning ooit en probeerden de uitslag in te voeren bij de KNSB. Het mocht niet. Kat in de zak. Onze invaller, KNSB-lid sinds jaar en dag, was die ochtend pas opgegeven voor ons team. Dat had dus twee weken eerder gemoeten …

“Bijgeloof? Daar doe ik niet aan. Dat brengt ongeluk” (Korchnoi). Ik was die zwarte pieten aan het begin liever niet tegengekomen.


De frases “Dit is het spel …” en “Een onverstaanbaar goede show” zijn ontleend aan voorstellingen van Neerlands Hoop uit lang vervlogen tijden toen we nog onschuldig waren en overal om konden lachen

Faux Pas



Bij het eerste optreden van SC Bakkum in de KNSB kreeg het team een ongenadig pak rammel van Caïssa Eenhoorn 3. Aan de Van Speykkade in Castricum werd het 7-1 voor de bezoekers. Slechts twee remises stonden zij ons toe. Wij speelden best aardig maar struikelden over onze eigen benen, zei onze coach, en volgende keer beter. Het had ook andersom kunnen zijn, zei onze eerstebordspeler, maar die bedoelde dan waarschijnlijk alleen zijn eigen partij.

Later bij La Trattoria kregen we pas weer praatjes. Over de verdediging van ons cultureel erfgoed en hoe dat nou in de NAVO moest met die Turken. En over het onderscheid (of het ontbreken daarvan) tussen tolerantie en angst. Ja als het met schaken niet lukt, dan pakken we de andere wat kleinere zaken aan. Net zo makkelijk. En dat van die klokken waar we eigenlijk niet mee hadden mogen spelen en die we tot overmaat van ramp allemaal verkeerd hadden ingesteld, dat was een aanpassingsfoutje. Verder niet over zeuren. Onze tegenstanders uit Hoorn hadden het gelukkig ook door de vingers gezien. Waarvoor hulde.


Zelf deed ik ook mee. Met een idiote kortsluiting in tijdnood. Er zat een winnende combinatie in de stelling met matdreiging op de onderste rij. Mijn tegenstander maakte een gaatje voor zijn koning. Het verkeerde. Mijn dame stond stond erop gericht. Ik schrik en voer de combinatie uit het lood geslagen … niet uit, maar maak als een aapje precies ook zo’n gaatje. Ik durf het bijna niet te zeggen. Mijn vader had het ook. Alles gespiegeld en omgekeerd doen. En ik nu ook. Als ik thee moet zetten en in gedachten ben begin ik koffie te zetten en als het koffie moet zijn thee. En mijn vriend Peter. Als we op Terschelling fietsten zei hij hier moeten we linksaf en dan wist ik dat we rechtsaf zouden slaan. Mijn vader en mijn vriend zijn niet dement geworden of zo maar wel dood. Ik ga langzamerhand dezelfde kant op ben ik bang. En dat is niet om te lachen.

HWP Haarlemse Meesters 2019

Haarlemse Meesters Schaaktoernooi

Schaken met de Haarlemse Meesters in het Stedelijk Gymnasium. Bovenin de zaal hing tegen de lichtkoepel een ballon gekleefd met gefeliciteerd erop. Zo’n toernooi is het. Elk jaar weer een feest. Ik deed mee en probeerde tegelijk ook nog foto’s te maken. Dat ging dus niet goed. Dat wil zeggen met de foto’s wou het soms nog wel lukken, maar met het schaken niet zo. En dat arbiter Joost Jansen behalve de allermooiste gong uit zijn verzameling tevens zijn metaaldetector had meegenomen hielp ook niet echt.

Alisha Warnaar en Robin Duson

De volgende tegenslag was dat ik mijn nieuwe teamgenoten tegenkwam. En die zijn behoorlijk doortrapt. We hebben ons deze zomer met een mannetje of acht opgegeven voor de vijfde klasse KNSB als zaterdagteam van SC Bakkum. En van die acht deden er nu vijf mee hier in Haarlem. Vier in de B-groep en een in de A-groep. Kijken of we de regels van het spel nog beheersen.

Gerard van den Bergh

En nou zou je verwachten dat teamleden elkaar een beetje heel zouden laten, maar de eerste die onderuit werd geschopt was Jan Koopman. Door Gerard van den Bergh.

Jan Koopman

En toen nam Jan ongenadig revanche. Op mij. Ja kijk, als het zo gaat, hoeft het voor mij niet meer. Alleen Erik Breedveld ontliep alle tackles van zijn teamgenoten en eindigde hoog.

Erik Breedveld

Zijn broer André Breedveld had geen zin in deze onzin en liep spitsroeden in de A-groep.

André Breedveld

Door dit gedoe was ik gelijk in het begin al een hele vracht ratingpunten kwijtgeraakt en ik begon mij ernstig zorgen te maken. Mijn plekje in het nieuwe zaterdagteam kwam zo wel erg op de tocht te staan. Maar gelukkig was daar in de zevende ronde Bert Dreef.

Bert Dreef winnaar van de ratingprijs

Swiss Master zei dat zijn geboortedatum 2029 was en zijn rating 1471. Die moest ik kunnen hebben. Maar Nanny zei: “Haal je maar niks in het hoofd, want dat van die geboortedatum en die rating, dat moet natuurlijk andersom zijn”. En dat klopte wel zo ongeveer. Vlak voor de partij kreeg ik gelijk al iets om over na te denken: schaken is leuk, en dat is maar goed ook, want veel tijd hebben wij niet. Dat zei Bert. En vervolgens kneep hij mij met een hele serie lepe zetjes helemaal fijn. Ik kreeg het er benauwd van. Maar zo tegen de veertigste zet schakelden we over van schaken op flipperen en dat spelletje lag hem toch wat minder. Hij offerde de dame om een pion aan de overkant te brengen. “Daar is zij weer”, riep hij verheugd, “en met schaak!”. “Kost wel een vrijpion”, mompelde ik om zijn vreugde een beetje te temperen. Maar dat slikte ik gauw weer in, want Aart Strik zat naast mij en die vindt zulks vast niet gepast en ik eigenlijk ook niet.

Aart Strik

Ergens halverwege het toernooi produceerde ik per ongeluk toch nog iets aardigs. Een fraaie doorkijker. En eigenlijk was het een kleine serie van dat soort. Hans Nuijen kan trots op mij zijn. Kijk maar.

Hier deed de ongelukkige zwartspeler Ta8-c8?. Mijn dame op a4 laat nu haar vileine oog vallen op veldje g4. Dwars door mijn toren op c4 en mijn paard op d4 heen. Dus Tc4xc8 Pe7xc8 en Pd4-f5 De zwarte toren moet nu veldje e7 in de gaten houden, omdat het vervolg zich inmiddels laat raden (Pf5-e7), dus Td6-d7 en Da4-g4 dreigt mat op g7

En daar is ie dan: g7-g6 Tc1xc8 Dd8xc8 Pf5-e7+ Td7xe7 en Dg4xc8 ☺♪!!☼!!♫☺


Nora Yeh

Na afloop van de laatste ronde moesten we opruimen. Stoelen stapelen, alle tafels opklappen en wegzetten, borden, stukken en klokken verzamelen en in sets van vijftien in grote plastic dozen stouwen. En toen dat allemaal gedaan was moest een gedeelte daarvan weer teruggezet worden voor de prijsuitreiking. Bijna iedereen kreeg een fles wijn of een prijs. Erik Breedveld zelfs twee. Omdat hij in de B-groep gedeeld derde tot en met zesde was geworden en ook nog voor de meest veelbelovende senior. Wij konden ons geluk niet op. Volgend jaar doe ik weer mee.

Tot slot nog wat foto’s

en kijk voor de uitslagen, de eindstanden en de serieuze verslagen op de prachtige toernooisite

Artis de Partis snapte er geen hout van


Op 11 juli 1972 begonnen Robert James Fischer en Boris Vasiljevitsj Spassky in Reykjavik hun tweekamp om de wereldtitel schaken. Donner gaf commentaar in het Psychologisch Laboratorium van de Universiteit van Amsterdam aan het Weesperplein. Ik ging kijken. Bij de ingang stond een bord waarop eerste partij remise stond. Ik was te laat. Dacht ik.

Op het demonstratiebord stond de stelling na de negenentwintigste zet b4-b5 van Spassky. En op de telex verscheen de zet Ld6xh2 van Fischer. Het zaaltje was in rep en roer. Niks remise. Ik was dus toch op tijd. Was dit een blunder uit balorigheid of toch weer geniaal? We wisten het even niet. De telex zweeg nu in alle talen. Nam het apparaat ons in de maling? Bestond IJsland nog? We werden door grootmeester Donner getrakteerd op de wildste varianten, waarbij hij met voorbeelden uit eigen praktijk probeerde aan te tonen dat de zet misschien niet geniaal maar toch zo gek nog niet was, waardoor wij kiebitzers steeds openlijker begonnen te vermoeden dat het dus wel een blunder moest zijn. Een beetje lacherig maar ook met groeiende bezorgdheid wachtten we de correctie af. Die niet kwam.


*

Eline Roebers in Amsterdam spelend voor VAS twee dagen voor haar vertrek naar het WK jeugd in Mumbai


De afgelopen week volgde ik het wereldkampioenschap voor de jeugd in Mumbai India. Ik moest het doen met de aandacht die ChessBase eraan besteedde, de aardige verslagen van Jan Roebers (Schaakuitzendingen) en de live stream van de partijen op ChessBomb. Dat was vooral in het begin geen pretje. Zeg maar een ramp. Er klopte helemaal niets van. De gekste zetten werden ons voorgeschoteld. Zo stom waren die jongens en meisjes toch niet? En dan waren ze daar in India helemaal de draad kwijt en hielden ze er gewoon mee op. Tegen het einde, Eline Roebers voerde de ranglijst van de meisjes tot en met 14 aan, begon ook Schaaksite zich er wat meer mee te bemoeien. En toen ging het mis. Eline verloor haar laatste twee partijen.

Dit is de stand na de veertiende zet van wit in de partij van Eline Roebers tegen Bat-Erdene Mungulzun uit Mongolië in de voorlaatste ronde. Op mijn scherm verscheen 14… Pb6-c4. Kat in het bakkie. Dat zag een kind. Maar toen zou Eline 15. Pd4-b3 hebben gedaan? Dacht ik niet. Daar kwam het paard net vandaan. India nam een loopje met ons. En herstelde de fout met 15…. Pc4-b6 16. Pb3-d4. Klopte natuurlijk voor geen meter, maar zo zaten we weer in het goede spoor en zwart deed paard slaat paard. Als Eline dadelijk in tijdnood nou maar doorspeelde tot en met de 42e zet dacht ik nog, wat natuurlijk onzin is, want die twee gekke zetten zijn natuurlijk in het echt nooit gespeeld. De commentatoren in Nederland dachten van wel en analyseerden de “gemiste kans”. En daar snapte Artis de Partis echt helemaal geen hout van.

Waar liggen hier de pennen?

We waren ruim op tijd in de Vrolikstraat, Bram en ik. In het Cygnus Gymnasium ontbrak alleen Dragan. Die deed niet mee. Als we dat hadden geweten hadden we een trein later kunnen nemen.

Berend van Maassen

Iedereen had er zin in. Berend, die inviel voor Dragan, helemaal. Hij ging voor de winst verklaarde hij onbevreesd. Wij hielden ons hart vast en wensten hem succes. SGA-man Dirk Goes, die wij vaak tegenkomen, onder andere bij thuiswedstrijden van De Wijker Toren, en die aardig is en bovendien goed schrijft (als je belangstelling hebt voor schaakgeschiedenis, lees dan Lodewijk Prins tot op het bot principieel), wees mij de wedstrijdleider van dienst aan. Ik mocht foto’s maken!

VAS 3 – De Wijker Toren 2

De wedstrijd was nog maar net begonnen toen er een verlate speler gehaast op mij afkwam. “Waar liggen hier de pennen?” Ik wist het niet. Toen nog niet.

Arjan Wijnberg

Het klaarde even op buiten. Bram en ik gingen brood halen bij Hartog in de Wibautstraat. Bram ziet een pen liggen op straat. Hij raapt hem op. Ja dat is een tic van mij, zegt hij. Ik verzamel pennen, kan ze niet laten liggen. Ik heb thuis een doos vol. Handig voor viertallenwedstrijden bij het bridgen, daar moet nog geschreven worden. Ik zeg die heb ik nodig voor die speler die er een zocht. Nou weet ik waar ze liggen. Dan zal ik je een ander verhaal vertellen, zegt Bram.

Meneer Ghijsen is de allerkeurigste schaker van VAS. Elke zet is voor hem een ritueel. Daarvoor haalt hij een pen uit de binnenzak van zijn colbert, legt vervolgens de verandering op het schaakbord zorgvuldig vast op het notatieformulier en bergt daarna de pen weer op in de binnenzak van zijn colbert. En nooit zul je ook maar het geringste spoor van haast in die heilige handeling ontdekken. Pim Ghijsen is een man met stijl.

Thomas Broek

Thomas Broek had het minder getroffen met zijn tegenstander. Die weigerde te noteren toen hij in tijdnood was. Hij was er werkelijk met geen stok of wedstrijdleider toe te bewegen. Thomas liet het maar zo. Over dat soort dingen maakt hij zich niet druk. Hijzelf noteert altijd. Zelfs zijn rapidpartijen schrijft hij op.

Peter Uylings

Peter Uylings houdt je (Bram opletten!) altijd op de hoogte van alles wat er op zijn bord gebeurt. Nu begon het met een Spaans middengambiet (verlies ik daar toch een pion), waarna hij verslag komt doen van een gemene dreiging die hij het hoofd gaat bieden, om ons even later te komen vertellen dat het punt nakende is. Ik vat het hier kort samen. En dan opeens is er een hele tijd geen verbinding meer. Geen signaal. Helemaal niks. Volledige radiostilte. Als we voorzichtig gaan kijken wat er aan de hand is, blijkt hij het nakende punt voor de helft te hebben verkloot. Zijn woorden.

Ivo Kroon

Dit is Ivo Kroon, de tegenstander van Berend van Maasen. Hier zit hij er nog ontspannen bij. Even later niet meer. En nog weer wat later opeens weer wel. Berend had hem een Noteboom voorgeschoteld. Dat ging heel goed. Berend was in zijn sas. O Fortuna. Hij won een stuk. Bood nu eens niet remise aan. Hij ging voor de winst weet je wel. Ik was even weg. Stom stom stom. Nanny bellen dat ik een brood gekocht had. En toen kwam Bram vertellen dat Berend zijn dame had weggegeven. En het was nog waar ook. Rota tu volubilis. En dat brood, dat was helemaal geen brood, maar een keiharde baksteen. En daar ging ik mee … Berend ging aan het bier. Ik kreeg ook. In een schoolkantine. Ja Evert we zijn hier in Amsterdam. Hoe kan je zulke vreselijke dingen zo licht opnemen.

En of dat alles nog niet genoeg was wist Bram ook nog te vertellen dat Paul Spruit eveneens zijn dame had ingeleverd. Het ging nog spannend worden op die manier.

Paul Spruit

Het bleek heel iets anders te zijn. Nog veel gekker. Paul had vriend en vijand op het verkeerde been gezet. Eens een schuiver (zijn woorden) altijd een schuiver (onze gedachten). Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. Klopte opeens helemaal niets meer van. Aan de buitenkant zag je niets aan hem, hij straalde nog steeds dezelfde rust uit, maar hier zat de Spruit 2.0 nieuwe versie. Het begon met een kwaliteitsoffer (nieuwe feature), gevolgd door het ouderwets aandraaien van alle schroeven (wat goed was is behouden) en de show werd afgesloten met een tot voor kort onmogelijk gehouden dus sensationeel dameoffer (en geen syteemfout, zoals wij simpele zielen eerst dachten). Hier kunnen we nog veel plezier aan beleven. Zelfs het promoveren van pion tot dame zit er in!

Tijd om de balans op te maken.

De laatste loodjes

De Wijker Toren 2 won ondanks nederlagen van Nico Kok en Berend van Maassen met 5-3 van VAS 3. De punten kwamen van Cas Kok, Arjan Wijnberg, Paul Spruit, Wim Rakhorst en twee halve van Peter Uylings en Dennis Bruyn.

De Wijker Toren 1 won nipt met 4½-3½ van VAS 2. Bart-Piet Mulder had een offday en ook Bastiaan Veltkamp en Jimmy van Zutphen konden het niet bolwerken. Hing Ting Lai en Sjoerd Plukkel wonnen onnavolgbaar en Richard Schelvis leverde een bijzonder gave partij af. Thomas Broek zorgde voor het halfje en het beslissende punt werd heel knap gescoord door Rick Duijker. Hij kan het wel als hij maar wil. Stond vroeger op mijn schoolrapport.

Startschot

Het was al bijna 28 september. Trouwe reporter Evert en supporter Bram leefden er al weken naar toe. De opstellingen van de Wijker Toren 1 en 2 waren inmiddels bekend. De club zou onze steun weer nodig hebben. Hoewel Evert niet veel meer aan schaken deed en Bram al helemaal niets meer vonden ze het altijd leuk om even langs te gaan in de Moriaan. Even kijken hoe de strijd in de 2e en de 4e klasse ontbrandde. De goedkeurende blik over zijn leesbrilletje heen van vader Nico als hij naar de stelling van zoon Cas keek. Even kletsen met andere supporter Hans. Foto’s maken, Jadoube voorbereiden. Ja, ze hadden er weer zin in!

De vakantie had Bram uiteraard weer besteed aan het bijwerken van zijn schaakarchief met alle resultaten in de KNSB competitie vanaf 2000, de hoofd- / meesterklasse zelfs vanaf 1975. Een heel werk en dan nu ook nog met de  4e, 5e, 6e en 7e klasse erbij. Ja, de KNSB had het goed voor elkaar, iedereen kon lekker op zaterdag gaan schaken! Zelfs Bakkum had al een team ingeschreven. En de KNSB liet elk team gewoon spelen waar ze dat maar wilden. VAS 3, de eerste tegenstander van Wijker Toren 2 degradeerde vorig jaar uit de 4e klasse, maar schreef gewoon weer in als ‘nieuw’ team en mocht weer lekker meedoen in de 4e klasse. Bergen 2, vorig jaar gepromoveerd vanuit 5 naar 4 had niet zo’n zin in zulke sterke tegenstand en bleef lekker in de 5e klasse. Oud Zuijlen Utrecht had helemaal geen zin meer en trok zich gewoon terug. Werd natuurlijk niet vervangen, dat zou veel te lastig zijn. Ook Rotterdam, tig keer landskampioen, hield er mee op en liet zich opslokken door Krimpen aan den IJssel, een club die ze vroeger niet eens zagen staan.

Bij de Wijker Toren ging alles naar wens. De sponsorgelden waren goed besteed. Vooral de mega snelschaakmatch in de open lucht tussen Hing Ting Lai en Dragan Skrobic had geleid tot de grootste ledenwinst in jaren. 27 nieuwe leden, bijna allemaal jonger dan 18, daar ging de club nog plezier van beleven! Geen wonder ook, met die reusachtige TV schermen, gemonteerd op de ons aller bekende magazijnstellingen in het centrum van Beverwijk.

Daarnaast waren er al heel wat oud-leden teruggekomen. Frans Koopman, Hendrik Koopman, Bernard Jonkman, Harmen Jonkman (en meteen ook Amalia en Sophia), Mirte Hatzmann. Natuurlijk moesten die zich eerst nog bewijzen in de interne, maar vanaf volgend jaar kwam er zeker een teampje of 2 bij. En dan hoorde ik ook nog dat de meeste Excelsior leden volgend jaar gewoon naar de Wijker Toren komen. Konden ze meteen de fantastische trainingen volgen.

Zaterdag eerst maar eens naar VAS. VAS 2, de tegenstander van de Wijker Toren 1, was ooit nog eens landskampioen. Dat werd geen makkie. En VAS 3 was echt niet zomaar teruggezet in de 4e klasse, dat werd ook nog zwaar. In ieder geval twee mooie affiches.

Ja, ze hadden er zeker weer zin in


© Bram Janssen

25 november 2017
VAS – De Wijker Toren
die wedstrijd ging verloren
maar we vonden troost
in Hartog’s volkoren

Teambuilding

Chess Playing Automation (Comic by Oglaf)

Het zaterdagteam van SC Bakkum is in training. In de tuin van Henk van der Eng werd geoefend en aan teambuilding gedaan. Martin Oudejans verblijdde een ieder van ons met een notatieblok voor 50 partijen en ook nog een notitieboek. Om al onze zetten en avonturen tijdens de komende KNSB-campagne op te kunnen tekenen. Henk en Nella van der Eng trakteerden ons op koffie, thee, frisdrank, bier, gevulde koeken, nootjes, bonbons en mooi weer. Het was dus nu al feest en er werd in rapidvorm vrolijk op los getimmerd. Door bijna iedereen behalve door mij. Teambuilding-minus-een zou je dat kunnen noemen. Maar mede daardoor heeft de rest van het team veel vertrouwen kunnen tanken. Hoop ik. Aan André Breedveld heb je wat dat betreft trouwens helemaal niets. Je zou het zo niet zeggen, maar die is echt meedogenloos. Hij wint al zijn potjes. Maar als hij dat straks in het echt ook gaat doen, liften wij lekker met hem mee. Hij had ook een voorstel om in rode shirts te spelen met voorop Bakkum en achterop iets arrogants: “Ik denk slechts een zet vooruit, maar dat is dan wel de beste (Tarrasch)”. Martin had zijn bedenkingen. Dat eerste klopte wel ongeveer, zei hij, maar van dat tweede was hij minder zeker. Hoe dan ook, de stemming zit er goed in en al onze toekomstige tegenstanders zijn gewaarschuwd. Het zaterdagteam van SC Bakkum is in vorm.

SC Bakkum heeft een nieuw onderkomen

SC Bakkum heeft een nieuw onderkomen. Ik lees dat op 13 juli 2019 de eerste steen is gelegd (door wethouder Ron de Haan van Castricum, bijgestaan door vier kinderen). En over twee weken vanaf nu is het nieuwe Buurt- en Biljartcentrum (want zo heet het) af. Een mirakel, maar in Castricum draaien ze daar hun hand niet voor om.

De grote zaal is voor de biljarters. Over vier dagen worden de biljarts geplaatst door de firma Wilhelmina en meteen daarna wordt de vloer belegd met tweeduizend tegels. Als ik het goed heb verstaan.

In een hoek van de zaal zijn twee man aan het figuurzagen. Bakken waarin de keus komen te staan. Of waarin de ballen worden opgeborgen. Het enthousiasme van de mannen steekt mij aan. Ik denk erover om te gaan biljarten in plaats van schaken.

Nanny ondertussen is sceptisch. Zij heeft de toiletten gecontroleerd en die zijn er nog helemaal niet. Fluitje van een cent zegt onze rondleider. Eerst de bar. Alles op zijn tijd.

Maar o wonder: het zaaltje waarin SC Bakkum komt te spelen is af. We mogen er niet in. De vloer is net gelegd. Die moet drogen.

Over drie weken neemt SC Bakkum het nieuwe onderkomen aan de Van Speykkade in gebruik. En over een maandje speelt het KNSB-team van Bakkum er misschien zijn eerste wedstrijd. Voor de beker tegen De Waagtoren. Ik kom kijken.

Amsterdam Science Park Chess Tournament 2019

Fotoalbum


Dag 1



Dag 2

Onze kleindochter Juno speelt viool. Ze oefent elke dag. Dus toen ze op de tweede dag van het toernooi moest voorspelen in het Muziekpakhuis was ik in de Alberdingk Thijmstraat en niet in het Science Park.



Dag 3

Science Park Chess Tournament 2019 dagvierkampen

De derde dag van het Amsterdam Science Park schaaktoernooi. Naast het hoofdtoernooi speelden de de dagvierkampers hun eerste ronde. Hierboven staan ze er bijna allemaal op. Ik deed ook mee, maar ik sta er niet op, want ik moest foto’s maken van Joost Jansen. Hoe ging ik dat doen? Mijn tegenstander was aardig. Hij hielp mij. Hij raasde door de opening. We kregen negentig minuten voor de hele partij met een bijtelling van dertig seconden per zet. Na zestien zetten had hij per saldo drie minuten gebruikt en ik achtenvijftig. Net toen ik dacht: dat gaat niet goed, bood hij remise aan en kon ik, na nog wat nagesputterd te hebben in de Oerknal, op fotojacht.



Dag 4

Eindelijk een keer gewonnen. Maar vraag niet hoe. Alles berust weer eens op een misverstand.

De opening zit erop. Jammer nog niet gerokeerd. Maar weet je wat? Ik verzin een list.
17. … c5-c4 18. Tf1-c1 c4-c3!? 19. b2xc3 b4xc3

Mijn tegenstander ruikt onraad en vreest La3. Hij denkt, ik duim. Na 20. Lxc3 La3 21. Tcb1! Pxc3 22.Tb3 zou de truc mislukt zijn.

Maar hij doet 20. Ld2-e1 en is na 20. … Lf8-a3 21.Tc1-c2 Ta8-b8 het haasje.

Vijfentwintig zetten later heb ik ‘m te pakken. Schaken is eigenlijk een heel eenvoudig spel, zegt mijn buurman in de poule. Ja denk ik, alleen jammer dat ik het niet begrijp. En als het me dan toch een keer lukt riekt het vaak meer naar oplichting en bedrog.



Dag 5

Vier foto’s uit de vorige ronde. Ik moest spelen. In mijn vierkamp eindigden we alle vier met anderhalve punt. Curieus, allemaal eerste, zei er eentje. Heel teleurstellend, allemaal laatste, vond ik. Aart Strik gaf ons allemaal een tientje en ook nog een Matten. Dat laatste stemde mij droevig, want als je zoals ik veel troostprijzen wint, dan is je Mattenverzameling inmiddels wel compleet.



Dag 6

De zesde dag van het toernooi. De dag tussen de twee vierkampen. En hoewel het niet nodig was (Lennart was terug uit Zagreb) toch nog maar een keer mijn fototoestel meegenomen. En een boek, want de middag duurde lang. En niet alleen voor mij.

Joost Jansen kwam langs gelopen. “Het is hier geen leeszaal.” Gerie Opgenhaffen kwam langs gelopen. “Er gebeurt hier niets.” Ik zei: “pas maar op, dadelijk gebeurt er wél wat.” “Ja”, zei hij, “het zijn schurken.”



Dag 7

Girl Gang

Eindelijk gebeurde er wat. Het begon iets over enen. Nog lang niet alle weekendvierkampers hadden zich gemeld in de Oerknal. Achter de tafel met de deelnemerslijst zat Gerie Opgenhaffen. Naast hem stond Aart Strik. Aart overzag het café. Hij kent bijna iedereen. Tussen de schakers en schaaksters in het café ontwaarde hij … laten wij haar Ada noemen. Hij riep: Ada, heb je je al gemeld? Ada riep terug: ik heb toch gebeld dat ik er zou zijn, alleen iets later. Waarop Aart weer: maar Ada, als je je niet meldt dan weten wij toch niet of dat gelukt is. Dus Ada was zo goed niet of ze kwam zich melden bij de tafel en Gerie zette een vinkje. Kijk, dat vind ik nou leuk.

Maar zo gek was het allemaal niet, want toen we om twee uur klaar zaten om te beginnen, kwam de mededeling dat er bij Weesp twee treinen met deelnemers gestrand waren, omdat er een bovenleiding bovenop gevallen was. Er ontbraken dus nog wat vinkjes. En daarom werd het begin van de ronde een kwartier uitgesteld, waarin de vierkampers opnieuw werden ingedeeld. Het was het aardigste kwartier van het toernooi tot nu toe.

Fearless


Dag 8



Dag 9

Het Amsterdam Science Park Chess Tournament 2019 is gewonnen door de grootmeesters Evgeny Gleizenov en Mikhail Ulybin, en Ilias van der Lende. De laatste stal wat mij betreft de show. Hij bleef ongeslagen en verdiende een meesternorm. Hierboven zien we hem midden op de foto in zijn partij tegen GM Ulybin in de achtste ronde.

Het toernooi zit er op. Ik nam nog een paar foto’s van de laatste strijders en haastte mij naar huis. Juno logeert bij ons. Zij is tien, speelt prachtig viool en houdt van Harry Potter.

Draco dormiens nunquam titillandus


PS
In de laatste ronde van de weekendvierkampen zat ik schuin tegenover Wim Suyderhoud. Hij had zijn eerste twee partijtjes stilletjes verloren. Hij had ze zo’n beetje weggedroomd. Maar nu was hij helemaal klaarwakker. Hij ging uit een ander vaatje tappen.

Nova College schaaktoernooi 2019

Het is zondag en mooi weer. De Nederlandse Spoorwegen laten weer eens verstek gaan, dus ik ga op de fiets naar Haarlem. Niet eens verkeerd gereden, wat mij tegenwoordig steeds vaker overkomt: zit ik te dromen op de fiets, mis ik een afslag.

De aula van het Nova College is aardig gevuld, maar iets minder dan vorig jaar. Weinig echte bekenden. Alleen Jan Seeleman, die invalt tegen Sybolt Strating. De hoofdgroep is oneven. Jan ken ik nog van de middelbare school, het Christelijk Streeklyceum Buitenveldert. Hij is predikant geworden, ik afvallig. Hij vertelt mij over zijn recente bezoek aan Rome en leert me over de Scala Sancta en het Domus Aurea. Ik moet er echt eens naar toe zegt Jan.

Het Domus Aurea, gouden huis, is werelds, want door keizer Nero gebouwd en dat was een deugniet. De Scala Sancta, is zoals het woord zegt heilig. De trap is door Helena van Constantinopel, de moeder van keizer Constantijn de Grote, helemaal uit Palestina naar Rome gehaald en telt achtentwintig marmeren treden. Hierover kruipen gelovigen onder het opzeggen van gebeden trede voor trede op hun knieën naar boven, om aflaat voor hun zonden te verkrijgen. Een prima contract. Alleen, bovenaan de trap verdringen zich de fotografen om de exercitie vast te leggen, wat de overeenkomst in mijn ogen toch een beetje op de proef stelt. Gezien op internet.

De arbiters van dienst, Joost Jansen en Gerie Opgenhaffen, vinden alles goed. Kom je weer foto’s maken? Als je maar niet flitst, geen piepjes laat horen, de spelers niet stoort en niemand verder bezwaar maakt. Waarna er nog wat gefilosofeerd wordt over privacy en dat soort ongerief. Het valt mij trouwens op dat mobiele telefoons nog steeds verboden zijn, maar minder dan in vorige jaren. Heel goed.

Ik volg de twee laatste ronden van het toernooi. En geloof het of niet, Matthew Sadler wint opnieuw en voor de zoveelste keer. Hieronder zien we hem in zijn beslissende partij tegen Chiel van Oosterom.


Dus hier zijn mijn foto’s (van de ronden vijf en zes van het Nova College schaaktoernooi 2019), zolang er niemand bezwaar maakt …

Klik op een foto voor een vergroting of een diashow

Wild volk

NHSB-snelschaakkampioenschap (Zwaag 2019)

Zaterdagmorgen. Ik word opgehaald door Paul. Richard zit al in de auto, Luc zal er nog bij komen. We zijn op weg naar de Meetketting in Zwaag. Waar je niet dood gevonden wil worden. De mannen zijn dat ook niet van plan. Zij gaan het Noord-Hollands kampioenschap snelschaken, georganiseerd door de Hoornse Schaakvereniging Caïssa-Eenhoorn, onveilig maken. Ik ben hun supporter en fotograaf.

Op mijn werk in Amsterdam hadden we vroeger een collega die in Friesland woonde. Sietse, een echte Fries, hij damde. Hij begreep onze grapjes niet. Of wel, maar dan liet hij daar niets van merken. Ik vroeg hem eens wat hij van ons vond. Hij zweeg. Ik drong aan. Het hoge woord kwam er uit. Wild volk waren wij.

In de auto voel ik mij Fries. Op stap met wild volk. Ik versta mijn geitende medepassagiers maar half, snap hun grapjes niet en probeer niets te laten merken. Het gaat over zaken die zij leuk vinden. Lichess, ratings, pokeren, vrouwen, relaties. Of die hen angst inboezemen. Ratings, vrouwen, relaties. Liefde en eeuwige trouw. Hahaha, ze kijken naar mij, uit een andere tijd.

De drie musketiers

Toch blij dat ik mee mag. Want in de wijk Bangert en Oosterpolder van Zwaag was ik alleen nooit gekomen. Ze bespreken hun plannen. Vijftig procent gemiddeld moet haalbaar zijn. Het is Lucs eerste snelschaaktoernooi. Er wordt dus veel verwacht van Paul als snelschaakkanon en van Richard met de hoogste KNSB-rating.

Vijftien ronden snelschaken. Vijf minuten per persoon per partij. Het begint steeds heel rustig, maar ontaardt dan alras in het betere gooi-en-smijtwerk. De mannen weren zich kranig. Er zijn pieken en er zijn dalen. Ik word afwisselend verzocht foto’s te maken en foto’s te wissen. Luc begint met een onverdiende nederlaag tegen Jos Vlaming, maar na twee achtereenvolgende overwinningen op de familie Stapel is hij er weer helemaal bovenop.

De onreglementaire zet van Yong Hoon de Rover

De pauze wordt zonder al te grote kleerscheuren gehaald. Wat een wonder mag heten als Paul aan mat probeert te ontkomen tegen Yong Hoon de Rover, die steeds bozer wordt op de klok. Met nog drie seconden te gaan mept hij het ding van tafel. Paul telt langzaam tot drie en raapt de klok op. Het uurwerk staat op nul. Zullen we maar remise doen, zegt hij lachend. Ja, Paul krijg je zo gauw niet klein.

Paul Lieverst

Maar na de pauze gaat het mis. Paul verliest vijf keer op rij. De wedstrijdtafels staan opgesteld in twee rijen. Daartussen loopt een denkbeeldige streep. Als je in rij twee terecht komt gaat het niet goed met je. Paul is afgezakt naar rij twee. Hij gelast een fotostop. Richard en Luc eisen dat ik er toch nog eentje maak. Van hun aan de staart van het eerste peleton met helemaal in de verte het stipje Paul aan de kop van het tweede. Ik kijk wel uit, moet nog mee terug rijden.

Jessica Stratmann

De mannen hebben nu een nieuw plan. Als het zo door gaat komen ze nog tegen de enige vrouw te spelen. Jessica Stratmann. Dat lijkt ze wel wat. Drie musketiers met een missie. Ik wens ze succes en word staande gehouden door Marc Helder. Of ik zijn lege bierglas weg wil zetten. En of ik ook even een foto wil maken van die gekke fles Sourcy, die zijn tegenstander naast zijn bord heeft staan. Hij moet er onbedaarlijk om lachen. Marc houdt het zelf bescheiden bij bier. Elke ronde een glas.

Luc Stet

In de laatste paar ronden herstellen de mannen zich. Jessica missen ze op een haar, Richard scoort een plusremise tegen Dimitri Reinderman, Paul jaagt een jongen die op het punt staat de prijs voor de beste jeugdspeler te winnen onbarmhartig door zijn vlag en Luc grijpt net naast de ratingprijs. Zo ken ik ze weer.

Richard Schelvis

Hing Ting Lai wint het toernooi. Vijftien punten uit vijftien partijen. Zijn slachtoffers worden steeds ontspannener. Niemand doet het tegen Hing Ting beter dan zij. Maar waarom speelt Hing Ting hier nog tegen ze? Hij is voorkomend. Volgend jaar komt hij graag weer terug.

Hing Ting Lai

Maar Kiki Bertens won Madrid

In Zoetermeer deed De Wijker Toren 2 een gooi naar promotie. De beste zeven nummers twee in de uit negen poules bestaande vierde klasse waren recht hebbend. Rekenmeesters hadden uitgevogeld dat zelfs verlies niet gelijk een ramp was. Want dan moesten in zes andere klassen zeven van alle acht nog kans hebbende ploegen winnen. Vrijwel onmogelijk. Statistisch gezien. Maar u begrijpt al wat er in deze barre tijden gebeurde. Ze wonnen alle acht. Tegen zoveel overkill kan geen kansberekening op.

Terug naar Zoetermeer. Er moest dus gewonnen worden of tenminste gelijkgespeeld. Tegen de kampioen Botwinnik. In het thuishonk van die andere club in Zoetermeer die de hoopvolle naam Promotie draagt. U kijkt er vast niet vreemd van op dat wij op het juiste tijdstip op de verkeerde plaats stonden. Maar geen nood, het stratenplan van Zoetermeer is heel inzichtelijk, dus legden we in een mum van tijd aan bij onze echte bestemming: wooncentrum De Gondelkade.

We baanden ons een weg, door wat eufemistisch het eetcafé heette, naar de schaakzaal. Het was een gezellige boel. De bestelde broodjes kroket werden desgewenst bij je bord afgeleverd en bier was er ook in ruime mate. Later op de middag zou in het restaurant enthousiast gekiend worden. Wij hielden het bij schaken. Dat wil zeggen de teams van Promotie, Botwinnik, DD, Almere en De Wijker Toren. Ik maakte foto’s.

Dragan was als eerste klaar. Hoe kon het anders. Zijn tegenstander Rinze Mulders gaf zijn dame voor een handvol stukken, maar vergat toen zijn koning in veiligheid te brengen. Dragan was er weer eens als de kippen bij. Hierboven lijkt het of hij nadenkt. Dat is schijn. Dragan denkt niet na. Hij doet.

Botwinnik 1 – De Wijker Toren 2

Peter Uylings moest ruim een half uur wachten op zijn tegenstander Arno van der Lubben. Dat haalde de vaart er een beetje uit. Opa kwam te laat op gang en hervond zijn vorm pas na de partij. Koning van de nabeschouwing. En ook Wim Rakhorst dolf het onderspit. Zijn tegenstander Wouter Bik gaf in de opening eerst twee pionnen weg maar won er even later al combinerend drie terug, waarna er voor Wim geen eer meer te behalen was.

We stonden achter en dat bleef een tijdje zo. Want Dennis Bruyn schoof tegen Arno Middelkoop vlekkeloos remise en Paul Spruit deed hetzelfde tegen Thom Beeren. Die laatste twee trakteerden elkaar op een spelletje wederzijds catenaccio, waar Helenio Herrero vijftig jaar geleden nog van had kunnen leren. De middenlijn werd lange tijd niet gepasseerd. Loerend naar elkaar werd pas om half vier gerokeerd. Allebei dezelfde kant op. Lang.

Roger Labruyère met vechtpet

Ik deed een rondje door de zaal. Promotie 1 speelde tegen Almere 2 en Promotie 2 tegen DD 3. Beide teams van Promotie wonnen. Er kwam een man naar mij toe. Bent u fotograaf? Ik heb u eerder gezien, bij het Tata Steel Chess toernooi in Wijk aan Zee. Daar liep u ook al zo rond. En hij deed voor hoe. Hobbyfotograaf, nuanceerde ik. En ik dacht: ik val toch meer op dan me lief is.

Tom Vokurka komt op de koffie

Nuances daar ging het om. En die zouden ons de das om doen. Was de ene nestor Peter Uylings even te langzaam, de andere nestor Nico Kok was tegen Stefan Buchly even te snel geweest. Later legde hij aan een meegereisde scorebordjournalist uit dat het pionoffer nog wel klopte maar even daarna het schaakje te overhaast was. Een beginnersfout dus. (Dit laatste schrappen in de definitieve versie!)

Nu stonden we echt serieus achter en hing promotie aan de zijden draadjes van de rekenmeesters. Arjan Wijnberg en Cas Kok moesten allebei winnen. En dat gingen ze doen. Zo te zien. Arjan na de wonderlijkste taferelen tegen zijn tegenstander Rogier Zoun, die zich offerend een weg naar Arjans koning had gehakt, maar toen in tijdnood niet doortastend genoeg was, en Cas die tegen Erik Middelkoop op het punt stond het eindspel kundig in zijn voordeel te beslissen.

De zet die Cas niet deed

Het ging dus anders. Ja, Arjan won. Maar Cas maakte, zeg maar…een vingerfout.

We zaten bij te komen in de heksenketel van het Wereldrestaurant in Beverwijk. Wonden likken was het. Net niet bij de beste zeven nummers twee, spraken de mannen monter. De een na slechtste nummer twee bedacht ik somber. (Dit misschien ook maar schrappen) Kat met een u was het, zoals ik eerder in de week een Amsterdamse marktkoopman overdreven netjes uit de hoek had horen komen toen hij het over Ajax had. Dennis Bruyn ging nog maar eens iets te eten halen. En Kiki Bertens won Madrid.

De Wijker Toren komt een mespuntje te kort

De borden stonden al klaar. Toen kwam iemand er achter dat ze verkeerd om stonden. De Wijker Toren speelde altijd met het gezicht naar de bar en de tegenstanders altijd met de zon in het gezicht. Daar was over nagedacht. Dus de hele handel werd omgedraaid. Net op tijd. Maar het zou niet baten. De zon liet verstek gaan…

Het tweede had nergens last van. Dat won met 7-1 van Het Spaarne en heeft nu een reële kans op promotie. Maar het eerste liep onherstelbare schade op. Messemaker 1847 was net een tandje te sterk. Wie wil er nog mee naar Zeeuws-Vlaanderen. Want het gaat nergens meer om. Messemaker, LSG 2 en DD strijden nu om het kampioenschap.

Het begin van de wedstrijd

Wat als Sjoerd Plukkel iets bijdehanter was geweest (waar zijn de tijden gebleven dat hij van een grootmeester won?), wat als Rick Duijker dat eindspelletje gewoon remise had gehouden (had heus wel gekund), ja dan hadden ook de stuurlui aan wal een stuk vrolijker gekeken.

Was dat alles? Nee. Dennis Bruyn had zijn woeste hoodie weer aan. Maar ik heb hem nog nooit zo verschrikt zien kijken als toen hij er een zakje brood onder vandaan frommelde en zijn tegenstander (ik ga echt niet zeggen wie, hij is de kwaadste niet) uitviel met het nijdige: “Wat doe je, wat doe je nou?” Dennis wist niet hoe gauw hij het corpus delicti weer moest opbergen. “Dat had je nog een keer moeten doen”, zei Bram toen hij hem even later tegenkwam in de wandelgang. “Daar heb ik helemaal niet aan gedacht”, zei Dennis, ook de kwaadste niet.

Naschrift
Bram zei zo tegen het eind van de wedstrijd dat BP en Rick gingen verliezen. Ik hield vol dat ze allebei remise zouden maken. Bram kreeg gelijk. Ik kon het niet geloven. Het is de volgende dag. Ik controleer mijn foto’s en zoek naar de stellingen die ik gezien meen te hebben en die er toe doen. Dit verhaal krijgt dus een staartje.

Men denkt zo luchtig over dit spel

We moesten met Excelsior tegen Bakkum. Die club speelt in het Biljartcentrum aan het eind van de Stetweg, vroeger op dinsdagavond, maar nu op maandagavond, want de schakers hadden op dinsdagavond last van de biljarters. Die maakten te veel herrie. Dat is trouwens wel gek. Want ik weet nog goed dat we een keer bij ZSC/Saende in het BOKO biljartcentrum op bezoek waren en we gelijk bij binnenkomst de pin op de neus en een wasknijper op de lippen kregen om stil te wezen, want er werd gebiljart! Nu is dat dus omgekeerd. Tijden veranderen.

“Ha, daar heb ik u door. Die is uit Ongelofelijkheden in Helmond, waar ik me, het moet 1960 geweest zijn, na de bloedstollende biljartwedstrijd tussen kleine Keesje de Ruiter en Piet van de Pol met de laatste nog wat onderhield, nadat hij zijn partij op 184 caramboles had moeten afbreken omdat een prolurk in het publiek een lucifer afstreek en het prompt gedaan was met de concentratie.”

(Bas van Kleef op bezoek bij Bomans)

De avond begon veelbelovend. Al gelijk viel het licht in de toilletten uit, kon de koffie die we zelf moesten zetten niet warm gehouden worden en deed de verwarming het niet meer. Er was een stroomstoring, zo werd er omgeroepen. Ik was snipverkouden. Dit kon er ook nog wel bij. Ondertussen raasde er met een zekere regelmaat een trein voorbij. De stroomstoring strekte zich niet uit tot op het spoor.

Ik was als eerste klaar. Dat lag voornamelijk aan mijn tegenstander. Die trakteerde mij op een Bird, speelde snel en wist wat hij moest doen. Ik kreeg het er benauwd van. In vijftien zetten waren we zo’n beetje uit de opening en had ik het beestje zijn snavel uitgetrokken. De vogel was na de eerste zet niet verder gekomen dan de derde rij. De vierde rij was niemandsland en daarachter zat ik dus te wachten. Lastig hoor. Moet je ‘m gaan halen of komt ie zelf?


Hij had nog een keer niks kunnen doen met b3 of Lc1. Of hij had dat paard aan de zijlijn terug kunnen fluiten. Hij had ook c4 of d4 kunnen spelen of Dg3. Maar ik had zo’n flauw vermoeden dat hij wat anders ging doen. Die batterij op de f-lijn stond er niet voor niks en ik had expres veldje g5 voor hem open gelaten. Het werkte als een magneet.

16. e3-e4 d5xe4 17. Ld2-g5 e4xd3 18. Lg5xf6 Lg7xf6 19. Le2xd3 Lf5xd3 20. Df2xf6 Dd8xf6 21. Tf1xf6

Zo dat ruimde lekker op. De stroomstoring was voorbij. De koffie liep weer door en ik kreeg het wat warmer. En na het geplande 21. … c5-c4 kon er eigenlijk niets meer mis gaan.


Hij had zich nu moeten verdedigen met de torens op de tweede rij en het paard naar c2, maar hij deed 22. Pa3-b1 en was na 22. … Ta8-e8 23. Pb1-d2 Te5-e1+ (en nog wat zetten) het haasje.

Zo, dat was dan mijn laatste bondswedstrijd in afgelegen zaaltjes op een doordeweekse avond en met het daarbij behorende tempo. Het is aan mij niet besteed. Ik heb het een tijd geprobeerd. Het ging niet.

“Men denkt zo luchtig over dit spel. Ieder, die ‘s avonds, bij lamplicht, een beetje zit te schuiven, denkt: kijk, ik schaak. Dat is eenvoudig belachelijk.”

(Godfried Bomans in: Wat denkt een meester er van?)