Maar Kiki Bertens won Madrid

In Zoetermeer deed De Wijker Toren 2 een gooi naar promotie. De beste zeven nummers twee in de uit negen poules bestaande vierde klasse waren recht hebbend. Rekenmeesters hadden uitgevogeld dat zelfs verlies niet gelijk een ramp was. Want dan moesten in zes andere klassen zeven van alle acht nog kans hebbende ploegen winnen. Vrijwel onmogelijk. Statistisch gezien. Maar u begrijpt al wat er in deze barre tijden gebeurde. Ze wonnen alle acht. Tegen zoveel overkill kan geen kansberekening op.

Terug naar Zoetermeer. Er moest dus gewonnen worden of tenminste gelijkgespeeld. Tegen de kampioen Botwinnik. In het thuishonk van die andere club in Zoetermeer die de hoopvolle naam Promotie draagt. U kijkt er vast niet vreemd van op dat wij op het juiste tijdstip op de verkeerde plaats stonden. Maar geen nood, het stratenplan van Zoetermeer is heel inzichtelijk, dus legden we in een mum van tijd aan bij onze echte bestemming: wooncentrum De Gondelkade.

We baanden ons een weg, door wat eufemistisch het eetcafé heette, naar de schaakzaal. Het was een gezellige boel. De bestelde broodjes kroket werden desgewenst bij je bord afgeleverd en bier was er ook in ruime mate. Later op de middag zou in het restaurant enthousiast gekiend worden. Wij hielden het bij schaken. Dat wil zeggen de teams van Promotie, Botwinnik, DD, Almere en De Wijker Toren. Ik maakte foto’s.

Dragan was als eerste klaar. Hoe kon het anders. Zijn tegenstander Rinze Mulders gaf zijn dame voor een handvol stukken, maar vergat toen zijn koning in veiligheid te brengen. Dragan was er weer eens als de kippen bij. Hierboven lijkt het of hij nadenkt. Dat is schijn. Dragan denkt niet na. Hij doet.

Botwinnik 1 – De Wijker Toren 2

Peter Uylings moest ruim een half uur wachten op zijn tegenstander Arno van der Lubben. Dat haalde de vaart er een beetje uit. Opa kwam te laat op gang en hervond zijn vorm pas na de partij. Koning van de nabeschouwing. En ook Wim Rakhorst dolf het onderspit. Zijn tegenstander Wouter Bik gaf in de opening eerst twee pionnen weg maar won er even later al combinerend drie terug, waarna er voor Wim geen eer meer te behalen was.

We stonden achter en dat bleef een tijdje zo. Want Dennis Bruyn schoof tegen Arno Middelkoop vlekkeloos remise en Paul Spruit deed hetzelfde tegen Thom Beeren. Die laatste twee trakteerden elkaar op een spelletje wederzijds catenaccio, waar Helenio Herrero vijftig jaar geleden nog van had kunnen leren. De middenlijn werd lange tijd niet gepasseerd. Loerend naar elkaar werd pas om half vier gerokeerd. Allebei dezelfde kant op. Lang.

Roger Labruyère met vechtpet

Ik deed een rondje door de zaal. Promotie 1 speelde tegen Almere 2 en Promotie 2 tegen DD 3. Beide teams van Promotie wonnen. Er kwam een man naar mij toe. Bent u fotograaf? Ik heb u eerder gezien, bij het Tata Steel Chess toernooi in Wijk aan Zee. Daar liep u ook al zo rond. En hij deed voor hoe. Hobbyfotograaf, nuanceerde ik. En ik dacht: ik val toch meer op dan me lief is.

Tom Vokurka komt op de koffie

Nuances daar ging het om. En die zouden ons de das om doen. Was de ene nestor Peter Uylings even te langzaam, de andere nestor Nico Kok was tegen Stefan Buchly even te snel geweest. Later legde hij aan een meegereisde scorebordjournalist uit dat het pionoffer nog wel klopte maar even daarna het schaakje te overhaast was. Een beginnersfout dus. (Dit laatste schrappen in de definitieve versie!)

Nu stonden we echt serieus achter en hing promotie aan de zijden draadjes van de rekenmeesters. Arjan Wijnberg en Cas Kok moesten allebei winnen. En dat gingen ze doen. Zo te zien. Arjan na de wonderlijkste taferelen tegen zijn tegenstander Rogier Zoun, die zich offerend een weg naar Arjans koning had gehakt, maar toen in tijdnood niet doortastend genoeg was, en Cas die tegen Erik Middelkoop op het punt stond het eindspel kundig in zijn voordeel te beslissen.

De zet die Cas niet deed

Het ging dus anders. Ja, Arjan won. Maar Cas maakte, zeg maar…een vingerfout.

We zaten bij te komen in de heksenketel van het Wereldrestaurant in Beverwijk. Wonden likken was het. Net niet bij de beste zeven nummers twee, spraken de mannen monter. De een na slechtste nummer twee bedacht ik somber. (Dit misschien ook maar schrappen) Kat met een u was het, zoals ik eerder in de week een Amsterdamse marktkoopman overdreven netjes uit de hoek had horen komen toen hij het over Ajax had. Dennis Bruyn ging nog maar eens iets te eten halen. En Kiki Bertens won Madrid.

De Wijker Toren komt een mespuntje te kort

De borden stonden al klaar. Toen kwam iemand er achter dat ze verkeerd om stonden. De Wijker Toren speelde altijd met het gezicht naar de bar en de tegenstanders altijd met de zon in het gezicht. Daar was over nagedacht. Dus de hele handel werd omgedraaid. Net op tijd. Maar het zou niet baten. De zon liet verstek gaan…

Het tweede had nergens last van. Dat won met 7-1 van Het Spaarne en heeft nu een reële kans op promotie. Maar het eerste liep onherstelbare schade op. Messemaker 1847 was net een tandje te sterk. Wie wil er nog mee naar Zeeuws-Vlaanderen. Want het gaat nergens meer om. Messemaker, LSG 2 en DD strijden nu om het kampioenschap.

<
>
Bij Peter Uylings is het naar eigen zeggen "op zijn best onduidelijk"

Wat als Sjoerd Plukkel iets bijdehanter was geweest (waar zijn de tijden gebleven dat hij van een grootmeester won?), wat als Rick Duijker dat eindspelletje gewoon remise had gehouden (had heus wel gekund), ja dan hadden ook de stuurlui aan wal een stuk vrolijker gekeken.

Was dat alles? Nee. Dennis Bruyn had zijn woeste hoodie weer aan. Maar ik heb hem nog nooit zo verschrikt zien kijken als toen hij er een zakje brood onder vandaan frommelde en zijn tegenstander (ik ga echt niet zeggen wie, hij is de kwaadste niet) uitviel met het nijdige: “Wat doe je, wat doe je nou?” Dennis wist niet hoe gauw hij het corpus delicti weer moest opbergen. “Dat had je nog een keer moeten doen”, zei Bram toen hij hem even later tegenkwam in de wandelgang. “Daar heb ik helemaal niet aan gedacht”, zei Dennis, ook de kwaadste niet.

Naschrift
Bram zei zo tegen het eind van de wedstrijd dat BP en Rick gingen verliezen. Ik hield vol dat ze allebei remise zouden maken. Bram kreeg gelijk. Ik kon het niet geloven. Het is de volgende dag. Ik controleer mijn foto’s en zoek naar de stellingen die ik gezien meen te hebben en die er toe doen. Dit verhaal krijgt dus een staartje.

Men denkt zo luchtig over dit spel

We moesten met Excelsior tegen Bakkum. Die club speelt in het Biljartcentrum aan het eind van de Stetweg, vroeger op dinsdagavond, maar nu op maandagavond, want de schakers hadden op dinsdagavond last van de biljarters. Die maakten te veel herrie. Dat is trouwens wel gek. Want ik weet nog goed dat we een keer bij ZSC/Saende in het BOKO biljartcentrum op bezoek waren en we gelijk bij binnenkomst de pin op de neus en een wasknijper op de lippen kregen om stil te wezen, want er werd gebiljart! Nu is dat dus omgekeerd. Tijden veranderen.

“Ha, daar heb ik u door. Die is uit Ongelofelijkheden in Helmond, waar ik me, het moet 1960 geweest zijn, na de bloedstollende biljartwedstrijd tussen kleine Keesje de Ruiter en Piet van de Pol met de laatste nog wat onderhield, nadat hij zijn partij op 184 caramboles had moeten afbreken omdat een prolurk in het publiek een lucifer afstreek en het prompt gedaan was met de concentratie.”

(Bas van Kleef op bezoek bij Bomans)

De avond begon veelbelovend. Al gelijk viel het licht in de toilletten uit, kon de koffie die we zelf moesten zetten niet warm gehouden worden en deed de verwarming het niet meer. Er was een stroomstoring, zo werd er omgeroepen. Ik was snipverkouden. Dit kon er ook nog wel bij. Ondertussen raasde er met een zekere regelmaat een trein voorbij. De stroomstoring strekte zich niet uit tot op het spoor.

Ik was als eerste klaar. Dat lag voornamelijk aan mijn tegenstander. Die trakteerde mij op een Bird, speelde snel en wist wat hij moest doen. Ik kreeg het er benauwd van. In vijftien zetten waren we zo’n beetje uit de opening en had ik het beestje zijn snavel uitgetrokken. De vogel was na de eerste zet niet verder gekomen dan de derde rij. De vierde rij was niemandsland en daarachter zat ik dus te wachten. Lastig hoor. Moet je ‘m gaan halen of komt ie zelf?


Hij had nog een keer niks kunnen doen met b3 of Lc1. Of hij had dat paard aan de zijlijn terug kunnen fluiten. Hij had ook c4 of d4 kunnen spelen of Dg3. Maar ik had zo’n flauw vermoeden dat hij wat anders ging doen. Die batterij op de f-lijn stond er niet voor niks en ik had expres veldje g5 voor hem open gelaten. Het werkte als een magneet.

16. e3-e4 d5xe4 17. Ld2-g5 e4xd3 18. Lg5xf6 Lg7xf6 19. Le2xd3 Lf5xd3 20. Df2xf6 Dd8xf6 21. Tf1xf6

Zo dat ruimde lekker op. De stroomstoring was voorbij. De koffie liep weer door en ik kreeg het wat warmer. En na het geplande 21. … c5-c4 kon er eigenlijk niets meer mis gaan.


Hij had zich nu moeten verdedigen met de torens op de tweede rij en het paard naar c2, maar hij deed 22. Pa3-b1 en was na 22. … Ta8-e8 23. Pb1-d2 Te5-e1+ (en nog wat zetten) het haasje.

Zo, dat was dan mijn laatste bondswedstrijd in afgelegen zaaltjes op een doordeweekse avond en met het daarbij behorende tempo. Het is aan mij niet besteed. Ik heb het een tijd geprobeerd. Het ging niet.

“Men denkt zo luchtig over dit spel. Ieder, die ‘s avonds, bij lamplicht, een beetje zit te schuiven, denkt: kijk, ik schaak. Dat is eenvoudig belachelijk.”

(Godfried Bomans in: Wat denkt een meester er van?)

De Wijker Toren is Bergen te machtig

De schakers van SC Bergen tegen de schakers van de Wijker Toren 2 (Bergen 2018)

Zaterdagmorgen 15 december 2018. Samen met Nanny koffie gedronken in het Huis met de Pilaren. Rond de Ruïnekerk stond de weekmarkt opgesteld. Het was koud. De kaashandelaar prees zijn waar aan met: in uw mond moet de de kaas op temperatuur komen mevrouw. Want dat er anders geen smaak aan zat. Wij werden de Eerste Bergensche Boekhandel binnengeloodst door de boekhandelaar, die ons uitgebreid verslag deed bij de in zijn winkel tentoongestelde objecten van de kunstenaar Coen Vernooij. Of wij wel beseften dat dit geen gewone boekhandel was, maar meer dan dat: een centrum van kunst en cultuur.  Bedremmeld stonden wij even later weer buiten en ging ik op pad naar het Ontmoetingscentrum T&O aan de Kogendijk 42a waar De Wijker Toren 2 het op ging nemen tegen de plaatselijke Schaakclub Bergen.  

Karel Otto – Henk Bouwmeester (Bergen 2018)

De Wijker Toren 2 speelde dus tegen het eerste van Bergen (KNSB klasse 4E) en in het bijprogramma speelde het tweede van Bergen tegen het tweede van Magnus Anna Paulowna Combinatie (KNSB klasse 5C).

De man in die mooie trui op de foto hierboven is Karel Otto. Hij was vorige week mijn tegenstander toen ik hier met Excelsior op bezoek was, maar dat was op een doordeweekse avond voor de tweede klasse NHSB. Richard Frans en Dennis Mienis speelden toen ook mee. Dennis deed Excelsior de das om. Het zijn enthousiaste schakers daar in Bergen.

De barman en als je goed kijkt acht krukken en twee dames voor als het nodig is (Bergen 2018)
Peter Uylings heeft er zo’n zootje van gemaakt dat hij niet eens ziet dat hij een dame heeft gevangen

Zo zag het er ongeveer uit. In essentie. Peter Uylings was steeds een zetje te laat geweest. Hij was er met zijn hoofd niet bij. Normaal vertrouwde hij op zijn genialiteit. Nu was hij dat even kwijt geweest. En hij had nog wel zo’n leuk stukje willen opvoeren. Voor Elise. Het nieuwtje ging zachtjes zingend door de zaal. Hij was opa geworden. En dat hij er een rommeltje van had gemaakt. Hier op het bord wel te verstaan. Dat hij niet eens had gezien (of niet op tijd) dat hij een dame had gevangen. Hij probeerde het me uit te leggen. Fluisterend. Ik snapte er niets van. Zonder plaatjes gaat het niet bij mij. Ik zag het pas toen zijn tegenstander mij hielp met de idiote zet h2-h3. 

Dennis Mienis en Dragan Skrobic na hun partij (Bergen 2018)

Bij het begin van de wedstrijd was de Wijker Toren met zeven man. Dragan ontbrak. Na een half uurtje nog steeds. Dennis Mienis liep verweesd rond. Hij vroeg: komt hij wel? Ik zei: dat weet je niet. Dat stelde hem niet gerust. Hij vroeg: hoe speelt hij?  Ik zei: hij heeft niet veel tijd nodig. Dennis sprak dapper: ik ook niet. 

Arjan Wijnberg verliest en Nico Kok denkt na (Bergen 2018)

Peter Uylings en Arjan Wijnberg verloren. Dragan won. Wim Rakhorst en Stefan Jorritsma scoorden een halfje. De stand was dus 3-2 voor Bergen. 

Stefan rekende mij nu voor dat Nico Kok en Paul Spruit gingen winnen en dat Cas  Kok het benodigde laatste halfje voor de overwinning zou veilig stellen. Bij die laatste voorspelling keek ik waarschijnlijk een beetje moeilijk. Let maar op, zei Stefan.

Paul Spruit denkt na (Bergen 2018)

Waarom heb je niet ook nog 30. Pxa7 gedaan vroeg ik. Hij had zojuist een achtergebleven pion op c6 buit gemaakt. Paul keek mij glimlachend aan. Dat was een beetje tricky, zei hij. Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan. Pion voor, betere stelling, kwestie van uitschuiven en geen gekke dingen meer doen.  Paul ten voeten uit.

De slotact Cas Kok-Richard Frans (Bergen 2018)

Stefan kreeg gelijk. Hij heeft er kijk op. Nico en Paul wonnen en Cas hield een bloedstollend eindspelletje remise. Onverschrokken, maar met het nodige geluk. Ik was op het podium geklommen. Ik heb alles gezien.


SC Bergen – De Wijker Toren 2 (KNSB vierde klasse E)  3½-4½  

(voor Marcel Duin, zie: Die vloer, die vloer…)

De Kennemer combinaties vliegen de Wijker Toren om de oren

De Kennemer Combinatie  vermeldt een aantal adressen op zijn website: het Kennemer Sportcentrum aan de IJsbaanlaan, De Schakel in de Pijnboomstraat en ‘t Trionk in de Van Oosten de Bruijnstraat. Band On The Run. De KNSB verwijst in zijn wijzigingen in de downloadgids naar het Sportcentrum. Dat zal dus wel niet kloppen. En in het Trionk moeten we ook vast niet zijn. Dus we gaan naar de Pijnboomstraat. En geloof het of niet: in één keer goed.

In wijkgebouw De Schakel kunnen bewoners terecht bij het Sociaal Wijkteam met vragen over wonen, welzijn, zorg, vervoer en financiën. Ook zijn er activiteiten, onder meer lunchen voor ouderen. Wij laten ons hierdoor niet uit het veld slaan en zoeken de schakers van De Wijker Toren 2 op. Ze zitten in een klein bijzaaltje. In de grote zaal spelen de grote jongens, de crème de la crème van de Nederlandse competitie.

Kennemer Combinatie-En Passant, meesterklasse KNSB

Ik vraag aan de wedstrijdleider of ik mag fotograferen. Hij zegt in het eerste uur wel. In het tweede uur … nou vooruit. Maar in het derde uur beter van niet, want dan komen ze in tijdnood en dan kunnen ze zich echt aan ALLES ergeren.

Daar schrok ik wel van dus ik hield me een beetje gedeisd, dus de foto’s zijn wat minder en van een afstandje.

In het zaaltje waar De Wijker Toren zit staat een mededelingenbord. Het geldt duidelijk niet voor ons. Die genealogenclub in de Heinzaal was op woensdag: lezing over de bende van Anthonis van Eembrugge in de zestiende eeuw. Er staat ook een sjoelbak. Zo’n zaaltje is het.

De Wijker Toren 2 op bezoek bij de Kennemer Combinatie 4

Peter Uylings maakt bezwaar tegen zijn dame. Zij ziet er akelig bleek uit en is van plastic. Een koude dame. De wedstrijdleider die tussen de twee zalen heen en weer schicht zegt dat hij zijn best zal doen. En inderdaad krijgt Peter al snel een warmer exemplaar aangereikt, afkomstig uit de grote zaal na een snelle remise.  Peter weet hoe er mee om te gaan en na een aantal achteruitzetten van zijn tegenstander kan hij zijn vaste act opvoeren:

Hij speelt 25. d4-d5! en fluistert: “Verlies ik daar toch een stuk op e5!” Zijn tegenstander vliegt er niet in, doet 25. … Le6-f5 en geeft na 26. Pe5-d7+ op.

Intussen heeft Dragan Skrobic ook al gewonnen. Die gaat nog wat schaakvrienden groeten in de grote zaal. Wij erachteraan. Komen we terug, zien we Berend van Maassen in de hal staan glunderen. Gewonnen. Drie-nul. Hoe kan dat nou Berend? Nou kom maar kijken:


De Kennemer Combinatiespeler doet 21. Kg1-h1? en na 21. … Pf6-e4  22. Pe2-g1?? En toen heb ik het paard op c3 geslagen, zegt hij, met de toren.  En wil jij misschien dat uitslagenbord in de grote zaal fotograferen? Dat vind ik wel leuk, dan sta ik daar op samen met de groten van het Nederlandse schaak: Van Wely,  Van Foreest, Vedder & Vedder, van dat soort kanonnen.


Dus toen heb ik heel sneaky dat uitslagenbord staan fotograferen, want we zaten  in het derde uur en dan kunnen ze zich echt aan ALLES ergeren.

Berend van Maassen kijkt hoe de grootmeesters het doen

Berend loopt nu rond alsof hij er helemaal bij hoort en ik maak gauw nog een paar foto’s.

Arme Ilias van der Lende. Hij zit in de hoek met de piano waar de stoelkussens worden opgeslagen en de klappen vallen. Hij verliest van Richard Vedder. Die Vedders zijn voor de duvel niet bang. Arme David Klein. Hij verliest van Namig Guliyev. Die kennen we nog van zijn winstpartij tegen Erik Schoehuijs in het Noteboom-toernooi van 2016.

Cas Kok

Terug naar de kleine zaal. We komen Cas Kok tegen. Hij heeft gewonnen. Hoe kan dat nou Cas? Het was toch potremise. Nee hoor, kom maar kijken:


Dit is een stelling die mij wel bevalt. Er zijn zo’n 24 zetten mogelijk voor wit. We laten daarvan de zetten die regelrecht de toren of de loper weggeven buiten beschouwing. Dan blijven er nog achttien over. Daarvan verliest er wel geteld één! De Kennemer Combinatiespeler draait daar zijn hand niet voor om. Hij heeft  al lang schoon genoeg van de partij en grijpt zijn kans: 44. g2-g3!! g5-g4+  45.Kh3-g2 g4xf3+  46. Kg2-f2 Tc1-c2+ en douchen.

Paul Spruit en Dennis Bruyn maken remise. Je moet je tegenstanders ook wat gunnen. Maar je moet het ook weer niet te gek maken. Nico Kok wint (Nico staat op geen enkele foto, op de heenreis zag Bram hem nog fietsen en even daarna Cas, maar is Nico wel aangekomen?) en Wim Rakhorst tikt de 7-1 binnen.

De Wijker Toren doet het goed als Bram en ik komen kijken. We waren trouwens zo’n beetje de enige supporters. In dat hele gebouw. Misschien stonden de mensen aan het IJsbaanpad of zo. Ik zou het niet weten. Topschaak zonder live-borden met alleen Bram en mij als toeschouwers. Wat is hier mis?

De Wijker Toren speelt oost west thuis best

De Wijker Toren 1 en 2 uit of thuis: dat scheelt een kwaliteit. Na de misstap in het Westland en het debacle aan de Amstel herpakten de teams zich in een zonovergoten Wijk aan Zee met overwinningen op LSG 2 en Santpoort 2.

De supporters beginnen er in te geloven. Ik telde er wel acht, maar ik miste Stefan Jorritsma en Cas Kok achter de stukken. Zij werden in het tweede vervangen door Camile Hol en Berend van Maassen, die dus zijn eerste invalbeurt te pakken heeft. Beiden scoorden een degelijke remise, evenals Paul Spruit, die daar wel weer erg lang over deed. Arjan Wijnberg, Nico Kok, Dragan Skrobic en Wim Rakhorst wonnen hun partij. Alleen Peter Uylings verloor, van een man die ik ken uit de oertijd van mijn eigen schaakleven.

Jan Burggraaf

Vijftig jaar geleden speelden Jan Theodoor Burggraaf en ik de finale van een bekertoernooi in de Amsterdamse Kantoor Schaakbond. Hij won na twee remises de derde beslissende partij. Veertig jaar later kwam ik hem nog een keer tegen, bij het HSG open in Hilversum. Ik verloor opnieuw. Tsja…

Nu zat hij in Wijk aan Zee als oude krijger aan het bord. Peter U kwam er niet aan te pas. Maar, zoals ik hierboven heb uitgelegd, is dat geen schande

Het eerste had meer moeite. Om vier uur dachten Bram en ik zelfs dat er misschien niet meer in zat dan een gelijk spelletje.

Rick Duijker

Rick Duijker zat er als een zieke kip bij en verloor. Bart-Piet Mulder zag er na zijn partij ook niet goed uit. Ook hij had dus verloren. Wij moeten het, wegens onvoldoende schaakinzicht, van de lichaamstaal van de schakers hebben en meestal klopt dat wel. Alleen bij Hing Ting Lai gaan we voortdurend de mist in. Dan kijken we toch weer eigenwijs op zijn bord en dan denken we: een knappe jongen die daar nog wat van maakt. Even later heeft hij dan gewonnen.

Sjoerd Plukkel

En Sjoerd Plukkel laat helemaal nooit wat blijken, maar daar weten we het van: hij schuift ze er geruisloos af. Toch stond het daarmee niet meer dan gelijk.

Ondertussen probeerde Bastiaan Veltkamp er in het café achter te komen waarom hij niet gewonnen had. En inderdaad, als je deze stelling ziet …
Bastiaan won met h5-h6 Lg7-f8 Pg4-f6+ Kg8-h8 Pf6xd7 de kwaliteit, maar niet meer dan dat. Volgens ons kiebitzers had hij in het vervolg gewoon zijn andere paard er bij moeten halen (Pb3-d2-e4) en het schaakje op c5 moeten accepteren.


Gelukkig won Richard Schelvis overtuigend zijn partij. Was dat genoeg? Jimmy van Zutphen had het al een hele tijd moeilijk en de stelling van Thomas Broek zag er ook niet uit. Geen touw aan vast te knopen. Maar net toen we dachten: dat gaat fout, kwam Jimmy met de oplossing.

Jimmy van Zutphen

De hele tijd had hij al zitten timmeren op de f-lijn (het had hem twee pionnen gekost) maar toen zijn tegenstander kort na de tijdcontrole onvoorzichtig met zijn paard een derde pion snoepte, in plaats van met het beestje op f4 al het geweld een halt toe te roepen, was hij er als de kippen bij.
44. Pd5xc7?! Pf3xh2! Nu zou Dd3 en zelfs Dd6 de zaak nog gered hebben en nog instructiever is 45. Te8! maar de ongelukkige deed 45. Pc7-e6? waarna Jimmy met 45… Ph2-g4 46. Dd1-d5 Df5-b1+ 47.Kh1-g2 Pg4xe3+ 48. f2xe3 Db1-f1+ het winnende punt scoorde. Hoera!

 

Thomas Broek

En om het nog mooier te maken was de tegenstander van Thomas Broek al te slim en trapte hij in een eigen val, toen hij dacht met een ingewikkelde combinatie een eindspel van twee lichte stukken tegen een toren te bereiken, maar in plaats daarvan in een verloren lopereindspel terecht kwam.

De sponsor kan tevreden zijn.