Hij dacht geloof ik met computer te doen te hebben

In 1982 bestaat de Noord-Hollandse Schaakbond vijftig jaar en het bestuur en mijnheer Pagel hebben samen iets leuks bedacht. Zo’n elfhonderd schakers uit heel Noord-Holland zijn op zaterdag 16 oktober verzameld in de Kennemer Sporthal in Haarlem voor een massale competitieronde. Wil Ersson wordt door wedstrijdleider Berend van Maassen gecharterd om Excelsior met have en goed ter plaatse te krijgen. Hij doet verslag.

Zaterdag 16 oktober was ik uitgenodigd om in ons tweede team een wedstrijd te spelen in de Haarlemse Sporthal. Ik had gedacht om ‘s middags rustig een partij te kunnen schaken, maar dat pakte anders uit.

Omstreeks een uur of elf ‘s morgens werd ik achter mijn koffie vandaan gehaald door Van Maassen. Ik mocht nog wel even douchen, maar daarna moest ik mee naar de Schuilhoek om mee te helpen bij het inladen van het schaakmateriaal.
Toen dit gebeurd was, moest ik mee naar zijn huis om diverse briefjes in ontvangst te nemen met namen en voertuigen, over personen die al gespeeld hadden, die opgehaald moesten worden, snel even gebeld moesten worden, die op eigen gelegenheid gingen. Op gegeven ogenblik kreeg ik zoveel gegevens dat de huiskamer in steeds sneller tempo voor mijn ogen begon te draaien. Hij dacht geloof ik met computer te doen te hebben.

Toen ik buiten weer in de frisse lucht stond, was het me niet duidelijk wat de wedstrijdleider feitelijk zelf ging doen, maar mijn taak was duidelijk: ik moest drie teams naar Haarlem zien te krijgen. Die opdracht lukte ook nog, al ging het gepaard met veel geschreeuw en nog meer kabaal, zodat de niet-schakers uit De Schuilhoek verschrikt kwamen kijken. Uiteindelijk kwam ik met Vos en Maas in een auto terecht om Ruiter op te gaan halen. Na Vos, onze ex-wethouder van verkeerszaken, met vaste hand door Heemskerk geloodst te hebben – alleen op de Jan Ligthartstraat was hij prima thuis, maar die had hij dan ook zelf geopend – kwamen wij op de ontmoetingsplaats, waar geen Ruiter te bekennen was. Nu was ik daar wel eens meer geweest en ook tevergeefs naar Ruiter gezocht, dus ik wist waar ik wezen moest in de Antillenstraat. Op mijn bellen kwam Ruiter in hemdsmouwen aan de deur en keek niet-begrijpend naar mij en de auto. Er was namelijk om kwart voor twee afgesproken en wij waren er om vijf over half twee. Na Ruiter overtuigd te hebben dat hij best tien minuten eerder kon vertrekken, gingen we richting Haarlem.

In de sporthal stonden wij enigszins verloren tussen duizend andere schakers, de wedstrijdleider schitterde nog steeds door afwezigheid. Na verloop van tijd bleek dat Henk Maas feitelijk een thuiswedstrijd speelde. Hij schudde tenminste iedereen de hand en werd zelf uitbundig op de schouders geslagen. Op de een of andere manier kwamen wij toch op de plaats waar wij moesten spelen. Van Asperen en Van IJsseldijk waren ook gearriveerd, zodat het tweede team compleet was. Wij waren met zes man, want twee van ons hadden reeds gespeeld. Jongejans had remise gespeeld en Otten verloren. Toen we moesten beginnen werd ik door Vos ook nog gebombardeerd tot wedstrijdleider, maar gelukkig nam hij daarna de leiding zelf vast in handen.

De wedstrijd zelf verliep niet zo succesbol voor ons: we leden een nederlaag van 2½-5½ tegen de Lange Rochade. Vos speelde remise, Van Asperen verloor van ons oud-lid Van de Wakker en Van IJsseldijk dolf ook het onderspit. Toen was de stand 4-1 voor onze tegenstanders. Op dat moment bood mijn tegenstander remise aan. Na samenspraak met Vos besloot ik verder te spelen, maar ik stond reeds verloren. Ruiter speelde remise en Maas won, maar die speelde dan ook een thuiswedstrijd.

Toen we naar huis gingen zag ik ook nog de voorzitter voorbijsnellen met wat volgens mij de totale voorraad jubileumkranten was.


Ersson



Voor Excelsior, schakers sinds 1955, nu ze er mee ophouden

De uitslag kan net zo goed andersom zijn

In de eerste ronde van de KNSB-bekercompetitie verpletterde het bekerteam van de Waagtoren het arme Bakkum en daar werd gekscherend verslag van gedaan in Alkmaar, hetgeen de teamcaptain van Castricum, de grote broer van Bakkum, in het verkeerde keelgat schoot.

Een paar maanden later was in de voorronde van de NHSB-bekercompetitie hetzelfde sterrenensemble van de Waagtoren te sterk voor het dappere bekerteam van Castricum, waarvan dit keer op verdacht ingehouden toon verslag werd gedaan, opdat er niet opnieuw geklaagd zou worden en omdat de uitslag met een beetje fantasie net zo goed andersom had kunnen zijn.

In die bekerwedstrijden had de Waagtoren (om nog niet opgehelderde reden) zijn speler op het vierde bord opdracht gegeven om remise te maken, wat hem beide keren ternauwernood lukte. Zo werd het dus twee keer 3½-½ voor de Waagtoren.

En wat is nou zo leuk?

Spelers van een KNSB-bekerteam van een club die in de KNSB-competitie uitkomt in de 3e klasse of hoger, kunnen niet in een NHSB-bekerteam uitkomen.

Iedereen die ingeschreven is in een NHSB-team voor de normale competitie is speelgerechtigd, evenals alle spelers uit de KNSB-klasse 4 en lager.

Regeltjes regeltjes. Wie verzint ze en wat beogen ze? Ze liggen met glinsterende oogjes te wachten op hun prooi. In de bekerwedstrijd van de Waagtoren tegen Castricum in de NHSB stonden aan Alkmaarse kant drie spelers opgesteld waarop beide regels van toepassing zijn.

Kijk, dát is nou zo leuk!

Gisteravond hoorde ik namelijk dat de uitslag Waagtoren-Castricum van 3½-½ veranderd is in ½-3½. Dat geloof je toch niet. Maar alles onder voorbehoud. De uitslag kan net zo goed andersom zijn.

Bij ons in de onderbond

De mannen van Excelsior 2 (zie hierboven) spelen doordeweeks in de onderbond (zo noem ik het nog maar even), in de derde klasse van de NHSB om precies te zijn. Ja, daar wordt ook geschaakt, zoals laatst tegen Oppositie 2. Dat de vonken er af sprongen wil ik niet zeggen, daar zijn de mannen van Excelsior langzamerhand te wijs voor (en de mannen van de Oppositie te aardig), maar spannend was het wel.

Op de eerste twee borden speelden de mannen van Excelsior 2 met de armen over elkaar, op de overige vier borden moesten de hoofden wel degelijk gestut worden, want daar vielen de klappen. Nummer drie en vier wonnen hun partij, nummer vijf verloor, maar niet dan nadat hij manmoedig zijn loper geofferd had op h2. Die dingen gebeuren gewoon bij ons in de onderbond.

Onze nestor Jan Verhoeven (en ik ook moet ik bekennen) dachten dat zwart op d4 zijn stuk meteen terug kon winnen vanwege de doorkijker van dame naar dame, maar Roelof de Haan voerde het bewind over de zwarte stukken in deze partij en zag het beter. Na Td8xd4 volgt natuurlijk Tf1xf8 schaak en zwart staat geen loper maar een toren achter (tellen is niet mijn sterkste punt).

Roelof deed dus eerst Tf8xf1 en de Oppositie liet blijken het gevaar gezien te hebben door met de dame terug te slaan. Nu kwam aan het licht waar het bij Excelsior nog wel eens aan schort. De ideeën zijn prima, maar de uitwerking laat te wensen over. Zo hebben we besloten de club op te heffen, maar omdat het geld nog niet op is schaken we gewoon nog een jaartje door.

Terug naar de partij. Zwart vergat na 1. … Tf8xf1 2. De2xf1 het idee van de doorkijkaanval op de dame opnieuw leven in te blazen door het te combineren met een matdreiging: na 2. … Td8-f8 had de witte dame moeten wijken maar veld f2 moet gedekt blijven, anders volgt de manoeuvre De7-h4-f2 en Dxg2 mat! Dus 3. Df1-e2 Tf8-f4!! en onze doorkijker was terug van weg geweest en wit had een probleem gehad.

*

Nummer vier was Anton Mensink. Hij speelde een voortreffelijke partij. En hij vond het dus helemaal niet raar dat de Oppositie in onderstaande stelling opgaf. Toch had zwart de dubbele matdreiging op g7 of f8 kunnen opheffen zonder zijn loper te verliezen met het eenvoudige doch nuttige Le7-f8!


Te vroeg opgeven is niet slim, maar toegestaan, zoals in het bovenstaande geval.  Maar je kunt ook te laat zijn met opgeven. Op mijn andere club Castricum maakte ik mee dat een speler, die mat stond, drie minuten lang nadacht en toen zei: ik geef op, waarop zijn tegenstander riposteerde met: dat kan nu niet meer.

Ja, in de onderbond, daar kan je nog lachen.

*

Nummer drie en tevens kersvers erelid Peter Klok spande de kroon. Na een ware titanenstrijd won hij na veel gezwoeg en gesteun en evenzoveel bier een eindspel waarvan de afloop heel lang voor vriend en vijand onzeker bleef.

Hij had zich misschien geen slok bier maar wel een flinke portie moeite kunnen besparen door halverwege de partij in bovenstaande stelling gewoon even met de toren op g2 te slaan.

Nee, we zien niet alles in de onderbond, maar gelukkig liep het goed af. Erelid Peter scoorde uiteindelijk het beslissende punt en trakteerde ons daarmee, zoals hij zelf snedig opmerkte, op een zeer onderhoudend en avondvullend programma. En ook de mannen van de Oppositie hadden genoten. Dat vind je alleen bij ons in de onderbond.

ES/09/10/2018