Vleermuis 33

Rijksstraatweg 217, 1969 LG Heemskerk, Kadastraal: A 3267

Toen ik in Heemskerk kwam wonen vond ik het een gat. Er was een bioscoop waar ik niet naar toe durfde, er was een café dat dicht was, en tijdens de feestweek traden Corrie Konings en de WICO’s op. Een cultuurschok. Maar er was ook een houthandel waar je spijkers per stuk kon krijgen en een chinees waar je babi pangang kon eten. En het strand was op fietsafstand. Vanuit het dorp stak je aan het eind van de Oosterweg de Rijksstraatweg over. Daar stond in het veld een voormalig tuindershuisje karakteristiek op instorten. Jarenlang.

Rijksstraatweg 217 is rond 1900 als tuinderwoning gebouwd. Het pand staat bekend onder de naam de Vlotter. Het gebouw is gesitueerd aan de westzijde van de Rijksstraatweg en staat een flink eind van de weg af. Het wordt omgeven door tuinbouwgebied. Aan de achterzijde (west) vormt het Noord-Hollands Duinreservaat het achtergronddecor. Hoogstwaarschijnlijk stond op deze plek, of in de onmiddellijke nabijheid, de in 1869 gesloopte hofstede de Vlotter. Volgens informatie van de Historische Kring Heemskerk is de tuinderwoning gebouwd op de fundamenten met de voormalige hofstede.

Het pand bestaat uit één bouwlaag met zolderverdieping onder een mansardedak met ongelijke schilden. Het achterdakvlak heeft een dubbele knik. Het dak is gedekt met rode (oorspronkelijke) Hollandse pannen (aangesmeerd met kalkspecie). De nok ligt evenwijdig aan de straat.
De rechter zijgevel is wit gesausd, de overige gevels zijn gepleisterd en wit geschilderd boven een zwart geschilderde plint. De voorgevel heeft links en rechts in de gevel een éénruitsraam met een éénruits klepraam als bovenlicht. Rechts van het midden zit een fors (niet beschermenswaardig) éénruits raam van latere datum. De rechter zijgevel bezit een dubbel openslaand éénruits raam op de verdieping, de linker zijgevel heeft links een klein toiletvenstertje. De achtergevel heeft enkele eenruitsramen en, links van het vervallen éénlaags houten aanbouwtje, de entree. Achter het pand staat een (niet beschermenswaardige) vervallen houten (spaanplaat) schuur. Het pand heeft een smalle voortuin, omgeven door een eenvoudig, laag, houten hekwerkje. Daarvoor staan drie monumentale beukenbomen.

De voormalige tuinderwoning de Vlotter heeft cultuurhistorische waarde omdat het pand in zijn hoofdvorm herinnert aan de historische plattelandsbebouwing van dit agrarische gebied.
De Vlotter bezit vermoedelijk archeologische waarde die gerelateerd is aan de voormalige hofstede de Vlotter. Het pand is zeer beeldbepalend gelegen gezien vanaf de Rijksstraatweg maar ook gezien vanuit het westelijk gelegen Noord-Hollands Duinreservaat. De vlakke tuinbouwgronden rondom versterken de beeldbepalende ligging. Vanwege de combinatie van de kleinschalige, eenvoudige verschijningsvorm en het karakteristieke silhouet met de kenmerkende mansardekap, de drie monumentale beukenbomen langs de voorgevel, de vrije ligging met de onbebouwde, vlakke tuinbouwgronden rondom en het duinlandschap als coulissedecor op de achtergrond is sprake van een bijzonder landschappelijk ensemble. Het zijn deze beeldbepalende elementen die er voor gezorgd hebben dat de Vlotter een belangrijk beeldmerk is geworden voor de bevolking van Heemskerk.

bron: erfgoedregister gemeente heemskerk

Oase in de binnenduinrand

Nu, bijna vijftig jaar later, is Heemskerk een stuk opgeknapt. Café’s, restaurants, terrassen niet te kort. Alleen durf ik er nog niet naar toe. Ik hoop dat de feestweek nog even niet mag, maar ik krijg ondanks Virus Vleermuis twee nieuwe ogen en zie met het eerste al weer wat kleur. Ik rij langs het voormalige tuindershuisje. “Er gaat een wereld voor mij open”. Hoe hebben ze dat zo gauw geflikt?

Oase in de binnenduinrand

Wie oude kaarten van Noord-Holland bekijkt, ziet dat de duinen aan de Rijksstraatweg, bij het voormalige buurtschap Noorddorp, plotseling terugwijken. Ooit werden de ‘Wildernisse’ hier afgegraven en in cultuur gebracht voor de teelt van prei, spinazie en aardbeien. Precies daar, tussen de tuinderijen, staat een witgepleisterd tuindershuisje uit 1854. Het is gebouwd op de fundamenten van de 17e eeuwse hofstede ‘De Vlotter’.

De laatste jaren verkeert het onbewoonde pandje in jammerlijke staat. Het verval lijkt niet te stuiten. In 2008 overwegen de eigenaar (provincie Noord-Holland) en de beheerder (PWN) sloop. Dat brengt de nodige beroering teweeg. De Heemsstichting en de Historische kring Heemskerk komen in het geweer. De gemeente erkent het cultuurhistorische en beeldbepalende belang en verleent in 2009 de woning de status van gemeentelijk monument (Gemeentelijk monument 0396/H37 Rijkssstraatweg 217 Heemskerk Tuinderswoning “De Vlotter”)

Jeroen de Wilde valt al tien jaar voor de vervallen tuinderswoning op deze bijzondere locatie in de binnenduinrand. Regelmatig informeert hij bij PWN of het te koop komt. Oktober 2014 is het eindelijk zover. Een kijkdag trekt ruim 150 bezoekers, waaronder fotografen en filmploegen. Geïnteresseerden kunnen hun plan en bod in een gesloten envelop indienen. Jeroen de Wilde zet alle zeilen bij. Samen met monumentenarchitect Collo en landschapsarchitect Huiberts stelt hij een uitvoerig restauratievoorstel op. Uit tientallen gegadigden wordt hij geselecteerd als de gelukkige koper.
Na ruim een jaar stevig doorwerken wordt de grondige restauratie in 2016 afgerond.

bron: mooi noord-holland

zie ook: tekeningen en info

Vleermuis 28

Een tochtje door het Heemskerkerduin en tegelijk een reisje door de tijd. De zwart-witfoto’s zijn uit 1973. De kleurenfoto’s zijn van vandaag. Het gebied is erg veranderd, maar nog wel landelijk gebleven, zij het ternauwernood. De enige plek die ik na al die jaren terug kan vinden is de boerderij Zuid Endt. Het is een monument. Daarvan heeft Heemskerk er niet veel. Vlakbij, midden in het weiland, staat een klein paaltje. Het geeft de grens aan tussen Heemskerk en Beverwijk. Op het nippertje.

Heemskerkerduin

Vleermuis 26

Noordermaatweg (Heemskerk 2020)


Even een vleermuisje tussendoor. Vanmorgen om zes uur opgestaan en een rondje Noordermaatweg gelopen. Niemand gezien. Drie koeien en een droevig paard. En ontelbaar veel vogels, grutto’s, kievieten, ganzen, een heleboel zwanen en twee kluten. De kievieten joegen een reiger weg.

Thuisgekomen een boodschappenlijst gemaakt en naar het vroege uurtje in de DEKA gefietst. Daar stond al een eersteling opgesteld. Je bent nummertje twee, zei Nanny, jullie hebben de winkel voor je alleen. Maar toen de draaideur openging kwamen er plotseling uit alle hoeken en gaten op het pleintje onwaarschijnlijk veel meer grijze vogels te voorschijn. Die hadden zich verdekt opgesteld. Ik was opeens allerlaatst. Binnen namen we het niet zo nauw. We waren onder mekaar. Het ouderenuurtje was begonnen.

Dat doe ik dus nooit weer, zei ik, toen ik met mijn boodschappen weer buiten stond. Ik moest denken aan Nanny’s ouders die toen ze ook al in de zeventig waren hun vrije reis gingen opmaken en dat was natuurlijk zo lang en zo ver mogelijk. In Maastricht zaten ze dan al vroeg op een terras aan het Vrijthof van hun koffie met appelgebak te genieten, dachten ze, “maar dan werd er zo’n bus met oudjes uitgeladen”. En dan moest je dus wegwezen begrepen wij.

Vleermuis 10

Noordermaatweg
Heemskerk 1 april 2020

Woensdag is mijn Fit-met-Visie-dag. Maar de sportschool is dicht. Er moet dus geïmproviseerd worden. Want ik moet fit blijven. Ik ben de jongste niet meer. Zegt mijn buurvrouw. In ons hofje zeggen we mekaar de waarheid. Daarom vanmorgen in alle vroegte een rondje Noordermaatweg gedaan. Zeven kilometer in gezwinde pas. Net op tijd terug voor het ontbijt. Daarna nog wat oefeningen gedaan. Gewoon middenin de kamer. Opdrukken en zo. Dat soort werk. Ging prima. Veel beter dan wanneer je eerst aan al die akelige apparaten gehangen hebt. Maar veel gekker moet het toch niet worden. Waarom krijgen we geen huiswerk op? Waar blijft dat filmpje met aanmoedigingen van onze instructeur?

Slot Assumburg Stayokay schaaktoernooi 2020

Het Slot Assumburg Stayokay rapidschaaktoernooi was weer een vrolijke bedoening. Gelijk bij aanvang toverde wedstrijdleider Gerard Limmen al de eerste grap uit zijn computer. Richard de Jong kreeg een startrating van 14000 en begon dus op bord 1. Het extra nulletje hielp hem niet. Hij verloor van de eerste de beste onbenul. De ratingprijs kon hij dus alvast uit zijn hoofd zetten. Zijn tegenstander daarentegen was erg opgelucht. Die had nu heel even een toernooiprestatierating van maar liefst 8000. Iedereen wilde nu tegen Richard de Jong spelen. Maar daar stak Gerard een stokje voor.

Toernooidirecteur Peter Klok bleef onverstoorbaar. Hij doet dit nog twee jaar, beloofde hij aan het eind. De deelnemers beloonden hem met applaus. Fred Slingerland won het toernooi. Vorig jaar had hij ook al een gooi gedaan, maar toen mislukte die nog. Dit keer bleef hij de usual suspects Richard Schelvis, Dragan Skrobic, Thomas Broek, Paul Lieverst en Erik Schoehuijs, allemaal oud-winnaars, knap voor. De ratingprijzen gingen als ik het goed heb begrepen naar Liesbeth Roelse en Peter van Tongeren. En een eervolle vermelding krijgt Louis Witte van mij. Bij hem is het er op of er onder. Zes gewonnen drie verloren. Een compromisloze schaker. De grote verrassing in dit opzicht was Thomas Broek. Vijf remises scoorde hij. En de latte macchiatomachine ging ook stuk. Ik denk dat het de wind was die om het kasteel gierde.

Manuel Bosboom in Heemskerk

De jaarlijkse simultaan van de Heemskerkse Schaakvereniging Excelsior vond, wegens het warme weer buiten, binnen plaats in de Jansheeren. De simultaangever was Manuel Bosboom, van wie wij veel verwachtten. Hij nam ons serieus. Niks geen frivoliteiten of speculatieve offers, hoogstens een paar fianchetto’s of uitgestelde rokades. En als we per ongeluk zelf uit onze slof schoten met een wilde opmars van een koningsvleugelpion, dan mompelde hij: heb ik wel eens eerder gezien, maar hoe ging dat ook al weer. En als we echt iets stoms deden, zei hij: zou ik niet doen. En dan deden we een andere en dan zei hij: dat is al een veel betere. Hij danste langs de borden en nam de tijd. Dan werden hem zo links en rechts biertjes aangeboden en kon het gebeuren dat er overal duvels stonden, waarvan we niet wisten of die van hem of van ons waren, maar waar hij, als hij langs kwam, vrolijk zijn glas mee vulde. Langzamerhand werd ons duidelijk dat we er dit keer genadig van af zouden komen, want ofschoon niemand van ons won stond Manuel wel veel remises toe. Soms zei hij dan voorzichtig: ik denk wel dat ik beter stond, maar moeilijk eindspel en nog een heel gedoe. Normaal zeggen wij zulke dingen. Maar hij was ook geen grootmeester, benadrukte hij, toen iemand dat wel dacht. Dus toen durfden we gewoon met hem te praten en aan het eind gingen we met een goed gevoel naar huis.

Hij had wat zitten rommelen op zijn bord en toen opeens stond Manuel Bosboom weer voor zijn neus. Het jonge schakertje was even de draad kwijt. Hij had zijn dame, die Manuel de vorige zet had geslagen, in zijn hand. Hij probeerde de stelling weer op te zetten. Manuel vroeg: waar stond die dame ook al weer, ik weet het even niet meer. Het jongetje zette de dame ergens op het bord, het was nog niet zo makkelijk om een goed plekje te vinden. Nee, daar stond ze niet, zei Manuel, want dan had ik ‘r wel geslagen. Ja dat vond het jongetje, die nou helemaal in de war was, ook. Geef mij die dame eens, zei Manuel. En weg was zij. Het jongetje zette grote ogen op. Alleen het vilten onderkantje stak nog uit Manuels mond. En toen opeens ook dat niet meer. Manuel slikte en greep naar zijn maag. Het jongetje ging een licht op. Dit kende hij, ik denk vast en zeker van zijn vader of een oom. Hij was niet achterlijk. Dus hij wees ogenblikkelijk een hand aan. Dat was natuurlijk de verkeerde. Manuel was ook niet van gisteren. Toen de andere. Dat was dus de goede. De dame werd terug gezet, maar niet op het bord, want dat strookte niet met het rechtvaardigheidsgevoel van de jonge speler.

Loek van Wely goochelt met jokers tijdens Heemskerkse zomerschaaksimultaan


De 42e Heemskerkse zomerschaaksimultaan dit jaar is een van de leukste geworden die ik heb meegemaakt. Dat kwam niet in de laatste plaats door Loek van Wely die zich een uitmuntend ambassadeur van de schaaksport toonde. Maar ook omdat de simultaan ín de Jansheeren werd gehouden. En zo hoort het. Schaken is een denksport en geen buitensport. In alle rust deden we nu onze zetten. Totdat aan het eind van de middag in een belendende zaal een heel ander feest losbarstte. Niemand die daar om maalde. We waren de draad toch al kwijt.

Eén speler was een beetje bang voor de grootmeester. Die had dus maatregelen genomen. Maar ook Loek kwam met een nieuwtje. We mochten in de partij één keer een joker inzetten. Dan konden we aan hem vragen wat we volgens hem het beste konden doen (!) Hij beloofde naar eer en geweten te antwoorden (?)  Daar werd eerst schoorvoetend maar al gauw ongebreideld gebruik van gemaakt.

Hij nam er ruim de tijd voor en zijn uitleg was meestal leerzaam en altijd geestig. Sommige spelers dachten slim te zijn en trapten daar niet in. Zij verloren. Anderen volgden zijn advies op. Zij verloren ook. Dus hoe het nu precies zat met die jokers weten we nog steeds niet. Maar wat hebben we gelachen.

Ondertussen kregen we zo’n donkerbruin vermoeden dat de grootmeester zich had voorgenomen alles te winnen. Maar dat is hem niet gelukt. Twee remises moest hij toestaan. En van Bastiaan Veltkamp verloor hij. Die had geen joker nodig: Loek trapte in eigen doel.

Start diashow en/of klik op foto voor een vergroting

en kijk ook nog even naar de partij Loek van Wely-Thiemen Dekker

 

 

Oldtimers en een overjarige kleinbeeldfilm

In een kast vond ik een onbelichte kleinbeeldfilm van Ilford met als uiterste ontwikkeldatum november 2009. Dat is bijna negen jaar geleden! Weggooien of proberen? Ik koos voor het laatste. Oldtimers in het centrum van Heemskerk waren een geschikt onderwerp. Meestal worden ze van voren geportretteerd. Ik deed het dus van achteren. Ik wachtte in spanning het resultaat af. Zoals vroeger. Je had geen idee wat je camera allemaal verzon. Soms stond er helemaal niets op zo’n film, vaak leek het nergens op. Je zag het pas achteraf.

Het viel reuze mee. Er was beeld en niet eens zo gek. Toch knap om na zo veel jaar op een scheutje licht te hebben gewacht nog respons te geven. Al is het dan in louter zwart en wit.

De negatieven zijn gescand met mijn Nikon Coolscan LS-5000. Ook al zo’n fossiel. Het ding zwoegt en bromt en piept maar weigert onder Windows 10 dienst, dus moet ik om die oude knorrepot te paaien Windows XP van stal halen. Over oldtimers gesproken.

Stayokay rapidschaaktoernooi -2-

Richard Schelvis wint in de laatste ronde van Cas Kok

Het Stayokay rapidschaaktoernooi van de Heemskerkse Schaakvereniging Excelsior in Slot Assumburg is gewonnen door Richard Schelvis. Hij bleef ongeslagen, evenals zijn clubgenoot en naaste belager Bastiaan Veltkamp, die echter een halfje te kort kwam.

In de tuin van Slot Assumburg

Zie voor de volledige einduitslag de website van HSV Excelsior

Stayokay rapidschaaktoernooi -1-


Na de eerste dag van het Stayokay-rapidschaaktoernooi in Slot Assumburg, georganiseerd door de Heemskerkse Schaakvereniging Excelsior, gaan Erik Schoehuijs en Richard Schelvis gezamenlijk aan de leiding met 4½ punt uit 5 partijen. Zij speelden in hun onderlinge partij remise. Een half punt minder hebben Paul Lieverst, Thomas Broek en Bastiaan Veltkamp. Morgen volgen er nog vier ronden.

ADO’20


***

Sportpark De Vlotter 12 mei 1974



Het zestiende

In 1973 voetbalden we met vier man uit mijn flat bij ADO. We hadden eerst wat geoefend op een knollenveldje aan het eind van de straat en toen bij Veldhuis de stoute voetbalschoenen aangetrokken om ons vervolgens gezamenlijk aan te melden bij de grootste voetbalvereniging van Nederland toen nog.

Ben, mijn buurman, was de praatjesmaker en aanvoerder. Onder mij woonde Dik, de midvoor, die echt niet tegen zijn verlies kon, en aan het eind van de galerij Jan, de keeper en in het bezit van een gesigneerde langspeelplaat van de Rolling Stones, waar ik erg jaloers op was. Samen met nog zeven anderen waren wij het zestiende. De uitwedstrijden deden we met de besteleend van Jan, waarin hij achterin een matras had gelegd om het wat gerieflijker voor ons te maken, want zijn bochten waren nogal onvoorspelbaar, vooral op de terugweg.

We hadden allemaal onze specialiteit. Ik kreeg bijvoorbeeld zelden de bal, want dan begon ik als een blinde kip te rennen en daar werd de rest erg zenuwachtig van. Rots in de branding daarentegen was Arthur, de stopperspil. Die kopte alles weg wat los en vast zat, ook als het van een naburig veld kwam. En onze aanvoerder was de meester van de kromme bal. Als de wind niet al te ongunstig stond gingen zijn corners er zonder verdere tussenkomst van ons in, daar keek niemand meer van op.

Hans deed het anders. Hij was linksbuiten pur sang. En langs de lijn stonden de vrouwen. Hans had een oogje op mijn buurvrouw en stond daarom de hele wedstrijd strak tegen de zijlijn aan geplakt. Zodra wij de kans kregen schoten we de bal, in opdracht van onze aanvoerder, in zijn richting en riepen: Hans! Los!! En dan gooide Hans het bekertje koffie dat hij met de dames stond te drinken weg en snelde als Henri Buitenzorg met bal langs de zijlijn tot aan de cornervlag, sloeg af richting doel, peerde de knikker er in en keerde zo snel als hij kon weer terug op zijn oorspronkelijke positie. En omdat wij dat kunstje heel vaak flikten, wonnen we vaak met grote cijfers.

Op het middenveld hadden we een andere Hans geposteerd. Zijn actieradius was beperkt. Het was hem streng verboden buiten de middencirkel te komen. Daarbinnen schoffelde hij alles weg. Tegenstanders kozen dus een andere route, wij trouwens ook, zodat hij niet veel te doen had. Als hij een slechte dag had keek hij naar het gras en als hij een goeie dag had naar de wolken. En op zó’n dag kwam daaruit zomaar een bal gevallen. Zonder verder ook maar een vin te verroeren nam hij de indringer op zijn slof en scoorde de winnende goal tegen onze aartsrivaal het vijftiende. Na afloop in de kantine verklaarde hij dat al dat heen en weer geloop van ons grote onzin was. Het ging er volgens hem om dat je op het juiste moment op de juiste plaats stond.

Een speler die geen vaste plaats had was Piet. Zijn opdracht was eigenlijk heel dynamisch: hij mocht ons niet in de weg lopen. Dat deed hij zo goed mogelijk en tegen Geel Wit in Haarlem droeg hij op karakteristieke wijze zijn steentje bij. Wij waren met z’n allen naar voren gestormd om een achterstand weg te werken en opeens hoorden wij achter ons krak. Het veld was niet best en Piet had zijn been gebroken. De wedstrijd werd afgeblazen en we eindigden met hem in het ziekenhuis.

En als het echt ging spannen was daar altijd nog Jan, onze sluitpost. Hij was in Amsterdam handbalkeeper geweest en trad op in een dusdanig bespottelijke outfit dat het voor vriend en vijand een hele opgave was serieus te blijven. Het kruis van zijn veel te wijde lange broek hing tussen zijn knieën. Het gebeurde dat de bal door zijn benen werd geschoten op het moment dat hij ging zitten. Dat doen handbalkeepers. Hij keek achterom. Hij was de bal kwijt. Wij waren allemaal de bal kwijt. Totdat die, toen hij op de been was geholpen, ergens in zijn broek werd teruggevonden. Hij was dus moeilijk te passeren. Maar niet voor mij. Zonder te kijken speelde ik een keer op hem terug, toen hij naast mij stond. Hij was uitgelopen, de komediant.

Het einde kwam toen we een feest organiseerden met onze vrouwen. Dat was geen goed idee. Met ragfijne combinaties werd de ploeg finaal uit elkaar gespeeld en alleen Arthur, rots in de branding, bleef het voetbal trouw, als scheidsrechter.

Slot Assumburg Stayokay-toernooi

De 4e editie van het Slot Assumburg Stayokay rapidschaaktoernooi, dit weekend georganiseerd door de Heemskerkse Schaakvereniging Excelsior in samenwerking met de Stichting Schaakpromotie IJmond, was een daverend succes.

Wie er gewonnen heeft (en wie niet) kunt u lezen op de website van de HSV Excelsior. Bijzonder geslaagd was de mix van ernst en spel. Aan de wand waren de regels van de FIDE geprikt. In de bar van het kasteel golden andere regels. Hulde aan wedstrijdleider Tom Bleijendaal, die professioneel maar soepel met spelers en regels omging, en toernooidirecteur Peter Klok, die uit de losse pols maar met vaste hand 44 schakers en de kasteelheer te vriend hield. Ik keek een rondje of drie toe en maakte foto’s. Een bloemlezing daaruit is te zien via onderstaande link.

Fotoalbumknop