Vleermuis 85


Eline Roebers

Gisteren werd Eline Roebers FIDE Online wereldkampioen in de categorie G14. Dat zijn meisjes die op 1 januari van dit jaar nog geen 14 waren. Zij versloeg in de finale de Hongaarse Zsoka Gaal. Ik heb gekeken. Ook online. Het was spannend. En het ging mij vooral in tijdnood al gauw te snel om het allemaal te begrijpen.

Maar gelukkig was daar Dimitri Reinderman die op Schaaksite meteen na afloop de twee finalepartijen becommentarieerde en mij vooral met het volgende fragment geweldig hielp.

stelling na 25. Db2-c3
in de partij Zsoka Gaal-Eline Roebers

De witte dame kon naar c3 of d4. In beide gevallen houdt de dame de twee witte torens gedekt (beide staan aangevallen) en bovendien veld a1 onder controle. Maar op d4 staat de dame ook zelf gedekt en op c3 niet en dat maakt verschil.

Eline Roebers maakt daar met haar volgende zet gewiekst gebruik van: 25 … De7-c5!

Die moet nou wel geslagen worden: 26. Dc3xc5, waarna zwart niet meteen terugslaat maar eerst schaak geeft 26. … Ta2-a1+ De witspeelster is nu helemaal in paniek en vergeet haar dame die nog op het bord staat op c1 tussen te plaatsen alvorens Lf1 te doen (waarschijnlijk ging het haar nu ook te snel) 27. Lg2-f1? b6xc5 Tsja, nu staat de toren op b4 opnieuw aangevallen en die kan alleen nog maar naar b2, waarna Ld5-c4 de partij beslist.

Vleermuis 38

Het schaken staat op een miserabel laag pitje. Het kaarsje van zaterdagteam SC Bakkum is inmiddels uitgewaaid. Er wordt naar lucifers gezocht. Maar gaat de KNSB ons in september nog iets bieden? Bestaat de schaakbond nog wel? Bij mij zijn de schaakstukken in quarantaine gegaan. Ze hebben liever niet dat ik ze aanraak. Voor mijn eigen bestwil, zeggen ze. Dus houd ik mij bezig met de onvoorstelbare hoeveelheid schaakfoto’s van de afgelopen tijd. Bijvoorbeeld van het Tata Steel Chess Tournament begin dit jaar in Wijk aan Zee. Tjonge, wat hebben we daar een geluk gehad! Nog net voor het carnaval uit. En misschien wel voor de laatste keer.

Ondertussen lees ik dat het Max Euwe Centrum Eline Roebers heeft uitgeroepen tot schaaktalent van het jaar. Zo, denk ik dan: je hoeft het dus zelf niet te hebben, talent, je kunt er wel oog voor hebben. Ik probeer haar vaak te fotograferen zonder dat ze het merkt. Alleen lukt dat vrijwel nooit. Ze is slimmer dan ik en houdt me in de gaten. En er zitten te vaak te veel andere mensen omheen. Zoals ook hier. Een zaal vol. En bijna allemaal in de risicogroep of daartegenaan zo te zien. De wat oudere talenten dus. De man met het witte haar (ja wie?) die ken ik niet. Paul Harmse met het geruite hemd (ja welk?) die ken ik wel, want hij is van Castricum. En Sernin van de Krol die is nog jong, rijzende ster in het gilde van schaakarbiters volgens het Noordhollands Dagblad. Hij grijpt zo min mogelijk in. Dus wat we hier zien is bijzonder.

Artis de Partis snapte er geen hout van


Lost in transmission

Op 11 juli 1972 begonnen Robert James Fischer en Boris Vasiljevitsj Spassky in Reykjavik hun tweekamp om de wereldtitel schaken. Donner gaf commentaar in het Psychologisch Laboratorium van de Universiteit van Amsterdam aan het Weesperplein. Ik ging kijken. Eerste partij. Bij de ingang stond een bord waarop met krijt Nimzo ½-½ geschreven was. Ik was te laat. Dacht ik.

Boven in het gebouw stond op het demonstratiebord de stelling na de negenentwintigste zet b4-b5 van Spassky. En op de telex verscheen de zet Ld6xh2 van Fischer. Het zaaltje was in rep en roer. Niks remise. Ik was dus precies op tijd. Was dit een blunder uit balorigheid of toch weer geniaal? We wisten het even niet. De telex zweeg nu in alle talen. Nam het apparaat ons in de maling? Bestond IJsland nog? We werden door grootmeester Donner getrakteerd op de wildste varianten, waarbij hij met voorbeelden uit eigen praktijk probeerde aan te tonen dat de zet misschien niet geniaal maar toch zo gek nog niet was, waardoor wij kiebitzers steeds openlijker begonnen te vermoeden dat het dus wel een blunder moest zijn. Een beetje lacherig maar ook met groeiende bezorgdheid wachtten we de correctie af. Die niet kwam.


*

Eline Roebers in Amsterdam spelend voor VAS twee dagen voor haar vertrek naar het WK jeugd in Mumbai


De afgelopen week volgde ik het wereldkampioenschap voor de jeugd in Mumbai India. Ik moest het doen met de aandacht die ChessBase eraan besteedde, de aardige verslagen van Jan Roebers (Schaakuitzendingen) en de live stream van de partijen op ChessBomb. Dat laatste was vooral in het begin geen pretje. Zeg maar een ramp. Er klopte helemaal niets van. De gekste zetten werden ons via het internet voorgeschoteld. Zo stom waren die jongens en meisjes toch niet? En dan waren ze daar in India helemaal de draad kwijt en hielden ze er gewoon mee op. Moesten we er verder maar naar raden. Tegen het einde, Eline Roebers voerde de ranglijst van de meisjes tot en met 14 aan, begon ook Schaaksite zich er wat meer mee te bemoeien. Toen ging het mis. Eline verloor haar laatste twee partijen.

Dit is de stand na de veertiende zet van wit in de partij van Eline Roebers tegen Bat-Erdene Mungulzun uit Mongolië in de voorlaatste ronde. Op mijn scherm verscheen 14… Pb6-c4. Kat in het bakkie. Dat zag een kind. Maar toen zou Eline 15. Pd4-b3 hebben gedaan? Dacht ik niet. Daar kwam het paard net vandaan. India nam een loopje met ons. En herstelde de fout met 15…. Pc4-b6 16. Pb3-d4. Klopte natuurlijk voor geen meter, maar zo zaten we weer in het goede spoor en zwart deed paard slaat paard. Als Eline dadelijk in tijdnood nou maar doorspeelde tot en met de 42e zet dacht ik nog, wat natuurlijk onzin is, want die twee gekke zetten zijn natuurlijk in het echt nooit gespeeld. De commentatoren in Nederland dachten van wel en analyseerden de “gemiste kans” met onbegrijpelijke varianten. En daar snapte Artis de Partis nou echt helemaal geen hout van.

Tata Steel Chess Tournament 2019 tienkampen


Ondanks overweldigende steun redde Klaas Veldhuysen het niet …


Vogels vlogen met Eline mee …




Maaike Keetman


Kiebitzers in het Café van de Moriaan


Khoi Pham, een winnaar



SPAchess 2017

De zevende editie van het Amsterdam Science Park Chess Tournament is een beetje aarzelend van start gegaan met in de open hoofdgroep vier grootmeesters en zes meesters. En zonder rondeverslag. Maar toch gebeurde er zoals gebruikelijk in de tweede ronde al weer iets bijzonders, al was dat dit keer niet leuk. De wedstrijd werd dik een kwartier stilgelegd omdat er een speler onwel was geworden en er ruimte gemaakt moest worden voor de hulpdiensten. Sommige schakers ontvluchtten de warme zaal, andere jongere schakers trapten een balletje en een enkeling bleef onverstoorbaar zijn stelling bestuderen.

Manuel Bosboom en Erik Schoehuijs hadden al eerder op eigen initiatief hun klok stil gezet. Hun stelling was nog in evenwicht, maar met Manuel in veldtenue loerend vanuit een egelstelling klaar voor de sprong. Toen de klokken weer aan waren gezet verloor Erik al gauw op onbenullige wijze een stuk. Maar hij had compensatie en hij zette zijn tegenstander min of meer vast. En hoewel die in de analyse achteraf in razend tempo de meest fantastische combinaties tevoorschijn toverde, liet hij in de partij zelf zijn voordeel glippen en was zijn enige truc er een die tot remise leidde.



Thuis heeft Erik uitgevonden dat hij een paar keer door het oog van de naald is gekropen in zijn partij tegen Manuel Bosboom. Bijvoorbeeld op dit moment:

Dat valt ons dus tegen van onze held, die wij bewonderen om zijn onverschrokkenheid en combinatoire vermogen. Maar gelukkig maakt hij in de zesde ronde (bij mijn tweede bezoek aan het toernooi) alles in één klap weer goed. Tegen Hugo ten Hertog offert hij met wit op de achttiende zet doodleuk een stuk.
Hij zit er een hele tijd op te broeden en zijn tegenstander is wat gaan wandelen. Als die terugkeert bij zijn bord is hij helemaal niet verrast. Hij had niet anders verwacht. Zonder na te denken slaat hij het paard. Maar gek genoeg gaat hij onmiddellijk daarna diep in de denktank. Beiden zijn zo al snel in tijdnood. Ten Hertog verdedigt zich weifelend en de aanval van Bosboom wint aan overtuigingskracht. Dan komt er een moment dat de een niet ziet aankomen en de ander ongezien laat passeren.

Bosboom-Ten Hertog, stand na 28. … Pa5-b3



De laatste ronde van het toernooi, dat dit jaar toch al aan bloedarmoede leed (matige deelname, nauwelijks verslaggeving, geen nevenactiviteiten), was niet de beste en al helemaal niet voor Liafbern Riemersma, die van zijn fiets viel en het punt zonder te spelen aan Manuel Bosboom moest laten. Maar het toernooi kreeg wel een knappe winnaar: Erik van den Doel, verdiend en ongeslagen.

De andere winnaars waren: Wytse van der Velde (groep B), Quirine Naber (groep C), Frank Beusen (groep D), Hing Ting Lai (dagvierkamp groep A), Bas Haver (weekendvierkamp groep A) en Colin Stolwijk (NK studenten).