Maar Kiki Bertens won Madrid

In Zoetermeer deed De Wijker Toren 2 een gooi naar promotie. De beste zeven nummers twee in de uit negen poules bestaande vierde klasse waren recht hebbend. Rekenmeesters hadden uitgevogeld dat zelfs verlies niet gelijk een ramp was. Want dan moesten in zes andere klassen zeven van alle acht nog kans hebbende ploegen winnen. Vrijwel onmogelijk. Statistisch gezien. Maar u begrijpt al wat er in deze barre tijden gebeurde. Ze wonnen alle acht. Tegen zoveel overkill kan geen kansberekening op.

Terug naar Zoetermeer. Er moest dus gewonnen worden of tenminste gelijkgespeeld. Tegen de kampioen Botwinnik. In het thuishonk van die andere club in Zoetermeer die de hoopvolle naam Promotie draagt. U kijkt er vast niet vreemd van op dat wij op het juiste tijdstip op de verkeerde plaats stonden. Maar geen nood, het stratenplan van Zoetermeer is heel inzichtelijk, dus legden we in een mum van tijd aan bij onze echte bestemming: wooncentrum De Gondelkade.

We baanden ons een weg, door wat eufemistisch het eetcafé heette, naar de schaakzaal. Het was een gezellige boel. De bestelde broodjes kroket werden desgewenst bij je bord afgeleverd en bier was er ook in ruime mate. Later op de middag zou in het restaurant enthousiast gekiend worden. Wij hielden het bij schaken. Dat wil zeggen de teams van Promotie, Botwinnik, DD, Almere en De Wijker Toren. Ik maakte foto’s.

Dragan was als eerste klaar. Hoe kon het anders. Zijn tegenstander Rinze Mulders gaf zijn dame voor een handvol stukken, maar vergat toen zijn koning in veiligheid te brengen. Dragan was er weer eens als de kippen bij. Hierboven lijkt het of hij nadenkt. Dat is schijn. Dragan denkt niet na. Hij doet.

Botwinnik 1 – De Wijker Toren 2

Peter Uylings moest ruim een half uur wachten op zijn tegenstander Arno van der Lubben. Dat haalde de vaart er een beetje uit. Opa kwam te laat op gang en hervond zijn vorm pas na de partij. Koning van de nabeschouwing. En ook Wim Rakhorst dolf het onderspit. Zijn tegenstander Wouter Bik gaf in de opening eerst twee pionnen weg maar won er even later al combinerend drie terug, waarna er voor Wim geen eer meer te behalen was.

We stonden achter en dat bleef een tijdje zo. Want Dennis Bruyn schoof tegen Arno Middelkoop vlekkeloos remise en Paul Spruit deed hetzelfde tegen Thom Beeren. Die laatste twee trakteerden elkaar op een spelletje wederzijds catenaccio, waar Helenio Herrero vijftig jaar geleden nog van had kunnen leren. De middenlijn werd lange tijd niet gepasseerd. Loerend naar elkaar werd pas om half vier gerokeerd. Allebei dezelfde kant op. Lang.

Roger Labruyère met vechtpet

Ik deed een rondje door de zaal. Promotie 1 speelde tegen Almere 2 en Promotie 2 tegen DD 3. Beide teams van Promotie wonnen. Er kwam een man naar mij toe. Bent u fotograaf? Ik heb u eerder gezien, bij het Tata Steel Chess toernooi in Wijk aan Zee. Daar liep u ook al zo rond. En hij deed voor hoe. Hobbyfotograaf, nuanceerde ik. En ik dacht: ik val toch meer op dan me lief is.

Tom Vokurka komt op de koffie

Nuances daar ging het om. En die zouden ons de das om doen. Was de ene nestor Peter Uylings even te langzaam, de andere nestor Nico Kok was tegen Stefan Buchly even te snel geweest. Later legde hij aan een meegereisde scorebordjournalist uit dat het pionoffer nog wel klopte maar even daarna het schaakje te overhaast was. Een beginnersfout dus. (Dit laatste schrappen in de definitieve versie!)

Nu stonden we echt serieus achter en hing promotie aan de zijden draadjes van de rekenmeesters. Arjan Wijnberg en Cas Kok moesten allebei winnen. En dat gingen ze doen. Zo te zien. Arjan na de wonderlijkste taferelen tegen zijn tegenstander Rogier Zoun, die zich offerend een weg naar Arjans koning had gehakt, maar toen in tijdnood niet doortastend genoeg was, en Cas die tegen Erik Middelkoop op het punt stond het eindspel kundig in zijn voordeel te beslissen.

De zet die Cas niet deed

Het ging dus anders. Ja, Arjan won. Maar Cas maakte, zeg maar…een vingerfout.

We zaten bij te komen in de heksenketel van het Wereldrestaurant in Beverwijk. Wonden likken was het. Net niet bij de beste zeven nummers twee, spraken de mannen monter. De een na slechtste nummer twee bedacht ik somber. (Dit misschien ook maar schrappen) Kat met een u was het, zoals ik eerder in de week een Amsterdamse marktkoopman overdreven netjes uit de hoek had horen komen toen hij het over Ajax had. Dennis Bruyn ging nog maar eens iets te eten halen. En Kiki Bertens won Madrid.