De man die voor zijn plezier speelde

Indrukken van een toeschouwer

Wijk aan Zee. De eerste twee teams van De Wijker Toren spelen een thuiswedstrijd, dat zijn achttien vaak onbegrijpelijke partijen. Maar dit keer niet, want vrijwel onmiddellijk wordt mijn aandacht getrokken door een man die voor zijn plezier speelt, met alle stukken netjes op hun plaats. Hij kan er niet van af blijven, ook als hij niet aan zet is. Zo, die kan ook nog wat rechter, of zijn tegenstander het niet erg vindt. Nou, die vindt het geen probleem, maar vanaf dat moment gaan de stukken ongemeen zwierig – ik deed het niet met opzet, zou de dader later toegeven – over de velden. Vooral de paarden maken rare sprongen. Niet in toom te houden eigenlijk. Totdat de man die voor zijn plezier speelt er genoeg van heeft. Zo wil ik niet verder spelen, briest hij, ik dien een protest in. De wedstrijdleider moet er aan te pas komen. In ben in tijdnood en alle stukken staan scheef, huilt de man die voor zijn plezier speelt. Op de gang komt hij tot bedaren. Hij zal het nog één keer proberen. De partij gaat verder en de wedstrijdleider staat er nu met zijn neus bovenop. De Wijker Toren is aan zet. Meteen gaat het fout. De paardzet is onberispelijk, het indrukken van de klok ook, maar daarna het extra op zijn plaats zetten van het paard niet. Zie je wel, nou doet hij het weer, roept de man die voor zijn plezier speelt, niet geheel naar waarheid, want hij is zelf degene die dat steeds heeft gedaan. Maar de wedstrijdleider grijpt in. De man die voor zijn plezier speelt krijgt er een minuut bij. Daarmee haalt hij op het nippertje de tijdcontrole en de gemoederen lijken gesust. De paarden springen zoals het hoort en alleen de man die voor zijn plezier speelt zet ze nog wel eens recht nadat hij de klok heeft ingedrukt, maar alleen als er niemand in de buurt is en voor de zekerheid mompelt hij j’adoube. Totdat de Wijker Toren paardwinst mist en vals de zetten herhaalt om te proberen de stelling opnieuw op het bord te krijgen. De man die voor zijn plezier speelt gaat vragen of hij remise mag maken. Dat mag. En zo verliest de man die voor zijn plezier speelt alsnog zijn paard. Nu zijn de rapen gaar. Het winnende paard gaat parmantig en overdreven precies over de velden, maar neemt soms wel een raar omweggetje. Het hoofd van de man die, naar eigen zeggen, voor zijn plezier speelt wordt steeds roder. Hij ontploft. Tegen zo’n galbak speel ik niet verder, verklaart hij en met de wedstrijdleider in zijn kielzog verlaat de man die voor zijn plezier speelde het toneel.

ES

(eerder gepubliceerd op de website van De Wijkertoren, november 2008)