Oostum

Het kerkje van Oostum ligt langs het Pieterpad op de wierde van het dorp en trekt alleen daarom al veel bekijks. Het is niet altijd open, maar de sleutel is op nummer 19 staat er op een bordje bij de ingang.

We zien een aantal dichtgemetselde ramen en aan de zuidkant een dichtgemetselde deur. De oude manneningang? En een nummer: 19. Er ligt geen sleutel.

Vanaf de afgegraven wierde en het kerkhofje hebben wij (en wij niet alleen) een prachtig uitzicht over de velden. Er is ook een soort mini ossengangetje, aangeduid met tunnel, maar dat is overwoekerd door brandnetels, wat niet fijn is voor de blote benen.

Wat mij op kerkhoven opvalt is dat er soms afkortingen in de grafstenen zijn gebeiteld, zoals Echtgen. of v/d (tussen voor- en achternaam). Alsof de rouwenden tegen elkaar zeiden: weet je wel wat zo’n letter kost? Dat mag wel wat minder. En dan moest er ook nog een fatsoenlijke tekst bij. Maar ook daar verzonnen ze wat op. Openb. 14:13 staat er dan. Leuk hoor. Het doet mij denken aan die twee grappenmakers die elkaar eindeloos dezelfde moppen vertelden. Ze hadden een vast repertoire en dat kenden ze uit hun hoofd. De een begon al te lachen als de ander nog lang niet uitverteld was. Dat kon beter. De grappen kregen een nummer en al gauw konden ze daarmee volstaan. Vierentwintig riep de één dan snedig. Hahaha schaterde de ander, om er meteen maar de dijenkletser zesennegentig tegenaan te gooien. Ze kwamen niet meer bij van het lachen en geen mens wist waar het over ging.

Oké genoeg gespot.