Noordhollands duinreservaat

Het hooglandervrouwtje stond midden op het pad en versperde mij de weg. Elke keer als ik een stap in haar richting deed, deed zij er een in de mijne. Ik zag de vliegen op haar neus en de tong in haar bek, maar vooral de horens op haar kop. Vijfentwintig meter afstand moet je houden. Wist zij dat niet? Ik zei ik doe je niets en mag ik er nu door. Zij schudde van nee en ik zag de vliegen, benieuwd hoe dit af ging lopen, een goed heenkomen zoeken. Ik dacht laat ik dan de wijste zijn. En ik maakte een omweg door distels en struikgewas. Wat wel de omgekeerde wereld is, maar je moet dit soort dingen niet op de spits drijven.