Het leven van Dirk Hout (deel 2)


Schoenmaker in Alkmaar (1809-1822)

In 1802 zijn we Dirk Hout kwijt geraakt. We komen hem pas weer tegen in 1809, als hij op 12 februari 1809 trouwt met Marijtje Sille uit Uitgeest.

Uitgeest DTB-boek Ondertrouw alle gezindten

Aangegeven tot ondertrouw den 28 januari Dirk Jansz Hout meerderjarige J.M. geboren te Alkmaar en wonende te Heemskerk met Marijte Jans Sille meerderjarige J.D. geboren te Uitgeest doch laatst gewoond hebbend te Heemskerk

Dirk is dus inmiddels in Heemskerk gaan wonen. Als schoenmakersgezel in de leer bij een schoenmaker? Veel weesjongens werden opgeleid in dat vak en in latere akten wordt schoenmaker als zijn beroep opgegeven.

Na het trouwen gaan Dirk en Marijtje in Alkmaar wonen. Daar wordt op 1 mei 1811 de eerste dochter Gesina gedoopt, weer in de St Matthiasstatie. De doopgetuige is Dirks zuster Gesina.
Hierna vinden we de geboortes van de andere kinderen in de registers van de burgerlijke stand van Alkmaar. Op 8 februari 1813 wordt Maria geboren, op 21 februari 1815 Cornelia en op 6 juli 1816 Catharina.

Met de laatste gebeurt iets vreemds. Het meisje leeft maar 28 weken maar als haar overlijden door twee commiezen wordt aangegeven, op 20 januari 1817, staat er in de akte dat op 19 januari overleden is: Johanna Christina dochter van Dirk Hout en Marijtje Sille. Hoe zij precies geheten heeft? In ieder geval wordt op 7 februari 1819 opnieuw een meisje geboren en dat wordt Johanna Christina genoemd.

Johanna en Christina. Het zijn de namen van Dirks twee in het weeshuis overleden zusjes. Zijn zusje Johanna werd kennelijk Anna genoemd en het lijkt erop (volgens de volkstelling in 1830) dat de roepnaam van zijn dochter Johanna Christina ook Anna was.

Tenslotte sluit op 28 januari 1822 Johanna Maria de rij. Dirk geeft alle zes zijn dochters keurig aan. In de geboorteakte van Cornelia staat vermeld dat de vader “declareerd niet te kunnen schrijven” wat nogal vreemd is aangezien hij dat best kon. Zou hij al last met zijn oren gehad hebben? In latere documenten wordt aangetekend dat hij hardhorend of zelfs doof is.

Uit de aangiften van de kinderen kunnen we diverse woonadressen halen.
Als Maria geboren wordt, is dat in Wijk D waarschijnlijk nr 6. Volgens de boeken van het bevolkingsregister 1822 zou dat op de Looijersgracht zijn. Dat is volgens het tijdschrift Oud Alkmaar van april 1990 een zeldzame benaming voor de Baangracht. Wijk D is dan aan de kant van de Lutherse kerk, die op de hoek van de Oudegracht en de Baangracht staat.
Cornelia wordt op de Oudegracht Wijk A nr. 36 geboren, zo ongeveer bij de Brillesteegbrug.
De twee volgende meisjes worden op de Oudegracht Wijk A nr. 75 geboren, dat is op de hoek van de Baangracht, dus precies tegenover de Lutherse kerk.
Johanna Maria tenslotte wordt op de Oudegracht Wijk A nr 52 geboren. Dit huisje lag vlak bij de Zilverstraat. Alle adressen zijn aan de singelkant van de gracht.

Prent van J.A.Crescent, Oudegracht zuidzijde bij de Zilverstraat, 1796
(Beeldbank Regionaal Archief Alkmaar)

Het laatste adres (Oudegracht Wijk A nr 52) vinden we ook terug in het register der bevolking van 1822-1828. De buurtmeesters kwamen daar begin 1822 langs en noteerden de volgende bewoners: Dirk Hout 37½ schoenmaker; Marijtje Sille 37½ ; Gesina 10½; Cornelia 8½; Johanna 6½; Maria 3½ en Gesina Maria 1 wk. De leeftijden kloppen maar de namen zijn door elkaar gehusseld. Bovendien woont ook Dirks zuster Gesina Hout op dat adres. Van haar wordt verteld dat ze naaister is, ongehuwd en 38 jaar. Ook dit laatste klopt niet: Gesina is een jaar jonger dan Dirk.

Kaart uit 1898, detail (Beeldbank Regionaal Archief Alkmaar)

Tot zover lijkt er niets aan de hand met het gezin. Een ambachtsman die met zijn gezin en zijn ongetrouwde zuster in een levendige buurt woont, hoewel ze het niet al te breed gehad zullen hebben.
De verbazing ontstaat als bij het uitzoeken van de huwelijken van de dochters al bij de eerste in 1833 een notariële akte gevoegd is met toestemming van de vader vanuit de Ommerschans.

Vanaf die tijd is er heel wat terug te vinden in de archieven. Dat is natuurlijk een goudmijn, maar het blijft de vraag hoe dat zo kwam. Was er te weinig werk in Alkmaar voor een schoenmaker of was de oorzaak drank?

Het leven van Dirk Hout (1785-1861)
Inleiding
Dirks jonge jaren
Schoenmaker in Alkmaar
Ommerschans
Naar de gevangenis
Heen en weer naar Veenhuizen


Zie ook de parenteel van Jan Hout (1758-1802)